Ministerie van Buitenlandse Zaken

Aan de Voorzitter van de TweedeKamerderStaten-Generaal

Binnenhof4

Den Haag


- Afdeling Oost-Azië

Directie Azië en Oceanië

Bezuidenhoutseweg 67

Postbus 20061

2500 EB Den Haag


Datum


- 5 augustus 2003

Behandeld


- Gertie Mulder


Kenmerk


- DAO 0413-03

Telefoon


- 070-348 6561


Blad


- 1/1

Fax


- 070-348 5323


Bijlage(n)


- 1

E-Mail


- gertie.mulder@minbuza.nl


Betreft


- Beantwoording vragen vande leden Van der Staaij (SGP), Koenders (PvdA), Wilders (VVD), Huizinga-Heringa (ChristenUnie) en Karimi (Groen Links) over de Chinese voorganger Gong Shengliang

Graag bied ik u hierbij de antwoorden aan op de schriftelijke vragen gesteld door de leden Van der Staaij (SGP), Koenders (PvdA), Wilders (VVD), Huizinga-Heringa (ChristenUnie) en Karimi (Groen Links) over de Chinese voorganger Gong Shengliang. Deze vragen werden mij toegezonden op 26 juni 2003 met kenmerk 2020313900.


- De Minister van Buitenlandse Zaken

Mr. J.G. de Hoop Scheffer

Antwoord van de heer De Hoop Scheffer, minister van Buitenlandse Zaken, op vragen van de leden Van der Staaij (SGP), Koenders (PvdA), Wilders (VVD), Huizinga-Heringa (ChristenUnie) en Karimi (GroenLinks) over de Chinese voorganger Gong Shengliang.

Vraag 1

Kent u het persbericht 'Gemeenteleden vrezen voor het leven van Chinese voorganger' d.d. 19 juni 2003 van de mensenrechtenorganisatie Jubilee Campaign? 1) Kent u de berichten van Amnesty International over dezelfde affaire? 2)

Antwoord

Ja, deze berichten zijn mij bekend.

Vraag 2

Bent u bereid te pleiten voor een onmiddellijk onderzoek naar de gezondheidstoestand van Gong Shengliang, teneinde duidelijkheid te verkrijgen over de vraag of het vermoeden juist is dat deze voorganger diverse malen gemarteld is?

Vraag 3

Ziet u mogelijkheden om in Europees verband c.q. door middel van de EU-Chinadialoog, de Chinese autoriteiten aan te spreken op deze kwestie, alsmede op het feit dat nog diverse andere voorgangers en gemeenteleden van de Zuid-China Kerk gevangen zitten en dat ook van hen verschillenden gemarteld zijn?

Antwoord

Tijdens de halfjaarlijkse mensenrechtendialogen die de Europese Unie in 2002 en in maart jl.

met de Chinese autoriteiten heeft gevoerd, is de Europese zorg over het lot van voorganger Gong Shengliang en andere volgelingen van de Zuid-China Kerk reeds naar voren gebracht. Tijdens haar bezoek aan China in februari jl. heeft de Nederlandse mensenrechtenambassadeur eveneens aandacht gevraagd voor de gezondheidstoestand van voorganger Gong Shengliang, zowel in gesprekken over godsdienstvrijheid als bij de bespreking van specifieke gevallen van gedetineerden waarvan de rechten volgens mensenrechtenorganisaties en andere bronnen onvoldoende worden gewaarborgd.

Op 16 juli jl. heeft het Italiaanse Voorzitterschap, op Nederlands voorstel, in een demarche bij het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken deze zaak nogmaals aangekaart. Dit gebeurde naar aanleiding van genoemde berichten, dat de gezondheidstoestand van voorganger Gong Shengliang, mede als gevolg van marteling, ernstig zou zijn verslechterd. Het Voorzitterschap heeft er namens de EU bij de Chinese autoriteiten op aangedrongen een onafhankelijk onderzoek in te stellen en ervoor gepleit het risico van verdere marteling te voorkomen door de daders te straffen en de eenzame opsluiting, waarin voorganger Gong zich kennelijk bevindt, op te heffen. Verder heeft het Voorzitterschap aangedrongen op een goede medische verzorging, onafhankelijke juridische bijstand en opheffing van het verbod familiebezoek te ontvangen. Het Voorzitterschap heeft namens de EU de hoop uitgesproken, dat de Chinese autoriteiten de bepalingen van het VN Verdrag tegen marteling en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing, dat China in 1988 heeft geratificeerd, zullen respecteren.

In zijn reactie stelde de zegsman van het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken, dat navraag bij de betrokken autoriteiten had geleerd dat de beschuldigingen van marteling en mishandeling niet op waarheid berustten. Ook de zorgen over de gezondheidstoestand van voorganger Gong zouden ongegrond zijn. Zijn toestand was volgens de autoriteiten momenteel stabiel. Wat betreft het verzoek om een onafhankelijk onderzoek naar vermoedens van marteling verwees de zegsman van het ministerie naar het recht van iedere gevangene om een officiële klacht in te dienen bij de civiele autoriteiten van de gevangenis, die daarop volgens een vaststaande procedure een onderzoek zouden instellen. Het verbod op familiebezoek, dat was ingesteld naar aanleiding van de SARS-epidemie, zou inmiddels zijn opgeheven. Toegang tot een advocaat was niet aan de orde en zou uitsluitend in overweging kunnen worden genomen indien er een formele klacht was ingediend met betrekking tot mishandeling of marteling.

Deze reactie geeft aan, dat het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken zich op de hoogte heeft laten stellen van de situatie van voorganger Gong Shengliang. De antwoorden zijn echter niet zonder meer geruststellend. Vooral het uitblijven van een onafhankelijk onderzoek en de beperking van de toegang tot een advocaat baren zorgen. Nederland en de Europese Unie zullen deze zaak dan ook met aandacht blijven volgen en bij de Chinese autoriteiten blijven aandringen op een menswaardige behandeling van voorganger Gong en de andere leden van de Zuid-China Kerk die gevangen zitten, ook tijdens de komende ronde van de mensenrechtendialoog, die in november a.s. plaats zal vinden in Peking.


1) Zie - www.jubileecampaign.nl


2) Zie - www.amnesty.org



---