Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

kamervragen over het project voor de ontwikkeling van één landelijk informatiesysteem voor de opsporing

Antwoorden op kamervragen over het project voor de ontwikkeling van één landelijk informatiesysteem voor de opsporing


1 juni 2005

Vragen van het lid Externe link Algra (CDA) aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het project voor de ontwikkeling van één landelijk informatiesysteem voor de opsporing.
---


2. Vraag Welk percentage en welke onderdelen zullen met de nieuwe vertraging eind van dit jaar worden gerealiseerd?


2. Antwoord Ik heb tijdens het Algemeen Overleg op 15 maart 2004 gesteld dat aan het einde van de instellingsperiode van de Regieraad ICT Politie niet alle doelen van het Bestek 2001-2005 zullen zijn gehaald. Hieronder volgt op hoofdlijnen een overzicht van de stand van zaken van de drie onderdelen van het Bestek: systemen, infrastructuur en organisatie.

Systemen
Er is en wordt intensief gewerkt aan de standaardisatie van systemen. De standaardisatie van de systemen is en blijft een ingrijpende verandering die een groot beslag legt op de middelen en de capaciteit van de korpsen. Vooral bij de systemen voor de taakuitvoering van de politie. De standaardisatie van systemen bij de politie zal veel meer tijd vergen. Er zijn wel de nodige resultaten geboekt, zoals de systemen voor elektronische aangifte en handhaving van de vreemdelingenwet.

Infrastructuur Op het gebied van infrastructuur zijn goede resultaten behaald. De politiekorpsen zullen dit jaar de verantwoordelijkheid voor het beheer van hun bestaande ICT-voorzieningen overdragen aan zes bovenregionale rekencentra. Deze overdracht is een belangrijke voorwaarde voor het verder terugdringen van het aantal overlappende systemen. Tegelijkertijd zal een landelijk rekencentrum worden gerealiseerd. Tenslotte zal het datacommunicatienetwerk gereed zijn in 2005.

Organisatie
De verwachting is dat op 1 januari 2006 een publiekrechtelijke vraagorganisatie politie en een publiekrechtelijke aanbodorganisatie politie, justitie en veiligheid worden opgericht. Deze organisaties zijn de opvolgers van de privaatrechtelijke organisaties CIP en ISC. De grondslag van deze organisaties wordt gevormd door de Wet Samenwerkingsvoorzieningen.


3. Vraag Welke uitgaven zijn sinds het verschijnen van het rapport van de Algemene Rekenkamer `ICT bij de politie' gedaan ten behoeve van Bestek 2001-2005?

3. Antwoord
Na de publicatie van het rapport van de Algemene Rekenkamer op 4 december 2003, oftewel in 2004, is in het kader van het Bestek 2001-2005 EUR 27.968.121 uitgegeven aan de ontwikkeling en het onderhoud van nieuwe systemen.


4. Vraag Welke uitgaven zijn in 2004 specifiek gedaan ten behoeve van onderhoud en ontwikkeling van de drie bestaande verschillende informatiesystemen?

4. Antwoord
Ik neem aan dat de vraag betrekking heeft op de drie bedrijfsprocessensystemen van de politie: BPS, GENESYS en X-POL. In 2004 is EUR 2.116.301 uitgegeven aan de ontwikkeling en het onderhoud van de systemen BPS en X-POL. Ik kan de deelvraag over de uitgaven aan het systeem GENESYS van het politiekorps Haaglanden niet binnen de gevraagde termijn beantwoorden. Ik zal u deze informatie zo spoedig mogelijk sturen.

6. Vraag
Wat zijn de te verwachten kosten wanneer versneld wordt overgegaan naar één uniform informatiesysteem voor de politie? Hoe snel kan een dergelijk nieuw informatiesysteem voor de gehele Nederlandse politie worden gerealiseerd?

6. Antwoord
Ik ga ervan uit dat het kamerlid Algra het bedrijfsprocessensysteem van de politie bedoelt. De mogelijkheid tot uniformering van de bedrijfsprocessensystemen wordt nu onderzocht door de korpsbeheerders en de korpschefs. De verwachting is dat na de zomer daarover een positief besluit zal worden genomen om één van de drie bestaande systemen te kiezen als het enige, uniforme bedrijfsprocessensysteem van de politie. Ik steun deze ontwikkeling van harte. Op dat moment is er ook inzicht in de planning en de kosten van deze uniformering.

7. Vraag
Bent u bereid deze vragen te beantwoorden vóór het algemeen overleg op
1 juni 2005 over de Voortgangsrapportage C2000?

7. Antwoord
Ja.

Ik heb vraag 1 en 5 reeds beantwoord in mijn brief over de voortgang van het project Politie Suite Opsporing en de oprichting van de publiekrechtelijke vraag-organisatie en aanbodorganisatie. De resterende vragen (2, 3, 4, 6 en 7) zullen in deze brief beantwoord worden.