ChristenUnie


Inbreng bij Initiatiefnota van de PVV over immigratie

Inbreng bij Initiatiefnota van de PVV over immigratie

donderdag 08 november 2007 16:39

De leden van de fractie van de ChristenUnie hebben met weinig enthousiasme kennis genomen van voorliggende initiatiefnota. Ondanks het feit dat zij van mening zijn dat het prijzenswaardig moet worden geacht wanneer volksvertegenwoordigers adviezen en aanbevelingen aandragen in de hoop omvangrijke misstanden binnen overheidsorganisaties als de IND uit te bannen, zijn de leden van de ChristenUnie teleurgesteld over de wijze waarop daar in casu door de initiatiefnemer uitwerking wordt aan gegeven.

Het begin van de initiatiefnota bevat een uiteenzetting van uitwassen op het gebied van het huidige immigratie- en vreemdelingenbeleid. De leden van de ChristenUnie-fractie missen daarvan een nadere cijfermatige onderbouwing. Zij vragen de initiatiefnemer in het bijzonder om een onderbouwing van het massale misbruik van het gezinsmigratiebeleid, de zgn. `wisseltruc', het omzeilen van het nationale toelatingsbeleid door de veel mildere EU-bepalingen en het omzeilen van de inkomenseis door het verstrekken van valse gegevens.

De leden van de ChristenUnie-fractie vragen de initiatiefnemer nader toe te lichten waarom in de nota wordt geadviseerd een parlementaire enquête in te stellen om de bestaande problemen binnen de IND nader te belichten en uit te diepen? Ligt er op dit moment niet voldoende onderzoeksmateriaal en is het niet veel beter om de energie te steken in het werken aan concrete verbeteringen in de werkwijze van de IND? Ze verwijzen met name naar de nu al jaren lang verstrekte kwartaalcijfers van de IND, waarin voortdurend een grote hoeveelheid feitelijke informatie wordt verstrekt.

De leden van de ChristenUnie-fractie constateren dat de meeste aanbevelingen niet zien op het opheffen van de specifieke misstanden binnen de IND, maar betrekking hebben op de inhoud van het bestaande vreemdelingenbeleid. Omtrent een aantal van deze aanbevelingen bestaan bij deze leden prangende vragen.

De leden van de ChristenUnie-fractie vragen de initiatiefnemer een nadere toelichting te geven op zijn voorstel met betrekking tot een immigratiestop. Initiatiefnemer vindt het gerechtvaardigd, vanwege de enorme problemen die de immigratie van mensen afkomstig uit moslimlanden met zich meebrengt, om voor een periode van ten miste vijf jaar geen ( gezins-)migratie van mensen uit moslimlanden naar Nederland toe te staan. Zij vragen hem daarbij in het bijzonder in te gaan op de beginselen van subsidiariteit, proportionaliteit en rechtsgelijkheid, nu het om een specifieke groep immigranten gaat.

Verder stelt initiatiefnemer voor om een verblijf van maximaal 6 weken buitenslands toe te staan. De leden van de ChristenUnie-fractie vragen de initiatiefnemer welke effecten dit heeft voor de kennismigratie en of hij die effecten gewenst acht?

Daarnaast stelt initiatiefnemer voor om een assimilatiecontract te laten ondertekenen. De leden van de ChristenUnie-fractie constateren dat de beoogde inhoud van dit contract grote overeenkomst vertoont met de Grondwet. Zij vragen de initiatiefnemer dan ook in te gaan op de verhouding van dit assimilatiecontract tot de Grondwet en of de initiatiefnemer zelf mogelijkheden ziet om de rol van de Grondwet bij immigratie te versterken? Tenslotte vragen zij naar de relatie van het aanhangige wetsvoorstel `Verklaring van verbondenheid'.

Slechts één korte aanbeveling ziet vervolgens op de werkwijze van de IND. De initiatiefnemer geeft hier aan de mening te zijn toegedaan dat de Vreemdelingenwet de afgelopen jaren op een `ongelooflijk slechte wijze' is gehandhaafd. Zij nemen aan dat daarbij vooral wordt gedoeld op het beleid tijdens de jaren van de vorige minister van V&I. Hieraan wordt toegevoegd dat zowel het beleid als de werkwijze binnen de IND drastisch moet worden omgegooid: er moet onder anderen meer tijd en geld worden vrijgemaakt om te komen tot een daadwerkelijke en deugdelijke toetsing van verblijfsaanvragen, en een goede toetsing op het gebied van documenten, inkomen en samenwoning. De leden van de ChristenUnie-fractie juichen een dergelijke kwaliteitsimpuls vanzelfsprekend toe. Zij vragen de initiatiefnemer echter toe te lichten waarom hij zich enerzijds hard maakt voor een zorgvuldiger behandeling van aanvragen, en de alsmaar toenemende productiedruk laakt, terwijl hij anderzijds opmerkt dat als men er desondanks niet in slaagt deze druk te verlagen, deze zich dan maar uitsluitend moet richten op het aantal afwijzingen? Ook vragen zij de initiatiefnemer rekenschap te geven van het feit dat als gevolg van de productiedruk gericht op afwijzingen, vluchtelingen in het land van herkomst kunnen omkomen.