Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer Postbus 90801 2509 LV Den Haag der Staten-Generaal Anna van Hannoverstraat 4 Binnenhof 1a Telefoon (070) 333 44 44 2513 AA `s-GRAVENHAGE Telefax (070) 333 40 33
Uw brief Ons kenmerk AV/KO/2003/9192
Onderwerp Datum Prijsstijgingen in de kinderopvang 4 februari 2003
Bij het vragenuur in de Tweede Kamer op 3 december 2002, heb ik u toegezegd informatie te geven over de oorzaken van de prijsstijgingen in de kinderopvang.
Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft Deloitte & Touche gevraagd een onderzoek uit te voeren naar de oorzaken van de prijsstijgingen in deze sector. Het onderzoeksrapport van Deloitte & Touche treft u hierbij aan.
Opzet van het onderzoek
Voor het onderzoek naar de oorzaken van de prijsstijgingen is een representatieve steekproef van
124 ondernemingen getrokken van alle ruim 1200 kinderopvanginstellingen in Nederland.
Ongeveer de helft van de steekproef betrof kinderdagverblijven, een kwart buitenschoolse opvang
en een kwart gastouderopvang.
Het onderzoek naar de oorzaken van de prijsstijgingen heeft plaatsgevonden in de periode medio
december 2002-medio januari 2003. Hierbij hebben consultants van Deloitte & Touche interviews
gehouden met overwegend de directeur/afdelingshoofd van de onderneming.
De uitkomsten van het onderzoek
De stijging van de totale personeelskosten is volgens de ondernemingen de belangrijkste reden
voor de prijsstijging. Het betreft hierbij zowel de primaire salariskosten, als de secundaire
arbeidsvoorwaarden. Gezien het feit dat circa 75% van de begroting van een
kinderopvanginstelling bestaat uit personeelskosten, zorgt deze post voor de grootste doorbelasting
in de uiteindelijke prijzen. De verdere professionalisering van de sector is een belangrijke tweede
oorzaak voor de prijsstijgingen. De instellingen dienen zich te houden aan regelgeving ten aanzien
van huisvesting, Arbo-wetgeving en kwaliteitsbewaking. De hogere kosten die hiervan het gevolg
zijn worden doorberekend aan de klant.
---
Het (vooruitzicht van) wegvallen van verschillende subsidies kan als derde oorzaak gezien worden
voor de stijging van de prijzen. Hierdoor wordt het voor de ondernemingen noodzakelijk de reële
kosten in de prijzen te verwerken.
Uit het onderzoek komt naar voren dat in de meeste gevallen niet één directe oorzaak is aan te
geven voor de prijsstijging.
Nader onderzoek naar ondernemingen met de grootste prijsstijgingen leidt tot de conclusie dat ook
bij de 4% van de bezochte ondernemingen met een prijsstijging boven de 20% personeelskosten -
net als bij de overige ondernemingen - als belangrijkste oorzaak genoemd. Bij de 14% van de
ondernemingen met een prijsstijging boven de 15% is het beeld vergelijkbaar.
Samenvattend kan gesteld worden dat de ondernemingen de prijsstijgingen vooral verklaren door
een stijging van de personele kosten. Sociale partners dragen hiervoor de primaire
verantwoordelijkheid. De afspraken van het kabinet met sociale partners over een gematigde
loonontwikkeling zijn ook voor de prijsontwikkeling in de sector kinderopvang van groot belang.
Andere belangrijke oorzaken zijn kosten door de eisen aan huisvesting, nieuwe regelgeving inzake
arbeidsomstandigheden, kostenstijging als gevolg van professionalisering en kwaliteitsslag en
terugtrekken van gemeentelijke subsidies. Dit is een belangrijke prikkel om de met het
wetsvoorstel basisvoorziening kinderopvang ingezette lijn van vereenvoudiging van regelgeving
voor de sector voort te zetten.
Het onderzoek naar de prijsstelling in de kinderopvang dat nader inzicht zal geven in de hoogte van
de prijzen en de verdeling van de prijzen voor de verschillende vormen van opvang zal naar
verwachting begin maart worden afgerond en aan de Tweede Kamer kunnen worden aangeboden.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken
en Werkgelegenheid,
(Khee Liang Phoa)