Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

De Voorzitter van de Tweede Kamer Postbus 90801 der Staten-Generaal 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 Binnenhof 1 A Telefoon (070) 333 44 44 2513 AA S GRAVENHAGE Fax (070) 333 40 33 www.szw.nl 2513AA22XA

Contactpersoon Uw brief 2060705040 Doorkiesnummer Ons kenmerk UB/K/07/362 Datum 23 januari 2007 Onderwerp Kamervragen van het lid Ulenbelt

Hierbij zend ik u de antwoorden op de Kamervragen van het lid Ulenbelt (SP) over de proef van UWV om kankerpatiënten te laten herkeuren door gespecialiseerde artsen.

De Minister van Sociale Zaken
en Werkgelegenheid,

(mr. A.J. de Geus)

Ons kenmerk UB/K/07/362

2060705040

Vragen van het lid Ulenbelt (SP) aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de proef van het UWV om kankerpatiënten te laten herkeuren door gespecialiseerde artsen. (Ingezonden 3 januari 2007)


1
Waaruit bestaat de proef van het UWV om kankerpatiënten te herkeuren door gespecialiseerde artsen? Worden verzekeringsartsen bijgeschoold door deskundigen van de patiëntenvereniging? Zo neen, door wie dan wel? 1)

Antwoord 1
Er komt een regionale proef waarbij de claimbeoordeling van (ex-)kankerpatiënten wordt uitgevoerd door reguliere verzekeringsartsen en gespecialiseerde verzekeringsartsen. Medisch specialisten (onder meer oncologen) verzorgen de betreffende nascholing met betrekking tot kanker, de behandelmethoden en de bijwerkingen daarvan. Voorts worden gespecialiseerde re- integratiebureau's ingezet voor de ondersteuning bij re-integratie. Van deze proef heb ik reeds melding gemaakt in mijn brief van 20 december 2006 over de WAO-herbeoordelingen.


2
Is er sprake van een tekort aan kennis bij de verzekeringsartsen in dienst van het UWV om het verzekeringskundig onderzoek van kankerpatiënten te verrichten? Zo neen, waarom is de proef dan nodig? Zo ja, worden dan al gedane (her-)keuringen van kankerpatiënten opnieuw bezien? Zo neen, waarom niet?


3
Onderzoekt u of er verschillen zullen zijn tussen de herkeuring door de gespecialiseerde en niet-gespecialiseerde artsen? Zo neen, waarom niet? Zo ja, welke gevolgen zullen daaraan worden verbonden?


4
Zijn er andere aandoeningen waarbij verondersteld kan worden dat de kennis van verzekeringsartsen over de invaliderende effecten van de ziekte, de gevolgen van behandeling of psychische gevolgen daarvan, tekort schiet? Zo neen, waarom niet? Zo ja, bij welke aandoeningen? Worden daarvoor ook gespecialiseerde artsen opgeleid?

Antwoord 2, 3 en 4
Er is geen tekort aan kennis bij verzekeringsartsen van UWV voor wat betreft kankergerelateerde vraagstukken noch is er een tekort aan kennis met betrekking tot andere ziektebeelden. Wel is het zo dat vaststelling van de functionele mogelijkheden bij het ene ziektebeeld lastiger is dan bij het andere. Daarom wordt continu gewerkt aan het vermeerderen en verdiepen van de verzekeringsgeneeskundige kennis. In dit verband kunnen onder meer genoemd worden de samenwerking die UWV is gestart met het wetenschappelijk onderwijs
---

Ons kenmerk UB/K/07/362

om te komen tot academisering van de verzekeringsgeneeskunde, de verzekeringsgeneeskundige protocollen die door de Gezondheidsraad worden ontwikkeld en de ontwikkeling van claimprudentie binnen UWV. In dit kader dient ook de genoemde proef geplaatst te worden. Het doel van de proef is te onderzoeken of de extra verworven kennis bijdraagt ­ en zo ja op welke wijze ­ aan verdere verbetering van de kwaliteit van de verzekeringsgeneeskundige beoordeling.
Ik zie geen aanleiding de uitgevoerde (her-)keuringen van kankerpatiënten opnieuw te laten bezien.


5
Zijn er van andere patiëntenverenigingen signalen ontvangen dat verzekeringsartsen niet adequaat de gezondheidstoestand van arbeidsongeschikten beoordelen? Zo neen, wilt u onderzoeken of dat het geval is?

Antwoord 5
Een bundeling van signalen van cliënten- en patiëntenorganisaties is opgenomen in het rapport "De eenmalige herbeoordeling: het verhaal achter de cijfers" van het Breed Platform Verzekerden en Werk (BPVW). Naar aanleiding van deze signalen heeft UWV overleg gevoerd met cliënten- en patiëntenorganisaties. In vervolg hierop heeft UWV een aantal maatregelen getroffen. Hierover heb ik u geïnformeerd met mijn brief van 20 december 2006.


6
Hoe is de overdracht van nieuwe wetenschappelijke kennis over ziekten, gevolgen van behandeling en bijeffecten op de functionele mogelijkheden georganiseerd? Welke waarborgen zijn er dat verzekeringsartsen de nieuwste kennis toepassen?

Antwoord 6
Het kennisniveau van de verzekeringsartsen bij het UWV wordt actueel gehouden via scholing en coaching. Daarbij worden relevante inzichten en resultaten van wetenschappelijk onderzoek betrokken. Verzekeringsartsen zijn verplicht deel te nemen aan scholings- en coachingsactiviteiten. Hiermee wordt voldaan aan de eisen zoals geformuleerd door de beroepsvereniging NVVG en de sociaal medische registratie commissie van de KNMG. Daarnaast zijn verzekeringsartsen gehouden aan toepassing van de professionele standaarden en protocollen en de kwaliteitseisen die worden gesteld in het Professioneel Statuut Verzekeringsartsen. Onder meer op deze punten bewaakt UWV continu de kwaliteit van de medische beoordelingen.


1) http://www.nos.nl/nos/artikelen/2006/12/art000001C72B08DB0BCF83.html
---