Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Directie Natuur
Willem Witsenplein 6
Postadres: Postbus 20401
2500 EK 's-Gravenhage
Telefoon: 070 - 3786868
Fax: 070 - 3786100

De Voorzitter van de Tweede Kamer
der Staten-Generaal

Postbus 20018
2500 EA 's-GRAVENHAGE


5 februari 2008 2070810410 DN. 2008/426 13 maart 2008

Kamervragen over de drukjacht

Datum Kenmerk Paraaf: Vervolgblad

13 maart 2008 DN. 2008/426

uw brief van uw kenmerk ons kenmerk datum
onderwerp bijlagen
D i rectie Natuur

Geachte Voorzitter,

Hierbij beantwoord ik de vragen van het lid Van Velzen (SP) over de drukjacht.


1
Is het u bekend dat, ook zonder de omstreden drukjacht toe te passen, het aantal wilde zwijnen op de Veluwe slinkt en dat van de naar schatting 6000 zwijnen de afgelopen tijd meer dan 3500 afgeschoten zijn via de normale jachtmethode waarbij lokvoer wordt gebruikt? 1) Zo ja, is het waar dat ook zonder de drukjacht de nagestreefde populatie zwijnen wordt gehaald?

Neen. Met de reguliere aanzitmethode met gebruik van lokvoer wordt de nagestreefde voorjaarsstand van 835 wilde zwijnen niet gehaald. De populatie slinkt weliswaar, maar te verwachten is dat er 1000 van de beoogde 4900 zwijnen niet afgeschoten worden.


2
Deelt u de mening dat door de forse afname van het aantal zwijnen inmiddels overtuigd bewezen is dat de drukjacht niet noodzakelijk is? Zo ja, bent u bereid de drukjacht onder alle omstandigheden te verbieden en het initiatiefwetsvoorstel Van Velzen 2) over te nemen? Zo neen, waarom niet?
Neen. Ondanks dat door veel inzet van de provincie Gelderland en Faunabeheereenheid Veluwe een niet onaanzienlijke afname van het aantal wilde zwijnen gerealiseerd is, zijn er naar verwachting 1000 dieren meer dan de gewenste voorjaarsstand. Na een goed mastjaar, zoals in het najaar van 2007, is een dusdanige aanwas te verwachten, dat de zomerstand op 5500 wilde zwijnen komt. Een dergelijke zomerstand zal naar verwachting opnieuw voor verkeersonveilige situatie en economische schade zorgen. Ik vind het prematuur te concluderen de methode van één-op-één drijven onder alle omstandigheden te verbieden.


3
Is het waar dat de provincie Gelderland heeft besloten dat individuele jagers de drijfjacht mogen gaan toepassen in november en december? Zo ja, bent u bereid met de provincie Gelderland in overleg te gaan om de onredelijkheid van het toestaan van de drukjacht uit te leggen, gezien de reële situatie van de populatie op de Veluwe? Zo neen, waarom niet? Naar aanleiding van een bezwaarschrift hebben Gedeputeerde Staten van Gelderland besloten dat aan de verleende ontheffing om gebruik te maken van de methode van éénop- één drijven, de voorwaarde wordt verbonden dat alleen in de maanden november en december van deze methode gebruik gemaakt mag worden. Met de verleende ontheffing bedoel ik de ontheffing die Gedeputeerde Staten van Gelderland bij besluit van 22 juni 2005 aan de Faunabeheereenheid Veluwe tot 1 februari 2010 hebben afgegeven. Dit was de ontheffing voor afschot door middel van de reguliere aanzitmethode met lokvoer. Bij besluit van 2 oktober hebben Gedeputeerde Staten van Gelderland aan deze ontheffing de methode van één-op-één drijven toegevoegd.
Ik heb de provincie Gelderland verzocht een nieuwe structurele aanpak van de wilde zwijnenstand te ontwikkelen, waardoor de methode van één-op-één drijven niet meer hoeft te worden ingezet. Ik zal uw Kamer hierover binnenkort informeren.
4
Deelt u de mening dat de vele bezwaar- en beroepsprocedures niet nodig geweest waren als u de motie-Jacobi 3) had uitgevoerd? Zo ja, welke lessen trekt u hieruit voor wat betreft de uitvoering van door de Kamer aangenomen moties? Neen. Mijn standpunt ten aanzien van moties staat los van het recht van belanghebbenden om gebruik te maken van bezwaar- en beroepsprocedures.
DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN
VOEDSELKWALITEIT,
G. Verburg

1) NOS, 29 januari 2008

2) Kamerstuk 31 264

3) Kamerstuk 31 200 XIV, nr. 71