Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie


Koninklijke onderscheidingen voor Van der Molen en Van der Ende

(27-04-2002)

Piet van der Molen en Cees van der Ende

Piet van der Molen en Cees van der Ende

Tijdens de Unieraadsvergadering van de Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie (KNAU) op 27 april hebben de scheidend voorzitter Piet van der Molen en bestuurslid Cees van der Ende een koninklijke onderscheiding ontvangen uit handen van dhr. Theo Hoekx, waarnemend directeur directie sport van het ministerie van WVC. Van der Molen ontving de orde Officier in de orde van Oranje Nassau, Van der Ende kreeg de onder-scheiding Ridder in de orde van Oranje Nassau opgespeld.

Dhr. Van der Molen kreeg de onderscheiding als waardering voor zijn dertig jaar inzet voor de sport in Nederland, met name het wielrennen en de atletiek. Hij heeft in deze sporten als vrijwilliger diverse functies vervuld op bestuurlijk niveau. In de beginjaren was Van der Molen zeer betrokken bij de wielrensport, o.a. als voorzitter van Olympia's ronde, en diverse functies binnen de Koninklijke Nederlandse Wielren Unie. Van 1983 tot 1994 was Van der Molen actief als bestuurslid van het Nederlands Olympisch Comité en de Nederlandse Sportfederatie waar hij onder andere betrokken was bij de succesvolle fusie tussen beide organisaties. Van 1996 tot 2002 vervulde Van der Molen de functie van voorzitter bij de KNAU. Hij stelt zich na zes jaar niet meer herkiesbaar omdat hij ruimte wil geven aan het "nieuwe elan" van zijn opvolger Harry Groen.

Na tien jaar bestuurslid te zijn geweest van de KNAU nam Cees van der Ende tijdens de Unieraadsvergadering van 27 april afscheid. Hij werd verrast met de koninklijke onderscheiding, Ridder in de orde van Oranje Nassau voor zijn bijna veertig jaar vrijwilligerswerk binnen de atletiek. In de beginjaren was hij vooral actief in de regio Den Haag, later steeds meer op landelijk niveau. Tijdens de over-handiging van de decoratie memoreerde Dhr Hoekx: "Van der Ende heeft zijn activiteiten voor de atletiek als vrijwilliger en met grote inzet van eigen tijd en middelen gepleegd. Hij is daarmee een voor-beeld voor vele andere vrijwilligers, temeer omdat hij niet schroomde om zelf ook de mouwen op te stropen en bij de uitvoering actief te zijn."

Beide scheidende bestuursleden werden, met instemming van de unieraadsleden, ook benoemd tot erelid van de KNAU.