Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Postbus 20018
2500 EA Den Haag
uw brief van

uw kenmerk

ons kenmerk
DL. 2003/934
datum
17-03-2003

onderwerp
Noodfonds vogelpest
TRC 2003/2125

bijlagen

Geachte Voorzitter,

Het kabinet stelt ten minste 5 miljoen euro uit de algemene middelen ter beschikking om de nood van bedrijven die zijn getroffen door de maatregelen te lenigen. Hiervan is 2 miljoen euro bestemd voor de kosten van sociaal-psychologische nood en 3 miljoen euro voor sociaal-economische nood. Daarnaast kunnen ook andere partijen hiervoor middelen beschikbaar stellen. Het Rijk zal op basis van 50% cofinanciering additioneel nog eens in een zelfde bedrag voorzien. Deze brief gaat in op de voorziening voor sociaal-economische nood. Over de voorziening voor psychosociale nood bent u reeds geïnformeerd in mijn brief van 12 maart jl.

De middelen voor sociaal-economische nood zullen gebruikt worden om bedrijven die als rechtstreeks gevolg van de vogelpest in continuïteitsproblemen komen een voorziening te bieden. Het kan hier zowel om agrarische bedrijven gaan als om niet-agrarische bedrijven. Het oogmerk van deze maatregel is dat perspectiefvolle bedrijven (en dus ook de werkgelegenheid op deze bedrijven) in stand blijven. De maatregel is dus uitdrukkelijk niet bedoeld als een tegemoetkoming in de schade als gevolg van de vogelpest.

datum
17-03-2003

kenmerk
DL. 2003/934

bijlage

Deze voorziening is aanvullend op bestaande voorzieningen zoals de tegemoetkoming voor de schade van de geruimde dieren uit het Diergezondheidsfonds en de inkomensvoorziening voor oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ). De maatregel is voorliggend aan het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz).

Voor de besteding zal worden aangesloten op het bestaande Fonds MKZ, dat in 2001 is opgericht. Dit Fonds MKZ zal worden omgevormd tot 'Fonds MKZ en AI' en dezelfde voorwaarden die van toepassing waren op bedrijven die als rechtstreeks gevolg van de MKZ in continuïteitsproblemen kwamen, zullen nu worden toegepast op bedrijven die als rechtstreeks gevolg van de vogelpest in continuïteitsproblemen komen.
Door aansluiting te zoeken bij de bestaande organisatie en regeling van het Fonds MKZ wordt op een uitvoeringstechnisch en juridisch eenvoudige wijze een kader geschapen voor deze voorziening.

Er zal niettemin toch enige tijd mee gemoeid zijn alvorens aanvragen kunnen worden ingediend (de openstellingsperiode zal algemeen bekend worden gemaakt). De juridische vormgeving van deze wijziging (omvorming van de statuten en aanpassing van de maatregel) zal enige tijd vergen en de uitvoeringsorganisatie voor het ontvangen en behandelen van aanvragen zal in gereedheid moeten worden gebracht. Ook zal deze aanpassing moeten passen en getoetst dienen te worden aan de EU-richtsnoeren voor reddings- en herstructureringssteun aan ondernemingen in moeilijkheden. Wat dit laatste betreft is van belang te melden dat de EU-kaders de lidstaten weinig ruimte bieden. Het is dan ook niet mogelijk om een ruimere maatregel te treffen dan destijds.

De hoofdlijnen van de voorziening zijn in het kort als volgt: * de voorziening heeft als doel een ondersteuning te verlenen aan ondernemingen die als gevolg van de vogelpestmaatregelen in continuïteitsproblemen zijn geraakt en die op eigen kracht er niet bovenop kunnen komen;
* dit kunnen zowel ondernemingen zijn uit de agrarische sector als ondernemingen uit overige sectoren als de detailhandel, toerisme of transport en de bedrijven kunnen zowel binnen als buiten de getroffen regio's liggen;
* de voorziening heeft een beperkte focus en is aanvullend op overige beschikbare financiële instrumenten; * ondernemingen die een beroep op de voorziening willen doen dienen minimaal aan de volgende voorwaarden te voldoen: + er moet een directe bewijsbare relatie zijn tussen de continuïteitsproblemen en de vogelpest; + het bedrijf dient levensvatbaar te zijn; + de bewijslast ligt bij de ondernemer;
+ de ondernemer dient met zijn bank een plan voor de sanering van zijn schulden te zijn overeengekomen, blijkend uit een daartoe strekkende verklaring;
+ het bedrijf dient niet al eerder gebruik te hebben gemaakt van de voorziening;
+ de ondernemer dient het oogmerk te hebben het bedrijf minimaal 3 jaar voort te zetten;
* de uitkering wordt verstrekt in de vorm van een rentesubsidie, die in een keer wordt uitbetaald;
* de hoogte van de steun bedraagt minimaal ongeveer 4.500 euro en maximaal 100.000 euro.

De minister van Landbouw, Natuurbeheer
en Visserij,

dr. C.P. Veerman


---