Koninklijke Ahold


Hoofdpunten: Resultaten Q4 en boekjaar 2005

> Bedrijfsresultaat in Q4 2005 met 13,6% gestegen, inclusief verzekeringsbate van Ahold maakt EUR 92 miljoen

resultaten Q4 en > Afname nettoschuld met EUR 1,2 miljard vergeleken met ultimo 2004 boekjaar 2005
> Te introduceren programma voor en vooruitzichten verbetering waardepropositie bij Stop & Shop / Giant-Landover

voor 2006 bekend > Uitgebreide beoordeling van onvoldoende presterende activiteiten en van overhead op groepsniveau

Amsterdam, 29 maart 2006 ­ Ahold heeft vandaag haar geconsolideerde samengevatte financiële overzichten voor het vierde kwartaal en het boekjaar 2005 bekendgemaakt. "2005 is een moeilijk jaar geweest met uiteenlopende prestaties bij onze belangrijkste activiteiten", aldus Anders Moberg, President en CEO van Ahold, vandaag. "Onze retailactiviteiten blijven sterke concurrentiedruk ondervinden, met aanzienlijke uitdagingen bij de Stop & Shop / Giant-Landover Arena. Tops (met name in het noordoosten van Ohio) en de Centraal-Europa Arena blijven onvoldoende presteren. Anderzijds hebben de herpositioneringsprogramma's van Albert Heijn en ICA geresulteerd in sterk marktleiderschap en groei, en hebben wij onze lange-termijnstrategie gelanceerd om de winstgevende groei van U.S. Foodservice te stimuleren. Daarnaast hebben wij een aantal strategische mijlpalen bereikt, met als belangrijkste punten de voorlopige gerechtelijke goedkeuring van onze schikking van de massa- effectenclaim en de afronding van ons desinvesteringsprogramma van EUR 3,1 miljard, waardoor wij ons nu weer volledig kunnen richten op het managen van onze activiteiten met het oog op de toekomst."

"De financiële doelstellingen die wij ons oorspronkelijk in 2003 hadden gesteld voor onze retailactiviteiten zijn steeds uitdagender geworden. De concurrentie- en bedrijfskostendruk zijn groter geweest dan verwacht en de omslag is bij bepaalde bedrijven langzamer geweest dan gepland. Op basis van de retailontwikkelingen die wij dit jaar tot op heden hebben waargenomen, verwachten wij dat de netto-omzetgroei van onze retailactiviteiten dit jaar uitkomt tussen 2,5% en 3,0% (gebaseerd op constante wisselkoersen, en exclusief desinvesteringen in 2005). Daarnaast verwachten wij dat de operationele marge op onze retailactiviteiten in 2006 tussen 4,0% en 4,5% zal bedragen. De doelstellingen voor U.S. Foodservice blijven ongewijzigd."

"Wij zullen ons dit jaar richten op operationele en waardeverbeteringen, een uitgebreide beoordeling van onvoldoende presterende activiteiten, en een verlaging van de overhead op groepsniveau. Na zorgvuldige voorbereidingen zullen wij bij Stop & Shop / Giant-Landover van start gaan met een arenabreed programma ter verbetering van de waardepropositie. Op basis van onze ervaringen bij Albert Heijn en ICA, tezamen met de winkelherinvesteringen en kostenverlagingen die al in gang zijn gezet, verwachten wij met dit waardeverbeteringsprogramma onze marktpositie gestaag te versterken. Wij zijn voornemens om volgende week de benoeming van een nieuwe CEO voor Stop & Shop / Giant-Landover bekend te maken, die de arena gaat leiden en dit initiatief gaat uitvoeren."

"Stimulering van de netto-omzetgroei en het bereiken van een operationele marge van 5% op onze retailactiviteiten blijven als prioriteit overeind staan."

De in dit persbericht vermelde gegevens zijn niet aan accountantscontrole onderworpen en zijn gebaseerd op de International Financial Reporting Standards (IFRS). IFRS wordt toegepast met ingang van het boekjaar 2005. Aholds overgangsdatum naar IFRS is 29 december 2003, het begin van het boekjaar 2004. Dit persbericht bevat bepaalde alternatieve financiële prestatie-indicatoren, waaronder de nettoschuld, die verder worden toegelicht onder Overige informatie.

2006007

Page 1 of 10

Hoofdpunten financiële resultaten*
B/(S)*** Q4 Boekjaar B/(S)*** Q4 2005 2004 2005 Boekjaar 2004 (in miljoenen euro's) (12 weken) (13 weken) (52 weken) (53 weken)

Netto-omzet 10.832 37 44.496 (114)

Bedrijfsresultaat 292 35 248 (675)

Nettowinst toekomend aan houders van
gewone aandelen Ahold 108 (641) 133 (752)

Kasstroom uit bedrijfsactiviteiten 649 (153) 1.897 (296)

B/(S)***
1 jan. 2006 2 jan. 2005 Brutoschuld _ _ 7.748 2.272

Nettoschuld ** _ _ 5.911 1.171


* Ahold gaat uit van een kalender van 364 dagen. Hierdoor hebben bepaalde boekjaren een extra week. Aholds boekjaar 2004 bestond uit 53 weken. Het vierde kwartaal van 2004 bestond uit 13 weken, terwijl het vierde kwartaal van 2005 uit twaalf weken bestond.
** Alternatieve financiële prestatie-indicator. Zie Overige informatie.
*** Beter of (slechter) vergeleken met voorgaand jaar.

Financiële resultaten

Vierde kwartaal van 2005
De geconsolideerde netto-omzet over Q4 2005 (12 weken) bedroeg EUR 10,8 miljard, een stijging van 0,3% vergeleken met dezelfde periode in 2004 (13 weken). De netto-omzet exclusief wisselkoerseffecten daalde met 6,4%. Exclusief wisselkoerseffecten en week 13 van Q4 2004 steeg de netto-omzet met 0,5%.

Het bedrijfsresultaat nam toe met EUR 35 miljoen tot EUR 292 miljoen. Dit is voornamelijk het gevolg van een verzekeringsbate van EUR 92 miljoen in verband met de schikking van de massa-effectenclaim, gedeeltelijk tenietgedaan door één verkoopweek minder in 2005. Het bedrijfsresultaat bevatte tevens herstructureringslasten van EUR 44 miljoen met betrekking tot U.S. Foodservice, afboekingen van EUR 12 miljoen op vorderingen en voorraden in Centraal-Europa en bijzondere waardeverminderingen van EUR 22 miljoen bij retailactiviteiten.

De nettowinst toekomend aan houders van gewone aandelen Ahold daalde met EUR 641 miljoen tot EUR 108 miljoen, voornamelijk als gevolg van de bate van EUR 449 miljoen in Q4 2004 met betrekking tot de ICA-putoptie, lagere resultaten uit beëindigde bedrijfsactiviteiten (EUR 178 miljoen) en de kosten van de inkoop van eigen obligaties in 2005 (EUR 53 miljoen). Het resultaat uit joint ventures en geassocieerde deelnemingen lag EUR 23 miljoen hoger, voornamelijk dankzij de afronding van de verkoop van het aandeel van Stop & Shop in een vastgoed-joint venture.

De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten daalde met 19,1% tot EUR 649 miljoen, voornamelijk als gevolg van restitutie van vennootschapsbelasting in Q4 2004 evenals lagere kasstromen uit beëindigde bedrijfsactiviteiten. De uitstroom van geldmiddelen uit hoofde van investeringsactiviteiten bedroeg EUR 245 miljoen, terwijl dit in Q4 2004 een instroom van geldmiddelen betrof als gevolg van de desinvestering van Aholds Spaanse activiteiten en van 85% van Aholds belang in Disco. Met betrekking tot de financieringsactiviteiten was er sprake van een uitstroom van EUR 1,3 miljard, overwegend als gevolg van schuldaflossingen in Q4 2005.

Page 2 of 10

Boekjaar 2005
De geconsolideerde netto-omzet over het boekjaar 2005 (52 weken) bedroeg EUR 44,5 miljard, een daling van 0,3% vergeleken met 2004 (53 weken). De netto-omzet exclusief wisselkoerseffecten daalde met 0,7%. Exclusief wisselkoerseffecten en week 53 van 2004 steeg de netto-omzet met 1,1%.

Het bedrijfsresultaat daalde met 73,1% tot EUR 248 miljoen, voornamelijk door de in 2005 genomen last van EUR 803 miljoen voor de schikking van de massa-effectenclaim, na aftrek van de verzekeringsbate. Exclusief het effect van de schikking, na aftrek van de verzekeringsbate, zou het bedrijfsresultaat met 13,9% zijn gestegen tot EUR 1,1 miljard (boekjaar 2004: EUR 923 miljoen), resulterend in een operationele marge van 2,4% (boekjaar 2004: 2,1%).

De nettowinst toekomend aan houders van gewone aandelen Ahold daalde met 85,0% tot EUR 133 miljoen. Dit werd voornamelijk veroorzaakt door het effect van de schikking van de massa-effectenclaim na aftrek van de verzekeringsbate, en het positieve effect van EUR 379 miljoen met betrekking tot de ICA-putoptie in 2004.

De kasstroom uit bedrijfsactiviteiten daalde met 13,5% tot EUR 1,9 miljard. De kasstroom uit investeringsactiviteiten steeg tot EUR 159 miljoen. De uitstroom van geldmiddelen voor financieringsactiviteiten steeg met 59,3% tot EUR 3,2 miljard.

De brutoschuld werd in 2005 met EUR 2,3 miljard teruggebracht tot EUR 7,7 miljard. De nettoschuld liep in 2005 EUR 1,2 miljard terug tot EUR 5,9 miljard. Het saldo liquide middelen, exclusief kasmiddelen, bedroeg ultimo 2005 EUR 1,8 miljard, EUR 1,1 miljard lager dan vorig jaar, deels als gevolg van de inkoop van eigen obligaties in oktober 2005.

Resultaten over Q4 2005 per arena

Stop & Shop / Giant-Landover
De netto-omzet daalde met 5,5% tot USD 3,8 miljard vergeleken met Q4 2004, een afspiegeling van de extra week in 2004. Exclusief week 13 steeg de netto-omzet in US dollars met 2,2%, deels dankzij de goede verkopen rond de feestdagen. De identieke omzet van Stop & Shop steeg met 0,5%, terwijl die van Giant-Landover daalde met 1,0%. Stop & Shop breidde het marktaandeel uit met 0,3 procentpunt tot 24,5%, terwijl dat van Giant-Landover met 0,2 procentpunt terugliep tot 30,8%. Het bedrijfsresultaat daalde met USD 25 miljoen tot USD 187 miljoen, door druk op de brutowinstmarge, deels gecompenseerd door lagere bedrijfskosten. De promotionele uitgaven werden verhoogd en de concurrentiedruk hield aan.

Giant-Carlisle / Tops
Vergeleken met Q4 2004 daalde de netto-omzet met 15,1% tot USD 1,4 miljard. Exclusief week 13 bedroeg de daling in US dollars 8,1% en exclusief de gedesinvesteerde gemakswinkels daalde de netto-omzet met 3,2%. Het marktaandeel van Giant-Carlisle groeide met 0,7 procentpunt tot 29,8%, dankzij de sterke identieke-omzetgroei en winkelopeningen, waaronder die van de pilotwinkel in Camp Hill, Pennsylvania. Het marktaandeel van Tops daalde onder invloed van de aanhoudende concurrentiedruk en het voortgezette rationalisatieprogramma van de winkelportefeuille met 2,9 procentpunt tot 23,3%. De brutowinstmarge was licht lager als gevolg van hogere distributie- en promotionele kosten. Het bedrijfsresultaat daalde van USD 29 miljoen in Q4 2004 tot USD 7 miljoen in Q4 2005, hoofdzakelijk als gevolg van USD 14 miljoen hogere bijzondere waardeverminderingen.

Albert Heijn
Vergeleken met Q4 2004 daalde de netto-omzet met 2,0% tot EUR 1,6 miljard. Exclusief week 13 werd echter een stijging van de netto-omzet gerealiseerd van 6,0%. Albert Heijn verhoogde de identieke omzet met 5,0% en breidde het marktaandeel verder uit met 0,9 procentpunt tot 26,8%. De brutowinstmarge ontwikkelde zich gunstig, dankzij beter margemanagement, deels bij promotionele acties. De operationele efficiency profiteerde van aanzienlijke kostenbesparingen en een efficiëntere inzet van medewerkers, ondanks een stijging van de pensioenlasten met EUR 28 miljoen, waarvan EUR 14 miljoen incidenteel was. Tevens heeft de arena EUR 6 miljoen aan overgangskosten gemaakt in verband met de uitbesteding van IT-activiteiten. Hierdoor daalde het bedrijfsresultaat met 16,9% tot EUR 69 miljoen, in vergelijking met EUR 83 miljoen in Q4 2004.

Page 3 of 10

Centraal-Europa
De netto-omzet groeide met 1,4% tot EUR 509 miljoen vergeleken met Q4 2004. Exclusief wisselkoerseffecten daalde de netto-omzet met 4,7%. Exclusief het effect van wisselkoersen, de gedesinvesteerde Poolse hypermarkten en de overgenomen Julius Meinl-winkels daalde de netto-omzet in 2005 met 1,0%. Het marktaandeel van de Centraal-Europa Arena daalde met 1,5 procentpunt tot 15,9%, voornamelijk als gevolg van de gedesinvesteerde Poolse hypermarkten. De identieke omzet was 8,5% lager, als gevolg van negatieve lokale publiciteit en agressief beleid met betrekking tot het openen van nieuwe winkels door concurrenten. De brutowinstmarges lagen aanzienlijk hoger in vergelijking met Q4 2004, dankzij de desinvestering van Poolse hypermarkten en besparingen door centrale inkoop. De arena boekte een negatief bedrijfsresultaat van EUR 18 miljoen, inclusief een afboeking van EUR 12 miljoen op vorderingen en voorraden. Ter vergelijking, in Q4 2004 werd een positief bedrijfsresultaat van EUR 7 miljoen gerealiseerd. Dit werd positief beïnvloed door boekwinsten van EUR 8 miljoen op de verkoop van vastgoed en EUR 10 miljoen met betrekking tot het vrijvallen van een voorziening voor kosten in verband met de beëindiging van een huurovereenkomst van een winkelcentrum.

Schuitema
De netto-omzet van EUR 743 miljoen was 7,8% lager in vergelijking met Q4 2004. Exclusief week 13 lag de netto- omzet op hetzelfde niveau, onder invloed van winkelsluitingen en minder promotionele activiteiten. Het marktaandeel liep 0,9 procentpunt terug tot 14,4%. Het bedrijfsresultaat steeg met 64,7% tot EUR 28 miljoen, dankzij een verbeterde operationele marge van 3,8%, in vergelijking met 2,1% in Q4 2004. Het verbeterde bedrijfsresultaat was voornamelijk te danken aan lagere bijzondere waardeverminderingen en de in Q4 2004 gemaakte herstructureringskosten. Schuitema heeft ook een verbeterde C1000-winkelformule geïntroduceerd, inclusief organisatorische verbeteringen ter ondersteuning van de uitrol van de vierde generatie winkels.

U.S. Foodservice
De netto-omzet daalde met 5,7% tot USD 4,2 miljard in vergelijking met Q4 2004, een afspiegeling van de extra week in Q4 2004. Exclusief week 13 steeg de netto-omzet in US dollars met 0,8%. De netto-omzet werd met circa
1% negatief beïnvloed door de beëindiging van bepaalde activiteiten. Q4 2005 bevatte lasten van USD 52 miljoen met betrekking tot de herstructurering en kosten verband houdend met de op 29 november 2005 bekendgemaakte lange-termijnstrategie voor U.S. Foodservice. Dit resulteerde in een negatief bedrijfsresultaat van USD 9 miljoen, in vergelijking met een positief bedrijfsresultaat van USD 27 miljoen in Q4 2004. De brutowinstmarge lag hoger dan in Q4 2004, voornamelijk als gevolg van inkoopmaatregelen. Exclusief herstructureringslasten daalden de bedrijfskosten in vergelijking met Q4 2004. Hier werden hogere brandstofprijzen meer dan gecompenseerd door productiviteitsverbeteringen en lagere advieskosten. Om de aangekondigde scheiding mogelijk te maken tussen twee werkmaatschappijen, Broadline en Multi-Unit, is U.S. Foodservice gestart met de implementatie van een aantal organisatorische en operationele wijzigingen. In verband hiermee zal Ahold haar verslaggeving over segmenten in het eerste kwartaal van 2006 aanpassen.

ICA
De netto-omzet daalde met 1,0% tot SEK 19,3 miljard (EUR 2,0 miljard) in vergelijking met Q4 2004. Exclusief de deconsolidatie van de Baltische activiteiten groeide de netto-omzet in Zweedse kronen met 4,1%, dankzij goede verkopen bij ICA Zweden als gevolg van het herpositioneringsprogramma. In Noorwegen daalde de netto-omzet door de afstoting en ombouw van winkels ter versterking van de concurrentiepositie. Kostenbesparingen in Noorwegen en Zweden en de hogere volumes in Zweden hebben bijgedragen aan ICA's winstgevendheid. Aholds aandeel in ICA's nettoresultaat steeg met 7,1% tot EUR 30 miljoen, beïnvloed door de uitbreiding van Aholds belang in ICA van 50% tot 60% in Q4 2004.

Group Support Office
De daling van de kosten van het Group Support Office vergeleken met hetzelfde kwartaal vorig jaar was grotendeels te danken aan de verzekeringsbate van EUR 92 miljoen betreffende de schikking van de massa- effectenclaim.

Page 4 of 10

Overige informatie
Ahold verwacht haar jaarverslag 2005 op 13 april 2006 te publiceren.

Ahold keert momenteel geen dividend uit aan houders van gewone aandelen. Eventuele toekomstige dividenduitkeringen op gewone aandelen zullen worden voorgesteld door de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen, waarbij rekening zal worden gehouden met de actuele resultaten, de vooruitzichten en de financiële positie. Ahold is van plan om in 2006 dividend uit te keren op de cumulatief preferente financieringsaandelen en keerde in 2005 een jaardividend uit op die aandelen, in beide gevallen conform de voorwaarden van die aandelen.

Ahold Press Office: 020 509 5343

Page 5 of 10

Hoofdpunten vierde kwartaal 2005
(Voor meer gedetailleerde financiële informatie over Q4 2005 wordt verwezen naar Aholds vandaag gepubliceerde geconsolideerde samengevatte financiële overzichten voor het vierde kwartaal en het boekjaar 2005)

Netto-omzet per segment
Boekjaar Boekjaar

Q4 2005 Q4 2004' Mutatie 2005' 2004' Mutatie (in miljoenen) (12 weken) (13 weken) (%) (52 weken) (53 weken) (%)

Alle segmenten (EUR)

Stop & Shop / Giant-Landover Arena 3.229 3.121 3,5% 13.161 12.949 1,6% Giant-Carlisle / Tops Arena 1.194 1.288 (7,3%) 4.989 5.209 (4,2%) Albert Heijn Arena 1.598 1.630 (2,0%) 6.585 6.418 2,6% Centraal-Europa Arena² 509 502 1,4% 1.761 1.683 4,6% Schuitema 743 806 (7,8%) 3.128 3.181 (1,7%) Totaal retail 7.273 7.347 (1,0%) 29.624 29.440 0,6%

U.S. Foodservice 3.559 3.448 3,2% 14.872 15.170 (2,0%)

Ahold Groep 10.832 10.795 0,3% 44.496 44.610 (0,3%)

Niet-geconsolideerde JV's en
geassocieerde deelnemingen2 2.517 2.615 (3,7%) 9.423 9.664 (2,5%)

Gemiddelde USD-koers (euro's per
US dollar) 0,8420 0,7692 9,5% 0,8051 0,8050 0,0%

Amerikaanse
segmenten (USD)
Stop & Shop / Giant-Landover Arena 3.835 4.058 (5,5%) 16.346 16.105 1,5% Giant-Carlisle / Tops Arena 1.419 1.672 (15,1%) 6.201 6.480 (4,3%) U.S. Foodservice 4.226 4.483 (5,7%) 18.468 18.847 (2,0%)


1 In overeenstemming met IFRS dienen de beëindigde bedrijfsactiviteiten buiten beschouwing te worden gelaten. De vergelijkende cijfers (2004) en het cijfer voor het boekjaar 2005 voor Aholds niet-geconsolideerde JV's en geassocieerde deelnemingen zijn dienovereenkomstig aangepast.

2 Voor de Centraal-Europa Arena en de niet-geconsolideerde JV's geldt dat het kwartaal en het boekjaar voor verslaggevingsdoeleinden gelijk zijn aan respectievelijk het kalenderkwartaal en het kalenderjaar.

Vergelijkbare / identieke-omzetgroei (jaar-op-jaar in %) Q4 2005 Boekjaar 2005 Vergelijkbare Identieke- Vergelijkbare Identieke- omzetgroei omzetgroei omzetgroei omzetgroei

Stop & Shop 1,3% 0,5% 0,7% 0,2% Giant-Landover (0,7%) (1,0%) (2,4%) (3,0%) Giant-Carlisle 5,1% 2,9% 5,1% 3,6% Tops (7,5%) (8,3%) (3,9%) (4,7%) Albert Heijn 5,0% 4,2% Centraal-Europa Arena (8,5%) (4,9%)

Page 6 of 10

Winkelportefeuille
Q4 2005 Ultimo Openingen Sluitingen kwartaal

Stop & Shop / Giant-Landover Arena 5 (2) 573 Giant-Carlisle / Tops Arena 3 (3) 267 Albert Heijn Arena 20 (1) 1.651 Centraal-Europa Arena 64* (2) 502 Schuitema 0 (4) 462

Totaal retail 92 (12) 3.455
* Inclusief 54 voormalige Julius Meinl-winkels.

Bedrijfsresultaat
Q4 2005 Boekjaar 2005 Bedrijfs- B/(S)* t.o.v. Bedrijfs- B/(S)* t.o.v. resultaat 2004 resultaat 2004 (in miljoenen) (12 weken) (13 weken) (52 weken) (53 weken) Alle segmenten (EUR)

Stop & Shop / Giant-Landover Arena 157 (6) 708 17 Giant-Carlisle / Tops Arena 5 (17) 72 (42) Albert Heijn Arena 69 (14) 288 (29) Centraal-Europa Arena (18) (25) (44) 10 Schuitema 28 11 95 28

Totaal retail 241 (51) 1.119 (16)

U.S. Foodservice (8) (28) 86 32

Group Support Office 59 114 (957) (691)

Ahold Groep 292 35 248 (675)

Amerikaanse segmenten (USD)
Stop & Shop / Giant-Landover Arena 187 (25) 882 22 Giant-Carlisle / Tops Arena 7 (22) 92 (50) U.S. Foodservice (9) (36) 107 40


* Beter of (slechter) vergeleken met voorgaand jaar.

Operationele marge (%)
Boekjaar Boekjaar Q4 2005 Q4 2004 2005 2004 (12 weken) (13 weken) (52 weken) (53 weken)

Stop & Shop / Giant-Landover Arena 4,9% 5,2% 5,4% 5,3% Giant-Carlisle / Tops Arena 0,4% 1,7% 1,4% 2,2% Albert Heijn Arena 4,3% 5,1% 4,4% 4,9% Centraal-Europa Arena (3,5%) 1,4% (2,5%) (3,2%) Schuitema 3,8% 2,1% 3,0% 2,1%

Totaal retail 3,3% 4,0% 3,8% 3,9%

U.S. Foodservice (0,2%) 0,6% 0,6% 0,4%

Page 7 of 10

Overige informatie

Definities

· Vergelijkbare omzet: de identieke omzet plus de netto-omzet van vervangende winkels in lokale valuta.
· Wisselkoerseffect: de invloed van het gebruik van verschillende wisselkoersen bij de omrekening van de financiële informatie van bepaalde dochterondernemingen van Ahold in euro's. Voor vergelijkingsdoeleinden wordt de financiële informatie over het voorgaande jaar aangepast door gebruik te maken van de actuele wisselkoersen. Hierdoor wordt inzicht verkregen in dit wisselkoerseffect.
· Identieke omzet: de netto-omzet van exact dezelfde winkels in lokale valuta voor de vergelijkbare periode.
· Marktaandeel: verwijst naar gegevens gepubliceerd door A.C. Nielsen en de vergelijking is jaar-op-jaar.
· B/(S): beter of (slechter) vergeleken met voorgaand jaar.

Alternatieve financiële prestatie-indicatoren
In bepaalde gevallen worden de resultaten gepresenteerd exclusief het effect van wisselkoersbewegingen dat ontstaat bij de omrekening van de financiële resultaten van Aholds buitenlandse dochterondernemingen in euro's of worden deze resultaten weergegeven in de lokale valuta. Het management van Ahold is van mening dat hiermee een beter inzicht wordt gegeven in de operationele prestaties van de buitenlandse dochterondernemingen.

Dit persbericht bevat tevens andere alternatieve financiële prestatie-indicatoren:

(1) Netto-omzet exclusief het effect van desinvesteringen en acquisities. Het management is van oordeel dat door desinvesteringen en acquisities buiten beschouwing te laten, een beter inzicht wordt gegeven in de operationele prestaties en resultaten van de voortgezette activiteiten van de dochteronderneming.

(2) Netto-omzet exclusief het effect van een gedeconsolideerde joint venture. Het management is van oordeel dat door het effect van een gedeconsolideerde joint venture buiten beschouwing te laten, een beter inzicht wordt gegeven in de operationele prestaties van de entiteit.

(3) Nettoschuld, te weten het verschil tussen (a) de som van de langlopende schulden en kortlopende schulden (brutoschuld) en (b) de geldmiddelen en kasequivalenten minus de kasmiddelen (overige liquide middelen). Het management is van oordeel dat de nettoschuld voor beleggers een nuttige indicator is voor de beoordeling van Aholds solvabiliteit, omdat overige liquide middelen onder meer kunnen worden aangewend voor de aflossing van leningen. De lezer wordt erop gewezen dat de nettoschuld kan duiden op een lagere schuldpositie dan de vergelijkbare indicatoren volgens IFRS zouden aangeven, en dat de nettoschuld bepaalde liquide middelen kan omvatten die niet zonder meer beschikbaar zijn om schulden af te lossen.

(4) Bedrijfsresultaat exclusief het effect van de schikking en de verzekeringsbate. Het management is van oordeel dat door het effect van de schikking van de massa-effectenclaim en de verzekeringsbate buiten beschouwing te laten, een betere vergelijking met voorgaande perioden mogelijk is en een beter inzicht wordt gegeven in de operationele prestaties van Ahold.

(5) Netto-omzet exclusief wisselkoerseffecten. Het management is van oordeel dat door wisselkoerseffecten buiten beschouwing te laten, een betere vergelijking met voorgaande perioden mogelijk is en een beter inzicht wordt gegeven in de operationele prestaties van Ahold.

(6) Bedrijfskosten exclusief herstructurerings- en gerelateerde lasten. Het management is van oordeel dat door het effect van de herstructurerings- en gerelateerde lasten buiten beschouwing te laten, een betere vergelijking met voorgaande perioden mogelijk is en een beter inzicht wordt gegeven in de operationele prestaties van de dochteronderneming.

(7) Netto-omzet over Q4 exclusief week 13 en netto-omzet exclusief week 53. Het management is van oordeel dat door week 13 van Q4 2004 en week 53 van 2004 buiten beschouwing te laten, een betere vergelijking met voorgaande perioden mogelijk is.

(8) Saldo liquide middelen exclusief kasmiddelen. Het management is van oordeel dat door het effect van kasmiddelen buiten beschouwing te laten, een betere vergelijking met voorgaande perioden mogelijk is en een beter inzicht wordt gegeven in de operationele prestaties van Ahold.

Page 8 of 10

Aansluiting van alternatieve financiële prestatie-indicatoren

Netto-omzet Q4 2004 exclusief week 13
Q4 2004 Laatste week Q4 2005 aangepast 2004 Q4 2004 (in miljoenen) (12 weken) (12 weken) (1 week) (13 weken)

Ahold Groep (EUR) 10.832 10.056 739 10.795

Retail
Stop & Shop / Giant-Landover Arena (USD) 3.835 3.753 305 4.058 Giant-Carlisle / Tops Arena (USD) 1.419 1.544 128 1.672 Albert Heijn Arena (EUR) 1.598 1.508 122 1.630 Schuitema (EUR) 743 746 60 806

Foodservice
U.S. Foodservice (USD) 4.226 4.193 290 4.483

N.B. Deze aansluiting heeft geen effect op de Centraal-Europa Arena.

Netto-omzet boekjaar 2004 exclusief week 53
2004 Laatste week 2005 aangepast 2004 2004 (in miljoenen) (52 weken) (52 weken) (1 week) (53 weken)

Ahold Groep (EUR) 44.496 43.871 739 44.610

Retail
Stop & Shop / Giant-Landover Arena (USD) 16.346 15.800 305 16.105 Giant-Carlisle / Tops Arena (USD) 6.201 6.352 128 6.480 Albert Heijn Arena (EUR) 6.585 6.296 122 6.418 Schuitema (EUR) 3.128 3.121 60 3.181

Foodservice
U.S. Foodservice (USD) 18.468 18.557 290 18.847

N.B. Deze aansluiting heeft geen effect op de Centraal-Europa Arena.

Bedrijfsresultaat 2005 exclusief het effect van de schikking van de massa-effectenclaim na aftrek van de verzekeringsbate

(in miljoenen euro's) 2005 Bedrijfsresultaat 248 Schikking massa-effectenclaim, na aftrek verzekeringsbate 803 Bedrijfsresultaat exclusief het netto-effect van de schikking van de massa-effectenclaim na aftrek van de verzekeringsbate 1.051

Nettoschuld

(in miljoenen euro's) 1 januari 2006 2 januari 2005 Mutatie (%) Leningen 4.867 5.812 (16,3%) Financiële-leaseverplichtingen 1.298 1.077 20,5% Cumulatief preferente financieringsaandelen 666 666 0,0% Langlopend deel van langlopende schulden 6.831 7.555 (9,6%) Kortlopende leningen 597 612 (2,5%) Kortlopend deel van langlopende leningen 256 1.766 (85,5%) Kortlopend deel van financiële-leaseverplichtingen 64 87 (26,4%) Brutoschuld 7.748 10.020 (22,7%) Af: overige liquide middelen* 1.837 2.938 (37,5%) Nettoschuld 5.911 7.082 (16,5%)


*Geldmiddelen en kasequivalenten exclusief kasmiddelen: Geldmiddelen en kasequivalenten 2.228 3.205 (30,5%) Kasmiddelen 391 267 46,4% Overige liquide middelen 1.837 2.938 (37,5%)

Page 9 of 10

Waarschuwing

Bepaalde uitspraken in dit persbericht zijn `forward-looking statements' in de zin van het Amerikaanse effectenrecht. Deze uitspraken omvatten, maar zijn niet beperkt tot, uitspraken betreffende de verwachting dat Ahold in de toekomst in staat zal zijn zich volledig te concentreren op haar ondernemingsactiviteiten; uitspraken over een verwachte netto-omzetgroei van haar retailactiviteiten tussen 2,5% en 3,0% in 2006 (gebaseerd op constante wisselkoersen en exclusief desinvesteringen in 2005); uitspraken over een verwachte operationele marge op haar retailactiviteiten tussen 4,0% en 4,5% in 2006; uitspraken dat de doelstellingen voor U.S. Foodservice ongewijzigd blijven; uitspraken over Aholds voornemen om zich te richten op operationele en waardeverbeteringen in 2006; uitspraken over het voornemen om onvoldoende presterende activiteiten uitgebreid te beoordelen en een verlaging van de overhead op groepsniveau, evenals de verwachte voordelen en het tijdstip daarvan; uitspraken over het voornemen om van start te gaan met een arenabreed programma bij Stop & Shop / Giant-Landover ter verbetering van de waardepropositie en de verwachte voordelen en het tijdstip daarvan; uitspraken over de verwachte benoeming van een nieuwe CEO voor de Stop & Shop / Giant-Landover Arena en het tijdstip daarvan; uitspraken over de stimulering van de netto-omzetgroei en het bereiken van een operationele marge van 5% op onze retailactiviteiten als prioriteit; uitspraken over verwachtingen met betrekking tot de schikking van de massa- effectenclaim, inclusief het verwachte schikkingsbedrag en de verwachte verzekeringsuitkering(en); uitspraken over de uitrol van Schuitema's vierde generatie winkels; uitspraken over de voortgang in de splitsing van U.S. Foodservice in de werkmaatschappijen Broadline en Multi-Unit en het verwachte tijdstip waarop Ahold haar verslaggeving over segmenten zal herzien in verband met deze splitsing; uitspraken over het tijdstip waarop Ahold haar jaarverslag publiceert; alsmede uitspraken over de vewachte dividendbetalingen en de vaststelling daarvan. Deze forward-looking statements zijn onderhevig aan risico's, onzekerheden en andere factoren waardoor de werkelijke resultaten aanmerkelijk kunnen verschillen van de toekomstige resultaten welke tot uitdrukking zijn gebracht in de forward-looking statements. Veel van deze risico's en onzekerheden hebben betrekking op factoren die voor Ahold niet beheersbaar en evenmin exact voorspelbaar zijn, zoals het effect van algemene economische en politieke omstandigheden, wisselkoers- en renteschommelingen, de toename van of veranderingen in de concurrentie in de markten waarin Aholds dochtermaatschappijen en joint ventures opereren, de gedragingen van Aholds concurrenten, joint venture partners, leveranciers, vakbonden, aannemers en andere derden, het optreden van Aholds klanten, inclusief hun acceptatie van nieuwe producten en huismerkartikelen en hun reactie op nieuwe winkelformules, winkellocaties, wijzigingen in Aholds prijsbeleid en productaanbod en overige strategieën, Aholds vermogen om haar plannen en strategieën succesvol te implementeren en af te ronden en om haar doelstellingen te realiseren of vertragingen in of additionele kosten in verband met hun implementatie of realisatie, moeilijkheden bij of vertragingen in de implementatie van nieuwe operationele verbeteringen en systemen, tegenvallende of andere dan verwachte voordelen van en middelen uit Aholds plannen en strategieën, de onmogelijkheid om op de voorgenomen wijze of in de voorgenomen mate kosten te verlagen of kostenbesparingen te realiseren, de reactie van Aholds medewerkers op operationele en andere wijzigingen in de werkomgeving, de kosten of andere resultaten van lopende of toekomstige onderzoeken of juridische procedures, de maatregelen van justitiële toezichthoudende en overheidsinstanties en derden, het risico dat de schikking van de massa-effectenclaim niet zal worden goedgekeurd door de rechtbank en dat enige gerechtelijke goedkeuring in hoger beroep geheel of gedeeltelijk ongedaan zal worden gemaakt, wijzigingen in Aholds liquiditeitsbehoeften, maatregelen van Aholds aandeelhouders, inclusief hun aanvaarding van de schikking, Aholds vermogen om zichzelf te verdedigen, de afleiding van de aandacht van het management voor de implementatie van Aholds plannen en strategieën, onverwachte onderbrekingen van Aholds activiteiten, inclusief onderbrekingen als gevolg van werkstakingen en -onderbrekingen, of andere soortgelijke onderbrekingen, verhogingen van de kosten van gezondheidszorg, pensioenen of verzekeringen, verhogingen van energie- en transportkosten, enige vertraging in de groei van onafhankelijke restaurants, snelle schommelingen in de kosten van producten voor wederverkoop, waarbij dergelijke kosten niet tijdig kunnen worden doorgegeven aan de klanten, de mogelijkheden om belangrijk personeel aan te trekken en te behouden, onverwachte vertragingen in de publicatie van resultaten, alsmede andere factoren zoals besproken in documenten welke op naam van Ahold in openbare registers zijn neergelegd. Veel van deze en andere risicofactoren worden toegelicht in die documenten. Lezers wordt geadviseerd behoedzaam om te gaan met deze forward-looking statements, die uitsluitend geacht worden te zijn gedaan per de datum van dit persbericht. Ahold neemt, tenzij daartoe gehouden ingevolge toepasselijk effectenrecht, geen verplichting op zich om enige gewijzigde forward- looking statement te publiceren naar aanleiding van gebeurtenissen of omstandigheden die zich voordoen na de datum van dit persbericht. Buiten Nederland presenteert Koninklijke Ahold N.V. - dat is haar statutaire naam - zich onder de naam `Royal Ahold' of kortweg `Ahold'.

Page 10 of 10


---- --