Academisch Medisch Centrum Universiteit van Amsterdam

Gezamenlijk Persbericht van TNO en AMC

Amsterdam, 24 juni 2008

Embargo tot dinsdag 24 juni 2008, 22.00 uur

RFID-technologie stoort medische apparatuur

Systemen die werken met op afstand afleesbare chips met informatie, bijvoorbeeld polsbandjes met een elektronische identificatiecode, kunnen medische apparatuur verstoren. Dat blijkt uit een artikel dat morgen verschijnt in het gezaghebbende tijdschrift JAMA (Journal of the American Medical Association). Het artikel beschrijft een onderzoek dat onder leiding van AMC en TNO werd uitgevoerd naar de storende invloed van twee typen RFID op 41 medische apparaten die worden gebruikt op Intensive Care Units of in operatiekamers. RFID (Radio Frequency IDentification) is een techniek voor tracking & tracing; het (op afstand) identificeren en volgen van goederen of personen. Dat gebeurt door het via radiogolven uitwisselen van gegevens van informatiechips met behulp van elders aanwezige apparatuur. Het is voor het eerst dat veiligheidsrisico's van deze techniek voor ziekenhuizen zijn onderzocht.

Binnen de gezondheidszorg groeit de belangstelling voor RFID. De toepassingsmogelijkheden zijn dan ook legio. Erik Jan van Lieshout, internist-intensivist in het AMC en één van de leiders van het onderzoek, noemt als voorbeelden het volgen van patiënten via een polsband met chip (waarmee men kan nagaan waar en hoe lang zij zich in het ziekenhuis bevinden, dus zeer geschikt voor het registreren van wachttijden) of het lokaliseren van dure medische apparatuur of disposables als verbandgaas (zodat na de operatie geen gaas meer onopgemerkt in het lichaam achterblijft). Of de RFID-techniek veilig is voor gebruik in een omgeving waar veel elektronische apparatuur staat, zoals een Intensive Care of een operatiekamer, was echter niet bekend. Nu blijkt dat de radiogolven van RFID medische apparatuur kunnen storen. De onderzoekers waarschuwen daarom voor invoering van dit soort systemen zonder grondige evaluatie vooraf en pleiten voor meer onderzoek op locatie. Voorafgaand aan installatie van RFID zou men eigenlijk ter plekke, dus op de kamer of afdeling waar het systeem gebruikt gaat worden, moeten nagaan wat de veiligheidsrisico's zijn. Vooral van belang is de plaats van de uitleesapparatuur waarmee RFID-chips communiceren. Zij vormen de voornaamste bron van verstoringen. Om de risico's nog verder te verminderen dienen fabrikanten van medische apparatuur in de toekomst meer aandacht te besteden aan het reduceren van de stralingsgevoeligheid van hun apparaten. De onderzoekers van AMC en TNO pleiten er daarom voor om samen met de industrie systemen te ontwikkelen die wel veilig zijn voor de zorg.

Een RFID-systeem bestaat uit twee elementen: een tag (bijvoorbeeld een polsbandje of toegangspas) met daarin een chip met identificatiegegevens, en een RFID-lezer. Bij de onderzochte systemen communiceert die op afstand met de tag. De uitwisseling van gegevens gebeurt met behulp van radiogolven. Met RFID kan men nagaan waar goederen of personen zich op een specifiek moment bevinden. Bekendste toepassing is het elektronische anti-diefstalpoortje in winkels. Ook gebruikt men de techniek voor onder andere toegangspasjes, in de logistiek en op bloemenveilingen.

Het RFID-project is uitgevoerd op verzoek van het ministerie van VWS en met steun van het ministerie van EZ. Overige partners zijn de bedrijven Capgemini, Geodan, Intel en Oracle. (zie www.rfidzorg.nl).

Publicatie: Electromagnetic Interference From Radio Frequency Identification Inducing Potentially Hazardous Incidents in Critical Care Medical Equipment. Remko van der Togt, MSc, Erik Jan van Lieshout, MD, Reinout Hensbroek, MSc, E. Beinat, PhD, J.M. Binnekade, PhD, P.J.M. Bakker, MD, PhD, JAMA, Vol. 299, No. 24, June 25, 2008, pp. 2884-2890.


Noot voor de redactie (

Academisch Medisch Centrum Universiteit van Amsterdam