Gerechtelijke organisatie

Rechtbank veroordeelt verdachte van moord op advocaat Pul tot 15 jaar gevangenisstraf

Zutphen, 30 december 2004 - De rechtbank oordeelt dat er sprake is van moord omdat de verdachte tijd heeft gehad zich te beraden op het besluit om advocaat Pul te doden. De verdachte heeft verklaard dat het drie dagen voor het gebeuren bij hem is opgekomen Pul dood te steken, dat hij bewust tevoren een groot mes heeft gekocht en dat hij na het eerste gesprek met Pul in zijn kantoor naar beneden is gegaan om het mes op te halen. Verder blijkt uit de bewijsmiddelen dat hij Pul meerdere malen met kracht in rug en buik heeft gestoken.

Het beroep op psychische overmacht is verworpen omdat uit niets blijkt dat verdachte geen weerstand had kunnen bieden aan de drang om Pul te vermoorden.

Mede op advies van zijn raadsman, heeft verdachte geweigerd om aan een persoonlijkheidsonderzoek mee te werken. Hierdoor is niet duidelijk geworden of de daad aan verdachte is toe te rekenen. Daarom oordeelt de rechtbank dat uit het oogpunt van vergelding en beveiliging van de maatschappij een langdurige gevangenisstraf op zijn plaats is.

De straf als door de officier geëist (18 jaar) is op zich passend, maar omdat de verdachte nog zeer jong is en hij in elk geval ter terechtzitting heeft laten zien dat hij spijt heeft van zijn daad en de gevolgen daarvan is de gevangenisstraf enigszins gematigd.

LJ Nummer

AR8485