Unicef



Irak: angst voor bevalling 31 januari 2007, Amman - De 21-jarige Nadtha maakte tijdens de laatste maanden van haar zwangerschap een angstige periode door. Ze had al een peuter die steeds om haar aandacht vroeg en ze zat er over in of ze de zorg voor haar groeiende gezin wel aan zou kunnen. Ze wilde zeker weten dat de bevalling goed zou verlopen en dat haar baby gezond ter wereld zou komen.

Een baby wordt gewogen op een weegschaal van Unicef. Foto: Unicef/HQ03-0019/Noorani
Een baby wordt gewogen op een weegschaal van Unicef. Foto: Unicef/HQ03-0019/Noorani

Veel Iraakse jonge moeders als Nadtha kampen met dezelfde angsten. In Irak is het tegenwoordig voor vrouwen gevaarlijk om een kind ter wereld te brengen. Artsen en verpleegkundigen zijn naar veiliger gebieden gevlucht, waardoor het voor duizenden zwangere vrouwen heel moeilijk is om goede zorg te krijgen. "De meeste vrouwen weten dat ze naar de dokter moeten als ze zwanger zijn, vooral als het om hun eerste kind gaat," zegt Nadtha. "Maar er zijn niet genoeg artsen voor alle zwangere vrouwen in mijn gemeenschap."

Voorbeeld
Vroeger werd de gezondheidszorg in Irak als voorbeeld voor de rest van het Midden-Oosten beschouwd. Vóór 1990 overleden 117 vrouwen per 100.000 levendgeborenen. Door de oorlog, de economische teloorgang van het land en het geweld ging het in 2004 om 193 vrouwen per 100.000 levendgeborenen.

"Veel zwangere vrouwen reizen niet graag naar kraamklinieken, omdat ze bang zijn slachtoffer te worden van het geweld," zegt Leila Fakhir Abu Ragheef, een arts die verbonden is aan de universiteit van Bagdad. "Sommige artsen zien hen pas als ze moeten bevallen of als ze wegens complicaties in het ziekenhuis moeten worden opgenomen."

Een gezondheidswerker vertelt een moeder hoe ze haar baby borstvoeding kan geven. Foto: Unicef/HQ03-0020/Noorani Een gezondheidswerker vertelt een moeder hoe ze haar baby borstvoeding kan geven. Foto: Unicef/HQ03-0020/Noorani

Artsen als Leila komen op voor de zwangere vrouwen van Irak en Unicef wil hen daarbij helpen. Samen met de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en het United Nations Population Fund herbouwt Unicef in Irak honderden kraamklinieken. Daarnaast zorgen de VN-organisaties voor medische apparatuur en medicijnen. Met steun van Unicef voegt de overheid ook foliumzuur en ijzer aan meel toe, voedingsstoffen die belangrijk zijn voor moeder en kind.

Warmte, reinheid en liefde Deze week zijn Unicef en de WHO aan een trainingscampagne begonnen om de kennis van Iraakse artsen, verpleegkundigen en vroedvrouwen bij te spijkeren. Op deze manier moet de kwaliteit van de zorg voor pasgeborenen verbeteren. "Om een hechte band tussen moeder en kind te smeden, is de zorg voor pasgeborenen heel belangrijk," zegt dokter Leila. "Het gaat om simpele zaken als warmte, reinheid, het geven van borstvoeding en liefde. Zaken die het aantal Iraakse baby's dat jaarlijks overlijdt omlaag kunnen brengen."

Het verbeteren van de zorg aan moeders en baby's in Irak moet zelfs in de huidige omstandigheden een prioriteit blijven, vindt Unicef. Voor Nadtha was het een hele geruststelling dat ze uiteindelijk toch goede zorg kreeg. "De artsen en zusters hielden tijdens de controles de groei van mijn kind in de gaten. Ze vertelden me ook over borstvoeding en dat ik mijn kind kon laten vaccineren," zegt ze. "Ik zou willen dat meer moeders deze zorg zouden kunnen krijgen, zodat er in Irak meer gezonde baby's ter wereld komen."