Wereldwijd onderzoek vn-deskundigen: geen aanleiding tot paddoverbod


DEN HAAG, 20080527 -- Paddo's zijn bewezen onschadelijk. Verbieden is een onverstandige en gevaarlijke beslissing, omdat de kweek van en handel in paddo's daardoor wordt gecriminaliseerd. De vraag naar paddo's zal blijven bestaan, en de kweek en handel dus ook. Omdat deze dan illegaal zijn, is die markt niet meer controleerbaar. Het verbieden van paddo's zal de volksgezondheid geen goed doen, vinden Prof.dr. F.A. de Wolff, emeritus hoogleraar klinische en forensische toxicologie te Leiden, en Dr. E.J.M. Pennings, neurobiochemicus en toxicoloog.

Volgens de adviescommissie van het ministerie van VWS; het CAM, zijn de risico's van paddo's gering en leveren die alleen in combinatie met andere drugs of alcohol of in een onrustige setting gevaren op. Het CAM becijferde zelfs dat bij paddogebruik slechts in 0,04 procent van de gevallen de hulp van een ambulance werd ingeroepen.

In zijn brief d.d. 4 februari 2008 aan de Tweede Kamer schrijft Minister Klink over het CAM en de risicoanalyse die door het CAM werd uitgevoerd:
1) "De procedure die het CAM volgt acht ik wel degelijk een wetenschappelijke benadering van de problematiek".
2) "Samengevat ben ik van mening, dat de instelling van het CAM en de methode die het CAM hanteert een betrouwbaar en waardevol instrument is ten behoeve van de beleidsvoorbereiding. Ook in het verleden, het CAM bestaat sinds 1999, is dit herhaaldelijk gebleken."
Hiermee zegt de Minister dat het risicoanalyse rapport van het CAM wel degelijk wetenschappelijk, betrouwbaar en waardevol is, en het advies van het CAM, zoals gebruikelijk, dus overgenomen moet worden. Het CAM advies wijst een verbod af, en pleit voor verdere regulering.

Ook op VN-verdragsniveau blijkt, na een wereldwijd onderzoek door deskundigen van de International Nartcotics Control Board, dat er geen aanleiding voor een paddoverbod is.

De International Nartcotics Control Board (INCB) is het orgaan van de Verenigde Naties dat de naleving van de drugsverdragen door de lidstaten moet waarborgen. De INCB onderzoekt en analyseert hiertoe voortdurend de informatie die het wereldwijd vanuit o.a. de lidstaten en de wereldgezondheidsorganisatie ontvangt over de mogelijke schadelijkheid van bepaalde stoffen. De INCB kan aanbevelingen doen om bepaalde voor de volksgezondheid schadelijk geachte stoffen onder de controle van de verdragen te brengen. Teneinde het doel van de verdragen - het waarborgen van de volksgezondheid - te optimaliseren staat de INCB in voortdurend contact met de lidstaten over het door hen op nationaal niveau gevoerde drugsbeleid.

Enkele jaren geleden heeft de INCB opnieuw een wereldwijd onderzoek laten verrichten naar de mogelijke schadelijke effecten voor de volksgezondheid van psylocine en psylocibine bevattende paddestoelen en hun bewerkingen. Dit onderzoek werd uitgevoerd door een werkgroep van deskundigen op diverse terreinen. De uitslag van dit onderzoek was, dat het standpunt van de INCB terzake van psylocibine en psylocine bevattende paddenstoelen ongewijzigd is gebleven, d.w.z. dat er dat er op grond van de door haar verzamelde gegevens geen rechtvaardiging bestond voor een advies aan de Commissie voor Narcotische Drugs van de VN strekkende tot een verbod op het gebruik van hallucinerende paddenstoelen, die geen bewerking hebben ondergaan, en er dus geen aanleiding was voor de INCB om op grond van dit onderzoek psylocine en/of psylocibine bevattende paddenstoelen danwel hun bewerkingen onder de controle van de VN-verdragen te brengen.

Het standpunt van de INCB wordt onderschreven door de Nederlandse Inspectie voor de Gezondheidszorg, tal van onderzoeksinstituten, zoals het Trimbos-instituut en het Adviesburo Drugs, en ook indviduele wetenschappers. Zij geven allen aan dat het verbod niet alleen onzinnig maar ten aanzien van de effecten ook gevaarlijk is.





Vlos