European Union

PERSCOMMUNIQUE nr. 03/05

11 januari 2005 Conclusie van advocaat-generaal Stix-Hackl in zaak C-265/03 Igor Simutenkov / Ministerio de Educación y Cultura en Real Federación Española de Fútbol EERSTE RECHTSZAAK INZAKE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMST VAN DE

GEMEENSCHAP: VOLGENS ADVOCAAT-GENERAAL STIX-HACKL HEBBEN

BEROEPSVOETBALLERS VAN RUSSISCHE NATIONALITEIT DIE IN EEN

LIDSTAAT WETTIG ZIJN TEWERKGESTELD, EEN ONBEPERKT RECHT OP

DEELNAME AAN COMPETITIES VAN HUN BOND

Het in de partnerschapsovereenkomst EG-Russische Federatie vastgestelde verbod van discriminatie op grond van nationaliteit staat eraan in de weg dat op deze spelers een regeling van een bond wordt toegepast waardoor hun mogelijkheid om aan bepaalde competities deel te nemen, wordt beperkt in vergelijking met gemeenschapsonderdanen. Igor Simutenkov, van Russische nationaliteit, was beroepsvoetballer bij de Spaanse club Deportivo Teneriffa. Hij beschikte over een arbeidsovereenkomst, een Spaanse verblijfs- en werkvergunning en de Spaanse bondslicentie voor spelers van buiten de Europese Gemeenschap of de Europese Economische Ruimte. Op grond van de door de Spaanse voetbalbond Real Federación Española de Fútbol verstrekte bondslicentie kan hij deze sport als bondsspeler beoefenen en als clubspeler worden opgesteld tijdens wedstrijden en officiële competities, zoals bijvoorbeeld de Campeonatos Nacionales (nationale kampioenschappen) van de Liga de Primera y Segunda División (hoogste en op een na hoogste divisie), het Spaanse kampioenschap/Copa de S.M. el Rey en de Supercopa. Volgens het bondsreglement kunnen de clubs tijdens deze competities evenwel enkel een beperkt aantal spelers uit derde landen buiten de Europese Economische Ruimte opstellen. Simutenkov verzocht daarom om wijziging van zijn licentie in een licentie voor spelers uit de Gemeenschap op grond van de partnerschapsovereenkomst EG-Russische Federatie1, die met betrekking tot de arbeidsvoorwaarden een discriminatie op grond van nationaliteit verbiedt,


1 Overeenkomst inzake partnerschap en samenwerking waarbij een partnerschap tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Russische Federatie, anderzijds (PB 1997, L 327, blz. 3).

wat door de bond echter werd geweigerd. De Spaanse rechterlijke instantie waaraan het geschil vervolgens werd voorgelegd, heeft het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen de vraag gesteld of de regeling van de Spaanse bond verenigbaar is met die overeenkomst.
Advocaat-generaal Stix-Hackl heeft vandaag conclusie in deze zaak genomen. In eerste instantie onderzoekt de advocaat-generaal of de relevante bepaling van de overeenkomst rechtstreeks toepasselijk is. Zij komt tot de slotsom dat Simutenkov zich rechtstreeks kan beroepen op het in de overeenkomst vastgestelde discriminatieverbod. Volgens de advocaat-generaal betreft de betrokken bepaling uit het sportreglement de arbeidsvoorwaarden in de zin van de overeenkomst, met betrekking waartoe de overeenkomst verbiedt om in een lidstaat wettig tewerkgestelde Russische onderdanen te discrimineren ten opzichte van de eigen onderdanen. Zoals uit de arresten Bosman2 en Deutscher Handballbund3 blijkt, vormt namelijk de deelname aan de door de bond georganiseerde wedstrijden de essentie van de activiteit van de beroepsspelers. De regeling van de Spaanse bond beperkt echter de mogelijkheid van clubs om bepaalde beroepsspelers op te stellen bij officiële wedstrijden. Die regeling heeft dan ook rechtstreeks gevolgen voor de deelname van een in een lidstaat wettig tewerkgestelde Russische beroepsvoetballer als Simutenkov aan competities.
Haars inziens staat volgens de rechtspraak van het Hof het op gemeenschapsonderdanen toepasselijke verbod van discriminatie eraan in de weg dat door sportbonden opgestelde regelingen worden toegepast volgens welke clubs bij competities enkel een beperkt aantal beroepsspelers mogen opstellen die onderdaan zijn van andere lidstaten. Aangezien in de overeenkomst met de Russische Federatie aan in een lidstaat wettig tewerkgestelde Russische onderdanen met betrekking tot de arbeidsvoorwaarden een recht op gelijke behandeling wordt toegekend dat overeenkomt met het aan de gemeenschapsonderdanen toegekende recht op gelijke behandeling, geldt dit verbod ook voor Russische onderdanen. N.B.: De conclusie van de advocaat-generaal bindt het Hof niet. De advocaten- generaal hebben tot taak het Hof in volledige onafhankelijkheid een juridische oplossing te bieden voor het concrete geschil. De rechters van het Hof beginnen vandaag met de beraadslagingen over het arrest, dat op een latere datum zal worden gewezen.

Voor de media bestemd niet-officieel stuk, dat het Hof van Justitie niet bindt. Beschikbare talen: DE, EN, ES, FR, IT, GR, NL, PL De volledige tekst van de conclusie is op de dag van de uitspraak te vinden op de internetpagina van het Hof (http://curia.eu.int/jurisp/cgi-bin/form.pl?lang=nl) vanaf ongeveer 12.00 uur. Voor nadere informatie wende men zich tot de heer Stefaan Van der Jeught. Tel: 00 352 4303 2170 Fax: 00 352 4303 3656


2 Arrest van het Hof van 15 december 1995, C-415/93 (Jurispr. blz. I-4921).
3 Arrest van het Hof van 8 mei 2003, C-438/00 (Jurispr. blz. I-4135).
---