Bijdrage Marijnissen aan Algemene Beschouwingen

Sp

In de Tweede Kamer vinden vandaag de Algemene Politieke Beschouwingen plaats. Namens de SP voert Jan Marijnissen het woord. 'Mensen maken zich zorgen over de toekomst; ze vragen zich af waarnaar we op weg zijn. Het is echter mijn vaste overtuiging dat mensen dolgraag willen bijdragen aan iets dat groter is dan zijzelf, zoals een mooie toekomst voor volgende generaties. Men is de leegheid en het cynisme van het structurele egoïsme voorbij. De SP wil deze mensen graag een handje helpen met een beleid dat hen aanmoedigt en helpt in plaats van frustreert.'

De bijdrage van Jan Marijnissen aan de Algemene Beschouwingen, 27 september 2006:

Ik heb goed nieuws: het schijnt héél goed te gaan!

De koningin zei dat vorige week namens de regering in de troonrede.

Daarna zei de premier tegen de pers dat de koningin had gezegd dat het héél goed ging.

Waarop de minister van financiën tegen de pers zei dat de premier en de koningin ook al zeiden dat het héél goed ging.

Waarna alle ministers de media meldden dat het héél goed ging, want dat hadden de minister van financiën, de premier en de koningin zelf gezegd.

Zodat de krant de volgende dag schreef dat íedereen zei dat het nu héél goed ging.

Als we allemaal zeggen dat het goed gaat - dan gáát het goed.

En zo is het maar net. Neem twee maal modaal en meer. Dat is dus vanaf 60.000 euro bruto - met hen gaat het dit komend jaar goed. Ze gaan er ongeveer 270 euro op vooruit per jaar.

Wie méér verdient, krijgt er méér bij. Hoe rijker, hoe beter.

Mensen met een mínimaal inkomen - zeg rond de 15.000 euro bruto - gaan er ongeveer 100 euro per jaar, ruim 8 euro per maand, op vooruit, niet eens genoeg om de gestegen energiekosten op te vangen.

Minister-president, dat betekent toch dat de mensen met de hóge inkomens er volgend jaar bijna drie keer zoveel op vooruit gaan dan de mensen met de láágste inkomens?

En dit lopende jaar is het zelfs nog bonter en gaat 2x modaal er zelfs bijna 17x meer op vooruit.

En dat terwijl juist de mensen met weinig geld in de afgelopen jaren al steeds hebben moeten inleveren.

Minister-president, het is héérlijk als het goed gaat - maar laat het dan ook éérlijk goed gaan, dus voor iedereen!

Want anders gaat er iets goed foút! Als je na jaren bezuinigen, korten, knijpen en matigen weer de economische wind in de rug krijgt, dan moet je éérst de mensen helpen, die je de meeste ellende bezorgd hebt.

En, dat zijn níet de leidinggevenden bij een bank van twee maal modaal, dat is ook níet drie keer modaal, maar dat zijn de schoonmakers, obers en caissières van dit land met een minimuminkomen en de leraren, ingenieurs en softwareontwerpers met een modaal inkomen, en alle timmerlui, vrachtwagenchauffeurs en onderwijzers die daar tussen zitten.

Mijn moeder noemde dat naastenliefde, ik noem dat solidariteit.

Ik weet niet hoe u het noemt - maar in de miljoenennota vind ik het níet, en dat zou wél moeten. Wat gaan we daar aan doen, minister-president?

Ik heb deze regering nooit verweten dat de economie naar beneden ging. Deze regering ging en gaat niet over de conjunctuur van de wereldeconomie. Maar laat deze regering dan ook níet roepen dat het door háár komt dat onze open economie nu weer op gang komt. Dat soort borstklopperij doet erg denken aan de haan die kraait en zegt: Kijk de zon komt op, en daar heb ik voor gezorgd'.

Toen het slecht ging, ging u snoeihard bezuinigen en korten. Ik vond dat niet verstandig. Mijn motto voor de regering is 'Investeren als het slecht gaat, en sparen als het goed gaat'. U dacht daar anders over. Maar daarom mag ik u, nu het weer goed gaat, vragen de aangerichte schade zo veel en zo goed mogelijk te herstellen. Ik hoop van ganser harte dat we vandaag en morgen zaken kunnen doen, en het niet laten bij het uitwisselen van meningen en standpunten. Aangezien we hier te maken hebben met een minderheidskabinet, acht ik de kans daarop groter dan andere jaren.

Bovendien, over een paar maanden bent u daar weg uit vak K - en dan wil ik dingen wél geregeld hebben, en ik heb het idee dat veel mensen in het land er nét zo over denken. Ik doe u vandaag tien voorstellen:


1. We zetten per 1 januari a.s. een streep door de no claim. We laten ouderen, chronisch zieken en gehandicapten niet langer de dupe worden van een oneerlijk en bureaucratisch gedrocht. Maxime Verhagen vindt dat ook. Hij heeft zich bekeerd - wel laat, maar die zijn ons vaak het dierbaarst. Nu schijnt hij zelfs erelid te willen worden van ons actiecomité No Claim No Way. Dat mag, collega, maar dan rekenen we graag nú af, en niet pas volgend jaar. De no claim weg in 2007, én de ziektekostenpremies stevig omlaag. En graag de garantie dat alle dreigende stijgingen van de premies voor lage en middeninkomens écht gecompenseerd worden. Nog beter is het dat we premies naar draagkracht gaan heffen. Maar laten we dát doen als de SP na 22 november in de regering komt. Wij hebben de plannen namelijk al klaarliggen, dus dat gaat gewoon het snelste. Je moet praktisch blijven.


2. Wie aan de arme kant van Nederland zit, geven we er per kind 260 euro per jaar bíj. Want, kinderen die in hun jeugd langjarig te maken hebben met armoede lopen daardoor schade op aan gezondheid en ontwikkeling. Deze schade kunnen ze meestal in hun verdere leven niet meer herstellen. Van degene die niet eens merkt dat er kinderbijslag bij 'm wordt bijgeschreven, zeg mensen met een inkomen van boven de 110.000 euro, vragen we de kinderbijslag in te leveren. Met 260 euro extra per kind voor de laagste inkomens, kunnen we die wel erg magere 38 euro die het kabinet wil uitdelen, een beetje aankleden.


3. We maken de AOW welvaartsvast, we verhogen de ouderenkorting voor mensen met alleen AOW of een klein pensioen en we maken de bus en de trein voor 65+ en 12- gratis. Kunnen alle opa's en oma's er volgend jaar met minder zorgen méér dan nu met de kleinkinderen op uit.


4. We zorgen ervoor dat de mensen op het sociale minimum er volgend jaar minimaal 2,5% op vooruit gaan. Dan hebben we over vier jaar het minimum met 10% verhoogd. Daar wordt niemand rijk van maar veel mensen wél een stuk minder arm. Dat geldt ook voor de 430.000 kinderen die nu in armoede opgroeien. Nu wíj geld over houden, zijn zíj het éérste aan de beurt. Daarover zullen we het hier toch wel eens kunnen worden?


5. Laten we een plan maken om de huidige verpleeghuizen en verzorgingshuizen te vervangen door kleinschalige prettige intieme huizen in de wijken. Met voldoende privacy, met op hen afgestemde zorg en voorzieningen in elke wijk. Veel mensen maken zich zorgen over hoe ze hun laatste dagen zullen slijten. Juist in die fase van het leven zijn we aangewezen op de liefdevolle zorg van onze kinderen en onze omgeving. We accepteren niet dat veel ouderen dan juist vaak eenzaam zijn, en zich weggestopt voelen in grootschalige verpleeghuizen, met ook nog eens vaak tekortschietende zorg. Ach, laat ik het maar gewoon keihard zeggen. We moeten stoppen met deze vorm van intensieve menshouderij waar niemand graag komt.


6. Wees barmhartig én verstandig en kondig hier, bij uw laatste begroting, aan dat er alsnog een generaal pardon komt voor de 26.000 asielzoekers die al zo lang bij ons zijn en zo graag bij ons willen blijven. Als u dát doet, dán kunt u ook tegen hén zeggen dat het nu ook voor hén goed zal komen.


7. Laten we in het voortgezet onderwijs de schoolboeken gratis door de school laten vestrekken. In veel Europese landen doen ze dat al lang, maar bij ons is het er nog niet van gekomen. Als je twee kinderen hebt in het middelbaar onderwijs, betaal je al gauw
1.500 euro per jaar aan schoolkosten. Met gratis schoolboeken helpen we ouders en scholieren meteen concreet vooruit, maken we het onderwijs toegankelijker en komen we de ouders tegemoet. Ouders met weinig geld kunnen net zo goed slimme kinderen hebben - laten we voor hen geen hindernissen opwerpen en van hun kwaliteiten optimaal gebruik maken!


8. Geef geen honderden miljoenen weg aan mensen en bedrijven die dat niet nodig hebben. Gebruik dat geld om de gaten die u zélf geslagen hebt, nu te dichten. Bijvoorbeeld in de thuiszorg waar het werk de mensen over de schoenen loopt en situaties voor komen die we niet willen. Zoals een terminale patiënt die graag thuis wil sterven, maar niet naar huis kan en in het ziekenhuis moet blijven omdat er geen thuiszorg is. Of laten we geld geven voor onze jongeren in het VMBO. Meer dan 50.000 uitvallers per jaar, dat kan niemand aanvaardbaar noemen.


9. De uitkering voor volledig arbeidsongeschikten - die in de WAO of de WIA zitten - verhogen we van 70 naar 75% . En dan nog iets: Er is iets in het leven geroepen waar je ziek naar binnen gaat, maar gezond weer uitkomt, zo wil men ons laten geloven. Een Lourdes van de Lage Landen, zeg maar. Honderdduizenden WAO-ers zijn op last van het kabinet opnieuw beoordeeld. Ze zouden kunnen werken, dat wist het kabinet zeker. Nu, twee jaar later, moeten we vaststellen dat de gezondheid van deze mensen niet is verbeterd, deze mensen wel een lagere of geen uitkering meer hebben, en dat er voor de meeste van hen geen werk is. Laten we onmiddellijk stoppen met dit onmenselijke keuringsregime en alles op alles zetten om gedeeltelijk arbeidsongeschikten aan een baan te helpen. En mocht dat niet lukken, dan hebben ook zij recht op een eerlijk inkomen.


10. Tot slot. We gaan nu niet - twee maanden voordat de kiezer eindelijk aan het woord is
- overhaast alsnog de huurliberalisatie doordrukken. 500.000 huurders dreigen daar het slachtoffer van te worden omdat ze overgeleverd worden aan de willekeur van de verhuurder.

Tien plannen om mensen die het minste hebben, het beste te helpen en het land een stuk socialer, en de publieke sector een stuk beter te maken.

We hebben deze en andere verbetervoorstellen op de begroting, de titel gegeven 'een beter Nederland voor hetzelfde geld'.

Als dit kabinet já zegt tegen onze plannen, dan blíjft de begroting van de heer Zalm gewoon in balans én maken we veel méér mensen gelukkig dan nu het geval is.

Toen de koningin namens de regering zei dat het lot van de wereld ons lot was, was ik het hartgrondig met haar eens. We zíjn geen eilandbewoners maar wereldburgers en kúnnen en mógen onze verantwoordelijkheid niet ontlopen.

U weet mét mij dat het helemaal niet goed gaat met de realisatie van de millenniumdoelen van de Verenigde Naties; doelen om de armoede in de wereld te halveren, alle kinderen naar school te sturen en de mensen toegang tot schoon drinkwater en AIDS-medicijnen te geven?

Als het nú goed met ons gaat, en ons lot verbonden is met dat van de wereld, laat dan de wereld, en vooral de ármen op de wereld, ook een beetje extra meeprofiteren.

Voor weinig geld kunnen we daar heel veel goed doen. Het bedrag voor hulp aan de ontwikkelingslanden moet alleen dáárvoor worden gebruikt, en niet voor andere doelen. De vervuiling van het budget moet worden beëindigd.

We krijgen extra ruimte als het kabinet ervan afziet om JSF-bommenwerpers te kopen. We moeten geen vliegtuigen aanschaffen waarvoor geen vijand te vinden is.

We moeten níet denken dat we vrede kunnen brengen door oorlog te maken. In Afghanistan is de vrede verder weg dan ooit en worden we een uitzichtloze oorlog ingerommeld.

Er ontwikkelt zich in Afghanistan een gruwelijk Irak-scenario, waar nu elke maand duizenden doden vallen en het terrorisme schrikbarend groeit.

Veiligheidsdiensten van de VS meldden dat ook: De oorlog in Irak heeft de wereld onveiliger gemaakt.

Als SP vinden we mét de regering dat Nederland waar nodig haar verantwoordelijkheid moet nemen om soldaten uit te sturen als dat de vrede kan bevorderen - maar we moeten onze soldaten dan ook durven terug te roepen als ze geen vrede kunnen handhaven omdat die er niet is. Aan het onmogelijke is niemand gehouden.

Het Nederlandse 'nee' tegen de Europese Grondwet was zó een helder signaal dat het roer wel om móest. Maar als ik lees dat dit kabinet pleit voor een 'verdere versterking van de Europese samenwerking' en voor verdere 'verdieping van de Europese integratie' dan lijkt ze het stopbord dat de bevolking vorig jaar bij het referendum heeft opgeheven te negeren en opnieuw de verkeerde weg in te slaan. Graag opheldering. Nee blijft toch wel Nee?

Terug naar de begroting. Het blijft een bizarre toestand. Nog twee maanden te gaan tot de verkiezingen en dit kabinet probeert om over haar graf heen te regeren.

Nu was het altijd zo dat de oppositie hier op een muur van beton liep wanneer ze met wijzigingsvoorstellen kwam. Ik mag hopen dat er dit jaar bij het kabinet wèl de ruimte en de wil aanwezig zijn om met ons tot zaken te komen.

Is die ruimte er, vraag ik nadrukkelijk aan de minister-president. Of spelen we weer gewoon twee dagen stommetje?

Het vertrek van de ministers Donner en Dekker laat zien dat de veiligheidsventielen van onze parlementaire democratie werken. Dat is een belangrijke constatering in een land waarin de sorry-democratie sterk verankerd leek te zijn.

Het is jammer dat minister Donner ons bij zijn vertrek geen echte Nederlandse versie van de Carrington-doctrine gaf. Uiteindelijk bleek een schone stoep voor hem tóch net iets belangrijker dan een zuivere leer over de ministeriële verantwoordelijkheid.

Maar ook al is dat een gemiste kans, ik wens beide ex-bewindslieden het allerbeste toe, mevrouw Dekker buiten de politiek, meneer Donner wellicht als lid van de grootste oppositiefractie.

Op de valreep - bij het afscheid van deze regering - is het een uitgelezen moment om even stil te staan bij de vraag: Hoe staan we ervoor? Wat is de staat van het land?

Om die vraag te beantwoorden heb ik in de afgelopen periode door het hele land - in alle sectoren van de samenleving, van hoog tot laag, verspreid over het hele land - vele, zeer vele gesprekken gevoerd.

Twee dingen zijn mij daarbij opgevallen omdat ze vrijwel steeds terugkwamen. Het heersende cynisme en de schadelijke gevolgen van de mythe over de voordelen van schaalvergroting.

Ik ontmoet steeds vaker cynisme dat is voortgekomen uit ervaring, belevenissen van mensen die hen het vertrouwen hebben ontnomen dat het morgen inderdaad beter zal worden. Cynisme, soms oprechte moedeloosheid en zelfs regelrechte wanhoop.

Een voorbeeld. In het Brabantse Reek staat een huis voor kinderen met autisme. Het kinderhuis heeft in tientallen jaren veel ervaring en kennis vergaard en staat erom bekend deze kinderen erg goed te kunnen opvangen en behandelen. Ze doen dat ook nog eens voor zeer lage kosten. Uit heel Nederland komen kinderen daar naartoe.

De Provincie Brabant sprong financieel steeds bij. Maar dat gaat nu stoppen. Waarom? Sommige kinderen komen van buiten Brabant. De kans is groot dat het kinderhuis daardoor in de problemen komt. Van het ministerie is nog niets vernomen.

We kunnen naar de maan, maar dit probleem oplossen... Nederland anno 2006.

Ik moet bekennen: ik heb er begrip voor als sommige mensen er toe neigen cynisch en bitter te worden. Bijvoorbeeld...

Als je buurt onder je ogen verloedert.

Als je als 60-jarige gedeeltelijk arbeidsongeschikte tegelzetter gedwongen wordt te solliciteren, zonder dat er enige kans op werk bestaat.

Als je beseft dat we met zijn allen veel rijker zijn dan twintig jaar geleden, maar dat de kwaliteit van onderwijs en zorg er op áchteruit zijn gegaan. Zo staan er steeds minder bevoegden voor de klas, zo liet het SCP ons gisteren weten, en mijden academici steeds meer het onderwijs.

En natuurlijk verlies je als arts of onderwijzer het vertrouwen in de politiek als die joú blijkt te wantrouwen, en als je daarom bij elk wissewasje protocollen en controleformulieren moet invullen.

Natuurlijk wordt je kwaad als je ziet dat gevangenissen vol zitten met gestraften, die de bewakers snel na hun vrijlating weer terug zien omdat er bezuinigd is op de reclassering.

Als je ziet dat witte boordencriminaliteit hoegenaamd niet wordt aangepakt.

Als je ziet dat we kleine kinderen van asielzoekers maandenlang opsluiten.

Als je ziet dat de regering zich gedraagt als het schoothondje van de VS en steun verleent aan een oorlog die gebaseerd is op list en bedrog.

Natuurlijk komt de neiging tot cynisme boven wanneer je ziet dat de regering al jaren de mond vol heeft over integratie, maar ondertussen de buurten en scholen witter en zwarter worden en de apartheid en daarmee het onderling onbegrip groeien.

Hoe kan het dat de wachtlijsten voor taalcursussen nog steeds groeien?

Je wordt gek, als je als leraar op een VMBO-school de noodzakelijke lesuren niet kunt draaien omdat er weer eens vergaderd moet worden: Het management heeft namelijk weer een nieuwe fusie bedacht die de school nog groter maakt.

Je wórdt cynisch, als je ziet dat de rijen bij de voedselbank blijven aanzwellen terwijl het kabinet juicht over hoe geweldig het opeens gaat met dit land.

Je wórdt boos, als je na dertig jaar werken in de bouw met een slechte rug uit de WAO wordt gedonderd en uiteindelijk in de bijstand terecht dreigt te komen.

U begrijpt, ik kan een schier eindeloze rij voorbeelden noemen die duidelijk maken waarom sommigen - ik moet zeggen 'velen' - in ons land cynisch zijn geworden, en vinden dat het nog helemáál niet zo goed gaat met ons land. Natuurlijk, men doet zijn best om er het beste van te maken, maar vertrouwen in enig begrip van de kant van de overheid is er niet.

Opmerkelijk is ook dat de woede zich niet alleen op de overheid richt, maar steeds meer en vaker ook op de uitdijende laag van managers die overal ontstaat.

In plaats van op te komen voor de belangen van leerlingen, cliënten, patiënten en personeel, stellen deze mensen zich steeds vaker op als een soort vijfde colonne die in ruil voor een vet salaris graag bereid is verslechteringen te verdedigen.

De coup van de managers is niet los te zien van de enorme schaalvergrotingen die de afgelopen tien, twintig jaar in het bedrijfsleven, maar ook in de zorg en het onderwijs - waar eigenlijk niet? - zijn doorgevoerd.

Bezuinigingen, efficiency, bedrijfsmatig werken, outputfinanciering en prestatiecontracten waren de verbale wapens waarmee de coup werd gepleegd. Nu zijn die schaalvergrotingen in zichzelf een probleem geworden.

En dan zijn we bij het tweede punt wat steeds in al die gesprekken naar voren kwam.

De schaalvergroting - die overal is toegepast - is doorgeschoten en heeft geleid tot ontzielde verhoudingen en organisaties. U kent dat wel: U heeft een probleem of een eenvoudige vraag, u pakt de telefoon en u zit een half uur aan de lijn met een computer, terwijl een mens u in een halve minuut had kunnen helpen.

Of neem de jeugdzorg die bestaat uit 15 professionele organisaties, terwijl het er maar één zou moeten zijn. Gevolg? Ik citeer de Telegraaf: 'Kinderen met psychische problemen worden van het kastje naar de muur gestuurd; behandeling blijft achterwege en de kinderen krijgen geen plaats in een instelling terwijl ze daar wél naar toe zouden moeten. Uit onderzoek van de Inspectie voor de Gezondheidszorg blijkt de krakkemikkige samenwerking tussen de betrokkenen de oorzaak te zijn.'

'Het is een nationale schande', zoals Trouw in een commentaar terecht schreef.

Specialisten en huisartsen zitten per dag één uur administratie te doen, terwijl ze mensen zouden moeten helpen.

Bij de politie wordt slechts 30% van de beschikbare tijd besteed aan daadwerkelijke aanwezigheid op straat en boeven vangen.

Scholen met duizenden leerlingen waar dat ene kind een nummer is geworden en door niemand meer gekend of herkend wordt. In delen van het onderwijs gaat meer dan 50% van het budget naar overhead.

Natuurlijk hebben deze wantoestanden gevolgen gehad: van beroepseer en beroepstrots is vaak geen sprake meer, van cynisme - zoals al eerder gezegd - des te meer. En dat cynisme kost geld, veel geld.

Zo kopte de Volkskrant deze maand: 'Kleine ziekenhuizen doen het in medisch en financieel opzicht beter dan grotere'.

Wat zou het fijn zijn wanneer al die mensen, die meestal alleen het beste willen voor hun leerling, patiënt of cliënt, zouden kunnen werken in het volle vertrouwen dat het morgen beter wordt dan vandaag en in de wetenschap dat de overheid aan hun kant staat in plaats van aan de kant van de bureaucraten en de managers, de goede niet te na gesproken.

De schaalvergrotingen hebben niets meer met de menselijke maat te maken en zijn helemaal niet efficiënt, zoals de grote partijen in dit land ons hebben willen doen geloven.

Als het aan ons ligt, gaan we rap een halt toeroepen aan doorgeschoten schaalvergroting, frustrerende bureaucratisering en onzinnige controlegekte in zorg, onderwijs en sociale zekerheid.

Mensen moeten weten dat zij zelf als betrokken burgers het land vormgeven.

Het is daarom dat mijn partij de wijken en buurten centraal wil stellen. Leefbare, schone, veilige wijken: dáár begint het mee.

Vervolgens: scholen en sport- en speelvoorzieningen in de wijk. Buurthuizen en buurtwerk komen terug.

De vaak veraf gelegen huisartsenposten worden gesloten en vervangen door wijkgezondheidscentra (24 uur per dag, zeven dagen per week bereikbaar), de wijkagent of buurtregisseur, zoals ze in Amsterdam zeggen, kent zijn pappenheimers, natuurlijk willen we ook een wijkverpleegkundige en maatschappelijk werk in wijk, buurt en dorp.

In de wijk komt een consultatiebureau voor opvoedingsondersteuning. Ook jongeren en ouderen kunnen daar terecht voor advies en hulp.

Dit alles onder motto: Als het goed gaat met de buurten en wijken, dan gaat het meestal óók goed met de mensen die er wonen; en andersom.

Op een soortgelijke manier willen we ook gaan werken aan kleinere scholen en meer persoonlijke arbeidsbemiddeling en reïntegratie.

Nederland heeft een nieuw verhaal nodig. Een verhaal dat voortborduurt op de mentaliteit van de wederopbouw na de oorlog. Een mentaliteit die we in de afgelopen twintig jaar ergens onderweg zijn kwijt geraakt.

Mensen zijn het motto 'Alles Voor Vandaag, Vandaag Voor Alles' beu. Voor wie bouwden - letterlijk en figuurlijk - onze ouders na de oorlog ons land weer op?

Op eerste plaats voor de toekomst van Nederland, voor hun kinderen en kleinkinderen.

De vanzelfsprekende solidariteit tussen de generaties heeft ons geholpen een beschaafd land te worden.

Het is bedenkelijk dat sommigen, ook in deze zaal, die vanzelfsprekendheid in twijfel hebben getrokken. Gebaseerd op onjuiste cijfers nog wel.

Mensen maken zich zorgen over de toekomst; ze vragen zich af waarnaar we op weg zijn. Het is echter mijn vaste overtuiging dat mensen dolgraag willen bijdragen aan iets dat groter is dan zijzelf: een mooie toekomst voor volgende generaties; een fijne, intieme school; een sportvereniging; een goed lopend bedrijf; een warm verblijf voor anderen die hulp nodig hebben; een politieke partij; de toneelvereniging; de wijk of buurt; het land of de wereld.

Elk onderzoek wijst uit dat mensen meer gemeenschapszin willen. Men is de leegheid en het cynisme van het structurele egoïsme voorbij. 'Een maatschappij voor mensen' is wat de meeste mensen willen.

De SP wil deze mensen graag een handje helpen met een beleid dat hen aanmoedigt en helpt in plaats van frustreert.

Daarvoor moet het vertrouwen van de mensen in de overheid, hún overheid worden hersteld.

Mijn partij wil daar graag een verdere bijdrage aan leveren.

Door opbouw in plaats van afbraak.

Vertrouwen in plaats van georganiseerd wantrouwen.

De menselijke maat in plaats van muffe bureaucratie.

Optimisme in plaats van pessimisme.

En vooral: Sociaal in plaats van liberaal.

(Gesproken tekst geldt.)

[NOOT VOOR PERSSUPPORT, NIET TER PUBLICATIE: er staat bewust geen telefoonnummer onder dit bericht]