Universiteit Twente

PB 01/07 7-2-2001

Oratie prof. Kessels over Human Resources Development

Je kunt niet slim zijn tegen je zin

De aandacht voor kennis is de afgelopen tien jaar zo sterk gegroeid, dat we spreken over een kennisintensieve organisatie, een kennissysteem, kenniscentrum, kennismanagement en een kennismaatschappij. We leven in een kenniseconomie, waarin alleen lerende organisaties het goed doen. Hoe kunnen medewerkers deelnemen in de kennisontwikkeling van een onderneming, instelling of instituut? "Dat kan door mensen te verleiden tot kennisproductiviteit. Je kunt wel iemand aansporen om harder te werken, maar je kunt niet slim zijn tegen je zin". Aldus professor Joseph Kessels in zijn oratie op 8 februari met als titel "Verleiden tot kennisproductiviteit".

Joseph Kessels ontving in 1989 van de Nederlandse Vereniging van Opleidingsfunctionarissen (NVvO) de eerste Opleidingsonderscheiding. Tijdens de diës natalis van de UT, vorig jaar november, kreeg hij de Onderwijsprijs 2000 vanwege zijn vernieuwende impulsen op het gebied van onderwijs. Hij is voorstander van een grotere samenwerking tussen het wetenschappelijk onderwijs en het bedrijfsleven en specialist op het gebied van duale leertrajecten in het wetenschappelijk onderwijs. Kessels houdt zijn oratie bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar Human Resources Development aan de faculteit Toegepaste Onderwijskunde van de Universiteit Twente.

Gunstig leerklimaat
Een van de opvattingen die ten grondslag liggen aan de kenniseconomie, is dat de toepassing van kennis meer waarde toevoegt dan traditionele factoren als kapitaal, grondstoffen en arbeid. Hierdoor verschuift het accent van de waardering voor fysieke arbeid en het organisatievermogen naar het vermogen om een bijdrage te leveren aan het proces van kennisontwikkeling en het toepassen daarvan. Professor Kessels: "Kennisproductiviteit zal de komende jaren een steeds kritischer economische factor worden. De kennismanager is in het leven geroepen om kennis te kunnen plannen, sturen, beheersen, opslaan en delen. Het is de vraag of er in de kenniseconomie nog plaats is voor dergelijke managers." Volgens Kessels moeten we kennisproductie niet overlaten aan een manager, maar moeten we een werkomgeving creëren met een gunstig leerklimaat.
Een gunstig leerklimaat schep je niet door het aanbieden van cursussen en trainingen, maar door het bieden van een veilige en open sfeer. De ingrediënten die hieraan bijdragen, zijn wederzijds respect, waardering en integriteit tussen collegas.

Rol ICT overschat
Bij het inrichten van een kennisproductieve werkomgeving blijken formele systemen voor kennismanagement nauwelijks een bijdrage te leveren aan de organisatie. Kessels: "Een eenzijdig accent op het ontwikkelen van technologische kennis gaat vaak ten koste van het begrijpen van de leerprocessen die eraan ten grondslag liggen en die de feitelijke, duurzame waarde van een organisatie vertegenwoordigen. De rol van Informatie- en communicatietechnologie (ICT) wordt veelal overschat, zeker als er een eenzijdig accent ligt op de technische aanpak. ICT vervult waarschijnlijk veel meer een functie bij het verbinden van mensen en doet dat veel minder bij het vergaren en verspreiden van expliciete kennis."

Corporate curriculum
Kessels zienswijze komt voort uit zijn opvatting over kennis. Hij ziet kennis als een persoonlijke bekwaamheid: "Het gaat bij kennis niet alleen om het routinematig toepassen van regels en procedures bij de aanpak van problemen, maar ook om het verbeteren van de regels, het analyseren van nieuwe situaties, het ontwikkelen van nieuwe concepten en het beter greep krijgen op de denk- en leerprocessen die nodig zijn voor het ontwikkelen van deze vaardigheden. Het gaat in wezen om het vermogen en de wijze waarop medewerkers, teams en afdelingen verbeteringen en vernieuwingen bewerkstelligen op basis van kennis." Kennisproductiviteit is het vermogen om relevante informatie op te sporen en hiermee een nieuwe bekwaamheid te ontwikkelen om deze vervolgens toe te passen.

Het corporate curriculum, het leerplan van een organisatie, zou hierop moeten inspelen door het creëren van een werkomgeving waarin leren en werken samenvallen. Op en rond het werk voltrekken zich dagelijks leerprocessen die vele malen krachtiger zijn dan die in kunstmatig georganiseerde cursussen, trainingen en opleidingen. Door op zoek te gaan naar de affiniteiten, emoties en affecties die ons nieuwsgierig maken, in beweging brengen en aanzetten tot bijzondere prestaties, kunnen we elkaar verleiden tot kennisproductiviteit."

Creatieve onrust
Kessels somt in zijn oratie een aantal samenhangende elementen op die een organisatie slagvaardiger kunnen maken, zoals het leren opsporen en aanpakken van nieuwe problemen met behulp van verworven kennis en het verwerven van communicatieve vaardigheden om ons toegang te verschaffen tot kennisnetwerken van anderen. In het kader van je kunt niet slim zijn tegen je zin, noemt hij het zelf leren reguleren van motivatie, affiniteiten, emoties en affecties rond het werken en het leren. Het is van belang om uit te vinden wat belangrijke persoonlijke themas zijn en hoe je die kunt ontwikkelen.
Maar net zo belangrijk is een balans tussen de factoren rust, stabiliteit en creatieve onrust. Medewerkers moeten de kans krijgen om zich een plan, idee of werkwijze eigen te maken en verder te ontwikkelen. Te veel rust en stabiliteit zou echter ook kunnen leiden tot eenzijdige specialisatie, te sterke interne gerichtheid of luiheid. Creatieve onrust zet aan tot radicale innovatie en kan het gevolg zijn van een sterke gedrevenheid om een lastig vraagstuk op te lossen.

"Maar niet alle onrust is creatieve onrust. Enkel een verstoring, zonder de gedrevenheid tot vernieuwing is irritant; teveel creatieve onrust mag duizend nieuwe ideeën opleveren, maar laat weinig ruimte om er ook maar één uit te werken.
In een kennisproductieve werkomgeving besteden mensen veel aandacht aan hun wederzijdse aantrekkelijkheid en proberen ze hun passie op te sporen en vorm te geven. De kwaliteit van de samenwerking en de gedrevenheid vanuit die passie leiden tot verbetering en radicale vernieuwing."

Noot voor de pers:
U kunt de tekst "Verleiden tot kennisproductiviteit" opvragen bij de dienst Communicatie en Transfer van de Universiteit Twente, tel. 053 489 4852.

Contactpersoondienst Communicatie en Transfer:
Mw. drs. B. Koopmans, tel. (053) 489 4366, e-mail: b.j.m.koopmans@cent.utwente.nl
Internet: www.utwente.nl

© Universiteit Twente 1997-2000