College voor zorgverzekeringen

Geleidelijke invoering meer marktwerking in farmazorg 25 oktober 2001
Afschaffen GVS kost ruim half miljard

Het College voor zorgverzekeringen (CVZ) pleit voor een geleidelijke versterking van de regierol van zorgverzekeraars bij de verstrekking van farmaceutische hulp. Om hun rol bij de inkoop te versterken stelt het CVZ voor bijlage 1 te wijzigen in een lijst waarop slechts de stofnaam van de verschillende geneesmiddelen wordt vermeld. Dit voorstel vermindert bovendien de administratieve belasting rond de opname van nieuwe geneesmiddelen in het Geneesmiddelen Vergoedingssysteem (GVS).
Pakketdifferentiatie alleen voor geneesmiddelen als middel om onderling te concurreren op het pakket en de premie stuit op veel praktische bezwaren. Op het moment dat de zorgverzekeraars een actieve rol spelen in de onderhandelingen en bij het maken van afspraken met zorgaanbieders, kunnen de vergoedingslimieten verdwijnen. Het afschaffen van het GVS op dit moment leidt tot geraamde meerkosten van circa 521 mln. gulden per jaar. Dit schrijft het CVZ in zijn rapport 'Flexibilisering aanspraak geneesmiddelen en pakketdifferentiatie', dat op donderdag 25 oktober 2001 door het College is vastgesteld.

Enige tijd geleden heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) het CVZ verzocht een toets uit te voeren over de flexibilisering van de aanspraak op farmaceutische zorg en de mogelijkheden voor pakketdifferentiatie. Achtergrond van het verzoek van de minister is de wens de regierol van de zorgverzekeraar te versterken. Eén van de mogelijkheden daarvoor is om binnen de wettelijke aanspraak het geneesmiddelenpakket per verzekeraar te doen verschillen.
De minister vroeg het CVZ deze mogelijkheid nader te onderzoeken. Daarbij waren drie vragen van belang: Wat betekent dit voor de verzekerde? Wat zijn de gevolgen voor de uitvoering van de wettelijke verzekering? Wat betekent dit voor het huidige GVS en in het bijzonder voor de toelating van nieuwe geneesmiddelen?
De minister gaf daarbij aan dat voor de samenstelling van het geneesmiddelenpakket voldaan moest worden aan de randvoorwaarden dat de noodzakelijke zorg via de wettelijke verzekering beschikbaar moet blijven en op een therapeutisch verantwoorde wijze moet worden geleverd. Deze randvoorwaarden worden door het CVZ onderschreven en zijn gebruikt als uitgangspunt voor het onderzoek naar de mogelijkheden voor een meer flexibele omschrijving van de aanspraak op geneesmiddelen, gericht op pakketdifferentiatie.

Twee opties
Voor de pakketdifferentiatie onderzocht het CVZ twee opties. In beide opties wordt de huidige lijst met producten vervangen door een lijst met alleen de samenstelling van de geneesmiddelen. In optie 1 omvat het pakket ten minste één product met een dergelijke samenstelling. In optie 2 kan de keuze verder worden beperkt tot een bepaald aantal geneesmiddelen per GVS-cluster (groep onderling vervangbare middelen). Beide opties bieden de mogelijkheid beperkingen aan te brengen in de omvang van het huidige pakket. Voor beide opties geldt als voorwaarde dat op stofnaam en niet op merknaam wordt voorgeschreven. Het CVZ is van mening dat invoering van pakketdifferentiatie op dit moment zeer moeilijk uitvoerbaar is. Onderzoek wijst uit dat er onvoldoende draagvlak is bij de direct betrokkenen in verband met een grote administratieve belasting. Pakketdifferentiatie alleen voor geneesmiddelen als middel om onderling te concurreren op het pakket en de premie stuit bovendien op veel problemen.

Gevolgen voor betrokkenen
Pakketdifferentiatie heeft belangrijke gevolgen voor de verzekerde, de verzekeraar, de voorschrijver, de afleveraar en de farmaceutische industrie. Indien de pakketten van de zorgverzekeraars verschillen kunnen verzekerden kiezen voor een pakket-samenstelling en nominale premie die aansluit bij hun wensen. Om verzekerden in staat te stellen hun keuzemogelijkheden te benutten moeten transparantie en toegankelijkheid zijn gewaarborgd.
Voor voorschrijvers zal naar verwachting een beperking van het pakket volgens optie 1 geen uitvoeringstechnische problemen opleveren. Een verdere beperking volgens optie 2 stuit op weerstand, omdat voorschrijvers niet verwachten dat met meerdere verzekeraars verschillende afspraken worden gemaakt over genees-middelenkeuze. Voor apothekers geldt dat pakketdifferentiatie bij zowel optie 1 als optie 2 grote consequenties heeft. Dit komt omdat in beide situaties in meer of mindere mate sprake kan zijn van het concreet overnemen van taken van de apotheker door de zorgverzekeraar. Het gaat dan om taken met betrekking tot inkoop en voorraadbeheer.
De gevolgen van de inkoop door zorgverzekeraars kunnen voor de groothandel en de industrie eveneens aanzienlijk zijn. Met name de kleinere aanbieders lopen de kans uit de markt te worden gedrukt door de grote, breed gesorteerde groothandels en door producenten die een breed assortiment voeren en dus in veel marktsegmenten actief zijn.

Geneesmiddelen Vergoedingssysteem (GVS)
Invoering van een flexibele omschrijving van de wettelijke aanspraak heeft belangrijke gevolgen voor het huidige GVS. Afschaffing van de GVS-limieten, zonder dat er voldoende "counter-vailing power" is van de zorgverzekeraar, zal volgens het CVZ leiden tot een stijging van de geneesmiddelenkosten met circa 521 mln. gulden per jaar. In het belang van de toegankelijkheid en doelmatigheid van de zorg is het CVZ een voorstander van een centrale beoordeling van nieuwe geneesmiddelen, zoals nu gebeurt voor opname in het GVS. Het GVS wordt dan een GAS, een Geneesmiddelen Aanspraak Systeem.

Conclusies en aanbevelingen

1. In beginsel is het mogelijk geneesmiddelen als wettelijke aanspraak zodanig te omschrijven dat verzekeraars pakketten kunnen samenstellen, die voldoen aan de voorwaarde dat de noodzakelijke zorg op een therapeutisch verantwoorde wijze kan worden geleverd. Twee opties voor een flexibele omschrijving van de verstrekking geven de grenzen aan waarbinnen differentiatie van de verstrekking mogelijk is. Optie 2 geeft meer mogelijkheden voor beperkingen dan optie 1.

2. Aan de invoering van pakketdifferentiatie ligt de veronderstelling ten grondslag dat zorgverzekeraars onderling zullen concurreren op basis van verschillen in hun pakketten. Bij de samenstelling houden zij rekening met de wensen van de verzekerden. De directe invloed van de zorgverzekeraar op de inhoud van het pakket kan leiden tot kostenbesparingen en mede daardoor ook tot premiedifferentiatie. Deze veronderstellingen ontmoeten vooralsnog grote praktische bezwaren, zoals de toename van de administratieve belasting bij zorgaanbieders en zorgverzekeraars. Ook het voorschrijfgedrag van zorgaanbieders zou per verzekeraar moeten worden aangepast.

3. Als middel om te concurreren moeten de verschillende pakketten op wezenlijke onderdelen van elkaar verschillen. De zorgaanbieders achten het echter niet aannemelijk dat met meerdere zorgverzekeraars verschillende afspraken worden gemaakt over de voorkeurkeuze, waardoor de pakketten van verzekeraars wezenlijk van elkaar verschillen. Deze reële wens vanuit het veld betekent dat het primaire doel van pakketdifferentiatie, concurrentie, moeilijk te realiseren is.

4. Willen verzekeraars de omvang van de verstrekking kunnen bepalen, dan zal de Ziekenfondswet moeten worden aangepast. Een dergelijke aanpassing geldt dan niet alleen voor de farmaceutische zorg, maar ook voor andere verstrekkingen.

5. Ondanks de praktische kanttekeningen bij de invoering van pakketdifferentiatie biedt een deel van de voorstellen voor een flexibele omschrijving van de aanspraak de zorgverzekeraar meer mogelijkheden om zijn regierol binnen de zorg te versterken. De aandacht van de zorgverzekeraar zou zich daarbij vooral moeten richten op de inkoop van geneesmiddelen en het formulariumbeleid.
6. Het CVZ vindt het belangrijk dat zorgverzekeraars hun bestaande bevoegdheden beter benutten. De selectie van voor te schrijven en af te leveren geneesmiddelen kan binnen de wettelijke verstrekkingsgrenzen in afspraken met zorgaanbieders worden geconcretiseerd en contractueel worden vastgelegd. Het primaire doel van deze afspraken is verbetering van de kwaliteit van de zorg en beheersing van de eigen kosten.

7. De regierol van de zorgverzekeraar kan verder worden versterkt door een flexibele omschrijving van de bijlage 1 van de Regeling farmaceutische hulp. Het CVZ beveelt de minister aan de huidige lijst met producten te wijzigen in een lijst waarop slechts de samenstelling van de verschillende geneesmiddelen wordt vermeld. Deze omschrijving sluit beter aan bij het huidige beleid om geneesmiddelen op stofnaam voor te schrijven en versterkt de positie van de zorgverzekeraar omdat een claim op een bepaald product niet bij voorbaat vastligt. Dit voorstel vermindert daarnaast de administratieve belasting rond de opname van nieuwe geneesmiddelen in het GVS.

8. Een actieve rol van de zorgverzekeraar bij de inkoop van geneesmiddelen vereist verder dat in de overeenkomsten met apothekers duidelijke afspraken worden gemaakt. Een nieuwe honoreringsstructuur voor apothekers is daarbij noodzakelijk. De afspraken daarover zijn al in een vergevorderd stadium.
9. Het CVZ acht het van groot belang dat zorgverzekeraars op adequate wijze aan hun verzekerden bekend maken welke afspraken met zorgaanbieders zijn gemaakt over de keuze van geneesmiddelen. Deze voorlichting dient te geschieden volgens een uniform format zodat verzekerden goed in staat zijn onderlinge vergelijkingen te maken.
10. Voor twee belangrijke producten zal de komende jaren het octrooi verlopen: in 2002 Losec (omzet 365 mln. per jaar) en in 2003 Zocor (omzet 210 mln. per jaar). Door de komst van generieke producten zijn aanzienlijke besparingen op de kosten mogelijk. Voor de zorgverzekeraar is dit een uitgelezen gelegenheid om de komende twee jaar zijn regierol vorm te geven. Het CVZ neemt zich voor waar nodig de zorgverzekeraar te ondersteunen.
11. In het belang van de toegankelijkheid en doelmatigheid van de zorg is het CVZ een voorstander van een centrale zorginhoudelijke beoordeling van geneesmiddelen, zoals thans gebeurt ten behoeve van opname in het GVS én de voorlichting aan het veld. Dat kan in de vorm van een Geneesmiddelen Aanspraak Systeem (GAS).
12. Indien de zorgverzekeraars een actieve rol kunnen spelen in de onderhandelingen en bij het maken van afspraken met zorgaanbieders, kunnen de vergoedingslimieten verdwijnen. Een ontmanteling van het GVS op dit moment zal leiden tot meerkosten van circa 521 mln. gulden per jaar.

13. Het CVZ vindt de toekenning van de regierol aan de zorgverzekeraar een goede ontwikkeling. Zij beseft echter dat de invulling daarvan lastig is en daarom geleidelijk aan moeten plaatsvinden. Een eerste stap is een betere benutting van de bestaande mogelijkheden, ondersteund door een flexibilisering van de lijst van geneesmiddelen waarop aanspraak bestaat.


Auteur: John van der Pas, telefoon 020 - 3475605
Mutatiedatum 01/10/25 14:19:39