Randstad Mobiliteitsindex toont dalende ontslagangst

Randstad nederland

PERSBERICHT

Diemen, 6 september 2006

Randstad Mobiliteitsindex toont dalende ontslagangst

Vakantie inspireert tot baanwissel en méér

Luieren, in de zon zitten of actief ontspannen: de rust van de zomervakantie heeft veel werkenden aan het denken gezet over het werk. De helft van hen heeft concrete gedachten gehad over ander werk, binnen de huidige organisatie of daarbuiten. Velen kwamen onder de palmboom of op de camping tot de conclusie dat het de hoogste tijd is voor ander werk, binnen of buiten de huidige werkkring. Dat dit ook daadwerkelijk leidt tot een hausse aan switchers is daarmee niet gezegd: slechts 14 procent voegde inmiddels de daad bij het woord door stappen te zetten naar ander werk of een andere baan. Dat is terug te zien in de mobiliteitsindex die zelfs is gedaald en een vergelijkbaar niveau heeft als de zomers in andere jaren.

Dat is een van de uitkomsten van het Randstad WerkMonitor onderzoek van augustus. Bij het tweemaandelijkse onderzoek door Blauw Research onder 998 werkenden kwam vast te staan dat de vakantietijd werkenden in Nederland inspireert tot actie om verandering te brengen in hun werk(omgeving). De zomerperiode is - zo laat het onderzoek zien - ook het moment voor de gedachte aan werkelijk drastische stappen. Meer dan helft heeft ooit wel eens gemijmerd over hoe het zou zijn om het roer compleet om te gooien en iets geheel anders te gaan doen.

Moeite met de eerste werkdag
Overigens komt een kwart van alle werkenden positief terug van vakantie: men ziet niet op tegen de eerste werkdag én heeft, in 't algemeen, geen moeite om weer aan het werk te gaan. Eén op de vijf heeft hier wel moeite mee en ziet dan ook als een berg op tegen de eerste werkdag. Het onderzoek werpt verder licht op de wijze waarop werkenden hun vakantie beleven. Zo'n tien procent gaat behoorlijk gestresst op vakantie en heeft daar de eerste dagen nog last van, onder meer door slecht slapen. Het merendeel (77%) geeft echter aan het werk goed van zich af te kunnen zetten. Slecht een derde geeft aan nooit te denken aan het werk, nog eens een derde geeft aan het normaal te vinden dat 'het werk' tijdens de vakantie belt of mailt.

Lage ontslagangst
Hoewel de bezinning in deze periode werkenden op ideeën brengt, komt dit niet direct tot uiting in de Randstad Mobiliteitsindex. Deze indicator voor de mobiliteit onder werkenden is tussen juni en augustus 2006 zelfs fors gedaald: van 108 naar 101. De daling van de index wordt vooral veroorzaakt door de dalende ontslagangst: de lagere ontslagangst leidt tot verminderde noodzaak om op zoek te gaan naar een nieuwe baan. De index bevindt zich met 101 nu op het niveau van de zomers van 2003 en 2004. De stijging van de mobiliteitsindex die zichtbaar was tussen november 2005 en juni 2006, is in augustus dus een halt toegeroepen. De daling van de index komt vooral doordat de ontslagangst historisch laag is. Niet eerder in het driejarig bestaan van de Randstad WerkMonitor hadden werkenden zo veel vertrouwen in het behouden van hun huidige baan. In april was dit percentage dat enigszins rekening houdt met ontslag in de toekomst 22 procent, in juni 19 procent en nu is het percentage gedaald naar 14 procent.

'Mobiliteit blijft groot'
Randstad directeur Jan Vermeulen wijst er op dat de mobiliteitsindex ondanks de daling behoorlijk hoog blijft staan. 'Er ís ook veel mobiliteit, er zíjn veel banen. De arbeidsmarkt biedt volop kansen om een switch te maken. Wat dat betreft is het sentiment zeer positief. Het interessante van deze peiling is dat het vertrouwen in het behouden van de huidige baan bij veel mensen is toegenomen. Dat wil niet zeggen dat ze ook daadwerkelijk blijven zitten: de arbeidsmarkt is volop in beweging en dat biedt kansen', aldus Vermeulen.

10 Procent maakte de overstap
Zo'n 10 procent van de werkenden (de helft van de werkenden die eerder zo'n stap aankondigde) heeft daadwerkelijk in de afgelopen zes maanden zijn baan ingeruild voor een nieuwe. Nog steeds zijn in augustus de werksfeer en de nieuwe uitdaging belangrijke argumenten voor deze switch. Maar ook 'hardere' argumenten zoals betere arbeidsvoorwaarden, een nieuw aanbod, of zelfs dreiging voor ontslag, spelen een opvallende rol. Intussen is - net als in eerdere metingen - ruim de helft van de werkenden in enige mate toe aan een nieuwe uitdaging.

Beleving vrije dagen
Bij het onderzoeksdeel over de beleving van de vrije dagen, bleek dat zes op de tien werkenden in Nederland redelijk tot zeer tevreden is over het aantal vakantiedagen dat men krijgt. Daarbij bleek verder:

- Gemiddeld hebben werkenden zo'n 30 vakantiedagen en met name de groep die niet verder komt dan zo'n 24 dagen, is ontevreden over dit aantal.

- De waardering voor het aantal vrije dagen gaat gelijk op met de tevredenheid over de werkgever. Hoe minder vrije dagen, hoe kritischer de werkende in het algemeen is over de werkgever.

- Vrouwen zijn gemiddeld minder tevreden met hun hoeveelheid vrije dagen dan mannen.
- Binnen de overheid/ non-profitsector heeft men nog steeds de meeste vrije dagen (mn. onderwijs), gevolgd door de productie/ industrie. In deze laatste sector is het gemiddeld aantal vrije dagen per jaar zelfs iets toegenomen. Binnen handel/ distributie is het aantal vrije dagen het meest afgenomen, wat verklaart waarom in deze sector de tevredenheid het meest is afgenomen.

- Werkenden namen in het afgelopen jaar één à twee keer langer dan een week achtereen vrij. Gemiddeld nam men maximaal 15,8 weekdagen achtereen vrij van het werk, met een piek van 17,1 weekdagen bij overheid en non-profit. 35)- Een groep van 8% geeft aan nooit langer dan een week achtereen vrij te hebben genomen in het afgelopen jaar. Belangrijkste reden hiervoor is dat men er geen behoefte aan had (geantwoord door vier op de tien).




Randstad Holding NV