KPMG


KPMG: "Bestuur is en blijft verantwoordelijk voor jaarrekening"

5 september 2003

De Commissie Tabaksblat dicht in haar voorstellen voor behoorlijk bestuur een belangrijke rol toe aan de accountant.

Op diverse plaatsen in de concept-code wordt gesproken over de aanwezigheid van de externe accountant bij vergaderingen van (de raad van) commissarissen en de auditcommissie. KPMG vindt dat de aanwezigheid van de externe accountant gekoppeld moet worden aan en beperkt tot bespreking van agendapunten die de werkzaamheden en de rapportage van de externe accountant raken. Volgens bestuursvoorzitter Ben van der Veer moet de indruk worden vermeden dat de externe accountant als een soort permanente extra commissaris of toezichthouder gaat functioneren. Van der Veer: De commissie stelt voorts voor dat de externe accountant de vergadering bijwoont en daarin bevraagd kan worden door de aandeelhouders. Duidelijk dient te zijn dat het bestuur en dus niet de externe accountant van een vennootschap de verantwoordelijkheid voor de jaarrekening draagt. In de praktijk blijkt nog steeds veel onduidelijkheid te bestaan over de rol van de accountant. Nu in het voorstel de externe accountant een uitnodiging krijgt deel te nemen aan de aandeelhoudersvergadering wordt duidelijkheid over de rol van de externe accountant nog belangrijker.

De commissie stelt voorts voor dat de externe accountant alle belangrijke issues die de verslaggeving en controle betreffen diepgaand met het auditcommissie bespreekt. Van der Veer: Als toezichthouder op zowel de kwaliteit van de verslaggeving als het functioneren van de accountant ligt het voor de hand dat de auditcommissie - de commissarissen - de aandeelhoudersvergadering te woord staat als het gaat om verslaggevingsonderwerpen en de belangrijkste bevindingen die de accountant heeft gemeld. Dit betekent dat de externe accountant alleen het woord voert over zijn verklaring bij de jaarrekening. Weliswaar zijn er andere Europese landen waar de externe accountant de aandeelhoudersvergadering bijwoont, maar het is geen gewoonte dat de accountant wordt bevraagd. Wij vragen ons af of woordvoering door de externe accountant tot meerwaarde voor aandeelhouders zal leiden. Wordt de externe accountant geacht de aandeelhoudersvergadering bij te wonen, dan dienen duidelijke afspraken te worden gemaakt met de voorzitter van de vergadering over het soort vragen waarop de externe accountant zou moeten antwoorden.

De Commissie Tabaksblat stelt daarnaast voor dat de code op 1 januari 2004 in werking treedt, maar dat reeds over het dan verstreken jaar 2003 moet worden gerapporteerd. Invoering over een verslaggevingperiode voorafgaand aan het jaar waarin de code ingaat lijkt volgens Van der Veer niet logisch en zal mogelijk een averechts effect hebben. Van der Veer: Vennootschappen zullen relatief veel afwijkingen moeten rapporteren omdat na het verschijnen van de definitieve code te weinig tijd resteert om de navolging te realiseren. Ik vind dat het in de taakopdracht genoemde doel - verbeteren van de corporate governance bij in Nederland beursgenoteerde vennootschappen - gebaat is bij de inwerkingtreding van de (definitieve) codevereiste vanaf 1 januari 2004. Dat impliceert dat in 2005 een eerste rapportage verwacht mag worden over 2004.

KPMG ziet de concept-code als een duidelijke handreiking voor beursgenoteerde vennootschappen om hun corporate governance te verbeteren. Van der Veer: De aanbeveling van de commissie de code regelmatig te actualiseren aan de veranderende nationale en internationale omstandigheden ondersteunen wij van harte. Met name de concurrentiekracht en slagvaardigheid van internationaal opererende in Nederland gevestigde bedrijven zijn gebaat bij een code die de internationale toets der kritiek kan doorstaan.

Voor nadere informatie: Andy Bellm, telefoon (020) 6567039