Ingezonden persbericht


Den Haag, 30 mei 2005

Vragen van de leden Arib en Dijsselbloem (beiden PvdA) aan de minister van Justitie en de minister van Integratie en Vreemdelingenbeleid over kindersmokkel


1.
Hebt u kennisgenomen van het artikel in het NRC Handelsblad over de verdwijning van tientallen jonge alleenstaande asielzoekers uit de opvanghuizen? 1


2.
Klopt het dat jaarlijks tientallen kinderen uit de asielzoekerscentra verdwijnen na aankomst in Nederland via mensensmokkelaars? Klopt het dat er geen zicht bestaat op de omvang van het probleem? Zo ja, bent u bereid een gericht onderzoek te doen naar deze problematiek?


3.
Klopt het dat deze kinderen nauwelijks worden opgespoord? Kunt u aangeven waarom deze kinderen niet worden opgespoord? Vindt u dit acceptabel?


4.
Vindt u het aanvaardbaar dat bij verdwijning van minderjarige asielzoekers de politie aanneemt dat ze herenigd worden met hun ouders of familieleden die hier al illegaal verblijven, of dat ze doorreizen naar familie elders in Europa of de verenigde Staten, zonder dat ze deze kinderen hebben opgespoord of een onderzoek hiernaar hebben gedaan?


5.
Deelt u de zorgen van Unicef dat er in Nederland zo weinig werk wordt gemaakt van de opsporing van kindersmokkelaars en kinderen die uit de opvang verdwijnen? Zo nee, kunt u een overzicht geven van het aantal opgespoorde verdwijningen van kinderen in asielzoekerscentra over het afgelopen 5 jaar?


6.
Deelt u de mening dat de registratiesystemen van de politiekorpsen niet op elkaar aansluiten waardoor harde aantallen over verdwijningen van kinderen ontbreken? Wat vindt u hiervan? Bent u bereid er voor te zorgen dat de verdwijningen van deze kinderen worden geregistreerd?


7.
Wat is uw mening over de constatering van UNICEF namelijk dat kinderhandel in Nederland, zowel binnen als buiten de seksindustrie, steeds grotere vormen aanneemt?


8.
Hoe komt het dat Nederland kennelijk een bijzondere plaats heeft als het gaat om kinderhandel zowel binnen als buiten de seksindustrie?


9.
Bent u het met de stelling eens dat Nederland onvoldoende werk maakt van de aanpak van mensensmokkelaars waardoor Nederland een aantrekkelijk land is geworden voor handel in vrouwen en in dit geval ook kinderen?


10.
Kunt u een overzicht geven van het aantal zaken dat tot nu toe tot vervolging en strafbaarstelling heeft geleid van kindersmokkelaars?


11.
Wat is uw mening over de constatering van Unicef dat kinderen verdwijnen in het illegale circuit, restaurants, naaiateliers, huishoudens of bordelen? Vindt dit passen in de Nederlandse beschaving?


12.
Wat hebt u concreet ondernomen om handel in kinderen aan te pakken? Kunt u aangeven welke acties u gaat ondernemen om kinderhandel in Nederland tegen te gaan en de termijn waarbinnen deze acties moeten worden uitgevoerd?


1. Het NRC Handelsblad d.d. 28 mei 2005