RAAD VOOR WERK EN INKOMEN

RWI wil centrale rol gemeenten bij inburgering

Premier Balkenende gevraagd blokkade ESF-financiering op te heffen RWI wil centrale rol gemeenten bij inburgering

Den Haag, 28 oktober 2003

De Raad voor Werk en Inkomen (RWI) verzoekt premier Balkenende een interventie in de Europese Commissie te plegen, opdat geld uit het Europees Sociaal Fonds (ESF) beschikbaar komt voor onder andere sectorale leer-werkprojecten. Deze projecten vormen een cruciaal onderdeel van het Nederlandse inburgeringsbeleid. De RWI, waarin werkgevers, werknemers en gemeenten samenwerken, schrijft dit in zijn vandaag gepresenteerde conceptadvies Inburgering en arbeidstoeleiding anderstaligen. De Raad voor Werk en Inkomen doet hierin voorstellen voor een nieuwe opzet van het inburgeringsbeleid. Centraal uitgangspunt voor de RWI is dat gemeenten meer ruimte moeten krijgen om inburgeraars adequaat maatwerk te bieden. De RWI stelt voor gemeentebudgetten te ontschotten, beperkende regelgeving te schrappen en gemeenten scherper af te rekenen op resultaten. In dit aangescherpte inburgeringsbeleid steunt de RWI het kabinetsvoornemen om individuele inburgeraars strakker te houden aan hun inburgerplicht.
De Sociaal Economische Raad komt vandaag eveneens met een conceptadvies over inburgering. De SER richt zich daarin op andere aspecten van deze problematiek dan de RWI. De adviezen van de RWI en de SER zijn op elkaar afgestemd en doen recht aan de verschillende samenstelling (in de RWI participeren ook de gemeenten) van beide adviesorganen.

Europees Sociaal Fonds
De RWI heeft waardering voor de inzet tot nu toe van de Nederlandse regering om op uitvoeringsniveau tot overeenstemming met de Europese Commissie te komen over de aanwending van ESF-geld voor sectorale leer-werktrajecten. Met de oproep aan premier Balkenende wil de RWI echter een doorbraak forceren in deze al jaren slepende discussie. Het gaat in dit meningsverschil om de vraag of de inzet van de O&O-fondsen als cofinanciering van door ESF gesubsidieerde sectorale leer-werkprojecten ongeoorloofde staatssteun is of niet. De RWI meent, net als de Nederlandse regering maar in tegenstelling tot de Europese Commissie, dat dit n¡et het geval is. Het gaat bij O&O-fondsen immers om privaat geld (van sectoren en/of bedrijven), waarover de overheid geen enkele zeggenschap heeft. Met in het achterhoofd dat Nederland in het ESF-programma inmiddels een achterstand heeft van ongeveer 350 miljoen euro, acht de RWI een snelle beschikbaarheid van ESF-geld voor onder andere sectorale leer-werktrajecten van groot belang voor het welslagen van het inburgeringsbeleid.

Gemeentelijke regierol
De RWI constateert in zijn conceptadvies dat er te vaak een kloof is tussen enerzijds de inburgeringsfase waarin taalverwerving centraal staat en anderzijds de vervolgfase waarin gewerkt wordt aan de arbeidsintegratie van inburgeraars. Duale trajecten kunnen deze kloof dichten, maar alleen als alle betrokken partijen (gemeenten, onderwijsinstellingen en werkgevers) goed kunnen samenwerken en als instrumenten en geldstromen goed op elkaar afgestemd kunnen worden. Partijen worden nu nog gehinderd door versnipperde geldstromen en door versnipperde en weinig sturende wetgeving.
De RWI adviseert het kabinet om een verbeterde gemeentelijke regierol centraal te plaatsen in het vernieuwde inburgeringsbeleid. De Raad onderschrijft het kabinetsvoornemen om individuele inburgeraars strakker te houden aan de inburgerplicht, maar daar moet dan een extra inspanning tegenover staan die het nieuw- en oudkomers ook echt mogelijk maakt te integreren. De RWI doet daartoe in zijn advies een groot aantal samenhangende voorstellen.

Inburgerovereenkomst
Belangrijk element in de RWI-voorstellen is dat gemeenten het inburgeringsbeleid moeten kunnen verbinden met het gemeentelijke arbeidsmarktbeleid. De RWI adviseert daartoe onder meer om de gemeentebudgetten voor educatie, inburgering en arbeidsintegratie samen te voegen in een integraal gemeentelijk participatiebudget, waarmee gemeenten vrijer kunnen opereren.
De inkoopfunctie voor de inburgering en arbeidsintegratie van nieuw- en oudkomers dient bij de gemeenten te blijven. Inburgeraar en gemeente moeten volgens de RWI voortaan samen een inburgerovereenkomst sluiten, waarin rechten en plichten (inclusief sancties) over en weer worden vastgelegd en waarin een trajectplan wordt afgesproken. Als het perspectief op de arbeidsmarkt ligt, dan moet het trajectplan vanaf de start daarmee rekening houden. Basis voor het trajectplan is een verplichte competentiemeting.
De gedwongen winkelnering bij de ROCs (regionale opleidingen centra) moet worden afgeschaft. Alleen dan kunnen gemeenten en inburgeraar samen een maatwerkpakket van educatie, beroepsonderwijs en werkervaring samenstellen.

Eén inburgeringswet
Omdat een inburgeringstraject altijd maatwerk is, adviseert de RWI alle bestaande proces- en vormvoorschriften uit de wetgeving voor nieuw- en oudkomers te schrappen. Daarvoor in de plaats moet er één heldere inburgeringswet voor alle nieuw- en oudkomers komen, met een scherp oog voor relevante resultaten. Voor werkzoekende inburgeraars telt bijvoorbeeld niet zozeer taalverwerving, maar veel meer het behalen van een beroepsdiploma en het vinden van duurzaam werk, zoveel mogelijk op het eigen competentieniveau. Rijk en gemeenten moeten in dit kader prestatieafspraken maken.

Regionale samenwerking
Naast de versterkte gemeentelijke én individuele verantwoordelijkheid vindt de RWI een actieve ondersteuning van de noodzakelijke regionale samenwerking in duale projecten tussen gemeenten, onderwijs en werkgevers belangrijk. De RWI bepleit een versterkte regionale afstemming, waarbij het een stimulans is als gemeenten goede initiatieven van werkgevers en instellingen gemakkelijker kunnen subsidiëren vanuit het integrale gemeentelijke participatiebudget. Ook zou er een landelijk aanspreekpunt moeten komen dat de samenwerking tussen gemeenten en werkgevers in sectoren ondersteunt.

Afstemming met SER
Het RWI-advies is een reactie op een adviesaanvraag van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de minister van Vreemdelingenzaken en Integratie aan de RWI over de wijze waarop duale trajecten taalverwerving plus arbeid(stoeleiding) met succes op grote schaal kunnen worden gerealiseerd. Ook aan de SER is hierover advies gevraagd. De adviezen van beide adviesorganen zijn in goed onderling overleg tot stand gekomen, waarbij recht gedaan is aan de verschillen in samenstelling, karakter en aandachtsterreinen van SER en RWI. De RWI, waarin in tegenstelling tot de SER ook de gemeenten participeren, heeft zich vooral gericht op de verbetering van de lokale condities voor maatwerk en de cruciale rol die de gemeente daarbij moet kunnen spelen. De SER besteedt in zijn advies in het bijzonder aandacht aan randvoorwaarden voor gecombineerde inburgertrajecten en aan de specifieke condities voor arbeidsorganisaties.

De Raad voor Werk en Inkomen (RWI) is het overleg- en adviesorgaan van werkgevers, werknemers en gemeenten. De RWI adviseert de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over arbeidsmarktbeleid. Doel van deze adviezen is een goed functionerende arbeidsmarkt te bevorderen. Een andere taak is het vergroten van transparantie en kwaliteit op de reïntegratiemarkt.

Voor de redactie,