KNMVDIERGENEESKUNDE

Dierenarts in hoger beroep tegen uitspraak hondenbelasting

Dierenarts Den Otter uit Rhoon gaat in hoger beroep tegen de uitspraak van de Rechtbank Rotterdam over het verstrekken van adresgegevens van hondenbezitters uit zijn patiëntenadministratie. De dierenarts was in een kort geding door Gemeentebelastingen Rotterdam voor de rechter gedaagd omdat hij de gegevens van zijn cliënten niet wilde aanleveren. Gemeentebelastingen Rotterdam wil deze gegevens gebruiken voor het innen van de hondenbelasting. Op de uitspraak van 8 maart jongstleden is zowel binnen de beroepsgroep van dierenartsen als daarbuiten met veel ongeloof gereageerd. Vooralsnog weigeren dierenartsen in Rotterdam mee te werken aan het verzoek van Gemeentebelastingen. Zij vinden de opgelegde informatieplicht niet acceptabel. De vertrouwensrelatie, het dierenwelzijn en de gezondheid van mens en dier zijn belangrijker. Veel dierenartsen zijn inmiddels benaderd door cliënten die zich uit het patiëntenbestand willen laten schrijven.

De Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde (KNMvD) ondersteunt het protest van haar leden. De gang van zaken in Rotterdam heeft mogelijk ook gevolgen voor dierenartsen in andere gemeenten en zorgt voor veel onrust. De beroepsorganisatie wil het Besluit uit 1995 waarop de rechter zijn uitspraak baseert ook politiek ter discussie stellen. De dierenartsen zijn destijds niet geïnformeerd over dit ingrijpende wetsartikel. Het is gebruikelijk dat de overheid een beroepsorganisatie als de KNMvD betrekt bij de totstandkoming van relevante wetgeving. De KNMvD vindt het gezien de maatschappelijke positie van de dierenarts onverstandig hen in dit geval informatieplichtig te maken. De beroepsorganisatie vindt dat in de besluitvorming de belangen niet goed zijn afgewogen. Het middel staat volgens de dierenartsen niet in de juiste verhouding tot het doel.

Achtergrondinformatie
De Gemeentewet uit 1851 geeft gemeenten de mogelijkheid tot het heffen van Hondenbelasting. In art. 226 staat vastgelegd dat gemeenten belasting mogen heffen op het houden van honden. De reden voor deze belasting was oorspronkelijk het beperken van het hondenbezit onder meer vanwege de openbare veiligheid en het bestrijden van hondsdolheid. Waak- en bedrijfshonden waren in het verleden uitgesloten van deze belasting. Anno 2005 zijn deze redenen voor het heffen van deze belasting achterhaald. Lang niet in alle gemeenten in Nederland wordt hondenbelasting geheven. Er bestaan grote verschillen in de hoogte van het bedrag. Het innen van de belasting brengt in uitvoerende zin veel nadelen met zich mee, daarom wordt binnen veel gemeenten gediscussieerd over het afschaffen ervan. De opbrengst van hondenbelasting is niet geoormerkt en gaat bijna altijd naar de algemene middelen. Er bestaat geen kattenbelasting of paardenbelasting.