Ministerie van Buitenlandse Zaken
Aan de Voorzittervan de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Binnenhof 4

Den Haag

- Directie Veiligheidsbeleid,

Afdeling Nucleaire Aangelegenheden en Non proliferatie

Bezuidenhoutseweg 67

Postbus 20061

2500 EB Den Haag

Datum

- 8 februari 2005

Behandeld

- Harmen van Dijk

Kenmerk

- DVB/NN-022/05

Telefoon

- +31 (070) 348 5089

Blad

- 1/3

Fax

- +31 (070) 348 5684

Bijlage(n)

- 1

- harmen-van.dijk@minbuza.nl

Betreft

- Beantwoording vragen van het lidVan Velzen over de Nederlandse bedrijven die vermeld staan in de Irakese verklaring over zijn programma inzake massavernietigingswapens

-

Graag - bied ik u hierbij- , mede namens de Minister van Justitie, de antwoorden aan op de schriftelijke vragen gesteld door - het lid- Van Velzen over - de Nederlandse bedrijven die vermeld staan in de Irakese verklaring over zijn programma inzake massavernietigingswapens. Deze vragen werden ingezonden op - 17 januari 2005 met kenmerk - 2040506340.

- De Minister van Buitenlandse Zaken,

Dr. B.R. Bot

Antwoord van de heer Bot, minister van Buitenlandse Zaken, mede namens de heer Donner, minister van Justitie, op vragen van het lid Van Velzen (SP) over de Nederlandse bedrijven die vermeld staan in de Irakese verklaring over zijn programma inzake massavernietigingswapens.

Vraag 1

Herinnert u zich de uitspraken, d.d.18 december 2002 van uw ambtsvoorganger dat de Nederlandse regering 'geen inzicht heeft in de rapportages van Irak' (de zogenaamde verklaring die het Irakese Ba'ath-regime op 7 december 2002 van haar programma inzake massavernietigingswapens aan de Veiligheidsraad van de VN stuurde)? '

Antwoord

Ja.

Vraag 2

Deelt u de mening dat het, gezien de arrestatie van de van gifgashandel met Irak verdachte heer Van A., wenselijk is inzage te krijgen in de aan de VN overlegde verklaring van Irak over zijn programma inzake massavernietigingswapens of om op zijn minst die passages te kunnen inzien waar gesproken wordt over Nederlandse betrokkenheid bij de opbouw van dit programma c.q. over Nederlandse leveranciers van (onderdelen van) massavernietigingswapens? Zo ja, bent u bereid er bij de VN-Veiligheidsraad
op aan te dringen Nederland deze inzage te geven? Zo neen, waarom niet? Zo ja, bent u bereid de Kamer inzage te geven in de bedoelde passages uit de Irakese verklaring? Indien neen, waarom niet?

Antwoord

De regering acht het wenselijk dat de voor het strafrechtelijk onderzoek naar de heer Van A. verantwoordelijke Nederlandse instanties kennis kunnen nemen van de in uw vraag aangegeven informatie, voor zover relevant voor dit onderzoek. Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft daartoe op verzoek van het Openbaar Ministerie bemiddeld bij het verkrijgen van dergelijke informatie. Gezien het feit dat het om vertrouwelijke informatie gaat en de zaak nog onder de rechter is, kunnen daarover geen
verdere mededelingen worden gedaan.

Dat laat uiteraard onverlet dat het Ministerie van Buitenlandse Zaken bereid is opnieuw als intermediair voor het OM op te treden, zo dit op enig moment noodzakelijk mocht blijken.

' Kamerstuk 23 432, nr. 74, blz. 5

===