DAB wil sociaal contract tegen huurstijging

De andere beweging

De Andere Beweging wil sociaal contract tegen huurstijging

SPIJKENISSE (17 februari) - Extra huurverhoging voor de middeninkomens kan komende jaren sterk beperkt blijven als woningcorporaties van minister Dekker (VROM) zekerheid krijgen over het beleid op lange termijn. Enkele tientallen woningcorporaties - verenigd in De Andere Beweging (DAB) - hebben een plan ontwikkeld, dat maatschappelijk verantwoord is en voorziet in afspraken voor een "sociaal contract" met huurders (Woonbond) en gemeenten (VNG).
Directe aanleiding tot het zoeken naar een alternatief vormt het Wetsvoorstel Betaalbaarheidheffing, dat de minister eind vorig jaar naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Die wet vloeit direct voort uit het Regeerakkoord, waarin is afgesproken verhuurders (woningbouwcorporaties en commerciële bedrijven) op grond van hun woningbezit voor 250 miljoen euro per jaar aan te slaan. De verhuurders moeten daarnaast gaan bijdragen aan de groeiende kosten van de huurtoeslag, voorheen de huursubsidie. Volgens het wetsvoorstel komt het in totaal neer op bedragen die oplopen van 328 miljoen euro in 2006 tot 373 miljoen euro in 2009. Daarmee schuift het Rijk haar verantwoordelijkheid voor het betaalbaar houden van het wonen voor de laagste inkomens af op de verhuurders. Met Aedes, vereniging van woningcorporaties, is de minister het toestaan van extra hoge huurstijgingen overeengekomen, waarmee corporaties de zwarte piet feitelijk kunnen doorschuiven naar die huurders, die geen huurtoeslag krijgen. Dat is voor De Andere Beweging onverteerbaar, omdat woningcorporaties in de eerste plaats een sociale doelstelling dienen te hebben, óók ten overstaan van de lagere- en middeninkomens. Het is bovendien niet nodig.
De ontwikkeling die nu dreigt is in de ogen van De Andere Beweging hoogst ongewenst, omdat daardoor een spiraal ontstaat van hogere gemiddelde huurstijgingen en hogere heffingen in het kader van genoemde Wet, omdat de huurtoeslag meer gaat kosten. Dat heeft weer tot gevolg dat de woonlasten stijgen, vooral voor diegenen die géén recht op huurtoeslag hebben. Daarmee loopt ook de huurquote op; dat deel van het inkomen dat men aan huur zou moeten kunnen betalen. Het zou er op neerkomen dat - door rijksbeleid - de financiële belangen van verhuurders het op de korte termijn winnen van de doelstelling van sociale huisvesting op de lange termijn.

DAB zou de wet het liefst tafel zien verdwijnen en schaart zich achter het oordeel van de Raad van State, die heeft gesteld dat de minister geen plausibele argumenten heeft voor de invoering daarvan. Zónder betaalbaarheidheffing zou het voor veel corporaties zelfs mogelijk zijn om de jaarlijkse huurronde exact gelijk te laten zijn aan de inflatie.
Als de wet er toch komt, zou de minister in elk geval de garantie moeten geven dat die na 2009 wordt afgeschaft. Er moet dus zekerheid komen over de maximale looptijd en de hoogte van de betaalbaarheidheffing. Als die zekerheden er zijn, kunnen er afspraken worden gemaakt over matiging van huurprijsstijging en over vergroting van investeringen in onderhoud, renovatie en nieuwbouw.
Bij een groot aantal woningcorporaties is het volledig benutten van de toegestane huurvergoeding immers niet nodig. Hun vermogenspositie biedt hun daarvoor genoeg ruimte. Vermogensgroei kan en mag nooit een doelstelling van een sociale instelling als een woningcorporatie zijn.
DAB heeft daarom al die corporaties, die een gematigd huurprijsbeleid voorstaan, opgeroepen daarover afspraken met huurders en gemeenten te maken. Met "gematigd" wordt een huurstijging bedoeld, die de inflatie van het voorgaande jaar volgt, plus maximaal
0,8 procent. Met dit inflatievolgend huurbeleid kan de economische gezondheid van de corporaties op peil blijven. Het aantal geliberaliseerde woningen groeit dan niet. Woningcorporaties zouden gezamenlijke een gedragslijn moeten opstellen over de terughoudendheid waarmee de huren de komende jaren worden verhoogd. Die gedragslijn moet worden neergelegd in een "sociaal contract" met huurders (Woonbond) en gemeenten (VNG). DAB streeft dus naar een wederkerigheid die contractueel moet worden vastgelegd: meerjarige zekerheid over de afschaffing of eindigheid van betaalbaarheidheffing, tegenover een meerjarige zekerheid over een gematigd huurbeleid.

De Andere Beweging

Maarten de Booij (voorzitter)

Nadere informatie:
Maarten de Booij, directeur Stichting De Leeuw van Putten, Spijkenisse tel 0181-601346

www.deanderebeweging.nl