HP-oprichter Bill Hewlett op 87-jarige leeftijd overleden

Amstelveen, 15 januari 2001 - Op vrijdagochtend 12 januari om acht uur 's morgens is William (Bill) R. Hewlett, mede-oprichter van Hewlett-Packard Company, in zijn slaap overleden. Hij is 87 jaar oud geworden.

"Onze deelneming gaat uit naar de familie. Wij delen in het verlies van een groot en ruimhartig mens", aldus Carly Fiorina, voorzitter, president en Chief Executive Officer van HP Company. "Als bewakers van zijn erfenis zien wij het als een opdracht zijn gedachtegoed, met name zijn unieke, innovatieve geest, levend te houden. Op deze manier zullen we hem waardig gedenken en zorgvuldig omgaan met de rijke erfenis die hij samen met David Packard, die in 1996 overleed, aan ons heeft toevertrouwd."

Hewlett, die zich in 1978 had teruggetrokken uit het actieve management van HP, heeft in zijn lange leven belangrijke bijdragen geleverd op het gebied van technologie, wetenschap en bedrijfskunde. Samen met David Packard, die op 26 maart 1996 is gestorven, startte hij in 1939 in een garage in Palo Alto (Cal.) Hewlett-Packard Company. Dit bedrijf is uitgegroeid tot twee multinationale ondernemingen, Hewlett Packard Company en Agilent Technologies. HP herbergt meer dan 88.500 medewerkers en behaalde in het afgelopen boekjaar een omzet van 48,8 miljard dollar. Agilent Technologies had een omzet van 10,8 miljard met meer dan 47.000 medewerkers. De garage, waar het allemaal begon, is door de staat Californië aangewezen als historische plaats.

Hoewel Hewlett zich vooral richtte op de wetenschappelijke kant van het bedrijf en Packard zich meer bezighield met de bedrijfsvoering, waren beide companen elkaars evenknie. Hun levenslange samenwerking was bepalend voor de vriendschap die ze meer dan zestig jaar deelden en vormde de basis voor hun zakelijke succes en hun innovatieve benadering van bedrijfsvoering.

Met name door hun gezamenlijke visie is HP wereldwijd bekend geworden als de onderneming die nadrukkelijk aandacht heeft voor persoonlijke ontplooiing, business management, productkwaliteit en dienstverlening. De innovatieve aanpak van personeelsbeleid en managementtechnieken, bekend als de HP Way, is inmiddels wereldwijd overgenomen. Het commitment van de oprichters ten aanzien van hun maatschappelijke verantwoordelijkheid, heeft HP gemaakt tot één van de belangrijkste voorbeelden van maatschappelijk verantwoord ondernemen ter wereld.

William Redington Hewlett werd op 20 mei 1913 geboren in Ann Arbor (Michigan). Hij verhuisde al jong met zijn ouders naar Californië, toen zijn vader als natuurkundige in dienst trad van de medische faculteit van de Universiteit van Stanford. Al tijdens zijn schooltijd groeide zijn interesse voor elektronica en radiocommunicatie. Hij startte zijn technische studie aan de Stanford University in 1930. In 1936 behaalde hij daar de Bachelor of Arts Degree. Daarna studeerde hij af als Master of Science aan het Massachusetts Institute of Technology (MIT).

Bill Hewlett en David Packard ontmoetten elkaar als studiegenoten op de Stanford University. Tijdens een bergbeklimming besloten de twee ooit samen een eigen bedrijf te starten.

In 1938 keerde Hewlett terug naar de Stanford University om zijn studie te voltooien. Daar hernieuwde hij zijn kennismaking met Packard, die op aandringen van prof. dr. Frederic E. Terman zijn functie bij General Electric had verruild voor die van wetenschappelijk medewerker bij Stanford University.

Tijdens hun studie voor de graad van Master of Science voerden de twee hun in 1934 opgevatte plan uit, mede op aandringen van hun vroegere professor dr. Frederic E. Terman. Begin 1939 startten zij met een beginkapitaal van 538 dollar Hewlett-Packard Company. In datzelfde jaar behaalde Hewlett zijn universiteitsgraad en trouwde hij met Flora Lamson, een biochemicus.

Zijn afstudeerproject vormde de basis van het eerste product van HP, de audio-oscillator. Het instrument stelde technici in staat gericht geluidssystemen te ontwikkelen en te testen, in die dagen een primeur. Eén van de eerste orders ontving HP van de Walt Disney Studio's, die acht van deze producten gebruikte bij de ontwikkeling van de soundtrack voor de film Fantasia. Ondanks hun gebrek aan zakelijke kennis behaalden de twee ondernemers al in het eerste jaar een, zij het geringe, winst. Waarmee ze de aftrap gaven voor 61 jaar winstgevend ondernemen.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog diende Hewlett als verbindingsofficier in het leger. In 1947 keerde hij terug naar HP waar hij werd benoemd tot Vice President. In 1957 volgde de benoeming tot Executive Vice President. In 1964 werd hij President, vanaf 1969 vervulde hij daarnaast ook de functie van Chief Executive Officer.

Hewlett trok zich in 1977 terug als President en een jaar later ook als Chief Executive Officer van HP. Tot 1983 bleef hij lid van het Executive Committee. In dat jaar werd hij benoemd tot Vice Chairman of the Board of Directors; in 1987 kreeg hij de eretitel Emeritus Director van HP.

Gedurende zijn carrière bij HP was Hewlett voortdurend aanwezig in de HP Laboratoria. Hij werkte vaak naast de engineers in de HP research centra. Hij stond erom bekend dat hij in een vroeg stadium succesvolle toepassingsmogelijkheden herkende van nieuwe technologieën. Nadat HP in 1968 met succes een wetenschappelijke desktoprekenmachine op de markt had gebracht, vroeg Hewlett bijvoorbeeld aan zijn engineers om iets te ontwerpen dat klein genoeg was om in de borstzak mee te nemen. Resultaat was de HP-35, de eerst wetenschappelijke zakrekenmachine, die in 1972 op de markt kwam.

Evenals Packard heeft Hewlett een substantiële bijdrage geleverd aan de financiële en sociale structuur van Hewlett-Packard. Zo ontwikkelden zij de bedrijfsvisie die ook wel de HP Way wordt genoemd. Daarbij worden de medewerkers in de onderneming centraal gesteld. Medische voorzieningen, flexibele werktijden, open bedrijfsinrichting, decentrale besluitvorming, 'management by objective' en informeel overleg zijn een aantal exponenten van deze visie.

Hewlett en Packard hebben een 'hire-and-fire' personeelsbeleid altijd afgewezen en voortdurend een uiterst conservatief financieel beleid gevoerd. Dat is de basis geweest van HP's reputatie als sterk en kwalitatief hoogstaand bedrijf.

In 1957 werd de EEG opgericht en zag Hewlett zijn kans schoon om uit te breiden buiten de VS. In 1959 opende HP een fabriek in Böblingen, Duitsland, en vestigde HP een Europees hoofdkwartier in Genève, Zwitserland.

De aandelen van Hewlett-Packard Company werden sinds 1957 op de effectenbeurs verhandeld. Zowel Hewlett als Packard behielden zelf een aanzienlijke hoeveelheid aandelen. Daarnaast konden de medewerkers vanaf het begin mee profiteren van de successen van het bedrijf door middel van een aandelenplan. Daarmee onderstreepten de oprichters het belang dat het bedrijf hecht aan de betrokkenheid van de medewerkers.

Hewlett was directeur bij Chrysler Corp., Chase Manhattan Bank, FMC Corp., The Overseas Development Council, Kaiser Foundation Hospital& Health Plan en het Palo Alto-Stanford Hospital Center. Tijdens het presidentschap van Lyndon B. Johnson was hij lid van The President's Science Advisory Comittee on Foreign Assistance Programs en The President's General Advisory Comittee.

Op grond van zijn interesse in onderwijs en gezondheidszorg maakte Hewlett van 1958 tot 1968 deel uit van het College van Bestuur van het Mills College in Oakland (Californië) en van 1963 tot 1974 van het College van bestuur van Stanford University. Van 1969 tot 1970 was hij bovendien lid van The San Francisco Regional Panel van de Commision on White House Fellows. In 1985 werd hij door de voormalige president Ronald Reagan onderscheiden met de National Medal for Science, de hoogste wetenschappelijke onderscheiding van de Verenigde Staten. Daarnaast verwierf hij veertien eredoctoraten van uiteenlopende colleges en universiteiten, waaronder die van Oxford University. Op het moment van overlijden was Hewlett directeur van de Monterey Bay Aquarium Research Institute, dat ooit door zijn vriend Packard in het leven was geroepen.

Hewlett leverde toonaangevende bijdragen aan techniek en wetenschap. Zo werkte hij mee aan verschillende toonaangevende elektrotechnische publicaties en bezat hij een groot aantal patenten. Hij was lid van de National Academy of Sciences en bestuurslid van The American Academy of Arts and Sciences. Hij was medeoprichter van The American Electronics Association, lid van The National Academy of Engineering en lid voor het leven van The Institute of Electrical and Electronics Engineers (IEEE) en The Instrument Society of America.

In 1966 is de William and Flora Hewlett Foundation opgericht met als doel de vérgaande filantropische activiteiten van de Hewlett-familie te beheren. De Foundation geeft belangrijke financiële steun aan organisaties op het gebied van conflictoplossing, onderwijs, milieubeheer, de verhouding tussen de VS en Latijns-Amerika, maatschappelijke ontwikkeling, cultuur en gezondheidszorg.

Door de jaren heen gaven Hewlett en Packard op persoonlijke titel donaties aan de Stanford University tot een bedrag van 300 miljoen dollar. Voor de oprichting van een wetenschappelijk complex schonken zij in oktober 1994 77,4 miljoen dollar. In 1994 stelden zij ieder 12,5 miljoen dollar beschikbaar voor de oprichting van de Frederick Terman leerstoel, waarmee zij hun oude leermeester wilden eren.

In 1994 doneerde Hewlett 70 miljoen dollar aan het Public Policy Institute of California, een onafhankelijke non-profit onderzoeksinstelling die tot doel heeft morele waarden te bewaken.

Hewlett hield van alle facetten van het buitenleven. Zo ging hij veelvuldig skiën, jagen en vissen. Samen met Packard beheerde hij uitgestrekte veeboerderijen in Californië en Idoha. Hij voelde zich sterk betrokken bij de milieubescherming, onder meer bij Lake Tahoe en de Sierra Region in Californië. Op latere leeftijd hield hij zich ook bezig met botanie, fotografie en geschiedenis.

In 1977 overleed Flora Hewlett en in 1978 hertrouwde Hewlett met Rosemary Bradford. Bill Hewlett laat, behalve zijn vrouw Rosemary, vijf kinderen achter uit zijn eerste huwelijk (Eleonar, Walter B., William A., James S. en Mary). Bovendien had hij vijf stiefkinderen uit zijn tweede huwelijk (David C., Robert A., Peter K. Jeffrey M. en Deborah).

Contactpersoon voor de redactie:
(