College ter Beoordeling van Geneesmiddelen

Nieuws en publicaties

---

Geneesmiddelen Bulletin

Augustus 2002

Finasteride (Propecia®) voor vroege stadia van alopecia androgenetica bij mannen

Finasteride (Propecia®) voor vroege stadia van alopecia androgenetica bij mannen

Finasteride, 1 dd 1 mg oraal, is geregistreerd voor vroege stadia van alopecia androgenetica bij mannen.¹ Prevalentieonderzoeken naar alopecia androgenetica bij mannen zijn schaars, maar het komt voor bij ongeveer 50% van de mannen (in sommige populaties kan dit oplopen van 90 tot 100%). Alhoewel het niet beschouwd wordt als een ziekte, maar als een gewoon verschijnsel, zijn er mannen die er onder lijden. In Nederland is minoxidil 2% als lotion voor deze indicatie geregistreerd. Finasteride wordt in hogere dosis (5 mg/dag) voorgechreven als therapeuticum voor benigne prostaathypertrofie. Het remt 5-a-reductase in de prostaat en ook in de haarfollikels en blokkeert daardoor de perifere omzetting van testosteron naar dihydrotestosteron. Hierdoor wordt de miniaturisering van de haarfollikels op de hoofdhuid geremd, wat er toe kan leiden dat het haarverlies vermindert. Finasteride is gecontraïndiceerd bij vrouwen. Het kan tijdens zwangerschap afwijkingen veroorzaken aan de uitwendige geslachtsdelen van de mannelijke foetus.
De werkzaamheid van finasteride 1 dd 1 mg, is aangetoond in drie onderzoeken bij 1.879 mannen tussen de 18 en 41 jaar met haarverlies op de kruin en middenvoor op de hoofdhuid. Werkzaamheid bij bitemporale recessie (terugtrekken van de haargrens) en haarverlies in het eindstadium zijn niet vastgesteld. Hoewel de verbetering van de haargroei in vergelijking met de uitgangswaarde bij de met finasteride behandelde mannen na twee jaar niet doorzette, bleef het verschil met de placebogroep gedurende de vijf jaar durende onderzoeken toenemen. Het haarverlies in de placebogroep werd namelijk progressief erger. In een representatief stuk van de hoofdhuid van 5,1 cm² nam in de met finasteride behandelde groep het aantal haren ten opzichte van de uitgangswaarde na twee jaar toe met 88 haren, en met 38 haren na vijf jaar. In de placebogroep was het aantal haren na twee jaar met 50 afgenomen en na vijf jaar met 239. Bij 90% van de met finasteride behandelde mannen was sprake van stabilisering van het haarverlies en bij 65% van toegenomen haargroei. In de placebogroep was echter sprake van een geleidelijk haarverlies bij alle mannen. Deze cijfers, beoordeeld door de onderzoekers, kwamen goed overeen met de subjectieve bevindingen van de deelnemers over het eindresultaat.
De werkzaamheid en eventuele voortzetting van de behandeling dienen steeds door de behandelend arts te worden beoordeeld. Na 3-6 maanden is een effect te verwachten in de vorm van stabilisatie van het haarverlies. Bij gunstig effect wordt een continue vervolgbehandeling aanbevolen. Wordt de behandeling echter gestaakt, dan zal het gunstige effect na 6-12 maanden geheel zijn verdwenen.
De meeste bijwerkingen zijn van voorbijgaande aard of verdwijnen na het staken van de toediening van finasteride. Erectiedysfunctie, ejaculatiestoornissen en/of verminderd libido zijn gemeld. Er zijn geen langetermijngegevens over de (geno)toxiciteit bij mannen, maar bij dierexperimenteel onderzoek werden geen relevante negatieve effecten waargenomen. Mannen met een genetische 5-a-reductasedeficiëntie, waarbij de vorming van dihydrotestosteron levenslang is onderdrukt, hebben een normale spermatogenese en krijgen gezonde nakomelingen.
Het CBG heeft dit middel pas aanvaard toen de werkzaamheid en veiligheid aannemelijk was gemaakt in onderzoeken met een duur van vijf jaar.

IB-tekst Propecia, via CBG-MEB Geneesmiddeleninformatiebank

mw drs E.J. van Zuuren