Ministerraad


Digitaal procederen bij bestuursrechter wordt mogelijk

Persbericht | 11-07-2008

Burgers kunnen voortaan digitaal procederen bij de bestuursrechter. Dit betekent dat processtukken en beroepsschriften elektronisch kunnen worden verzonden. De ministerraad heeft op voorstel van minister Hirsch Ballin van Justitie en minister Ter Horst van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ingestemd met een daartoe strekkend wetsvoorstel. Dit biedt een wettelijke grondslag voor snel, betrouwbaar en vertrouwelijk elektronisch verkeer tussen burgers en bestuursrechters.

De voorgestelde regeling sluit aan bij de toenemende behoefte in de praktijk aan elektronische mogelijkheden tijdens een bestuursrechtelijke procedure. Het stimuleert bestuursrechters om het elektronisch procederen verder te ontwikkelen. Deze vorm van procederen heeft namelijk belangrijke voordelen. Allereerst bevordert het digitaal verzenden van een beroepschrift de toegankelijkheid van de bestuursrechtspraak. Bovendien draagt de beschikbaarheid van digitale processtukken bij aan vermindering van de doorlooptijden. Elektronisch verzonden stukken kunnen eenvoudig worden bewaard en snel worden geraadpleegd bij de behandeling van nieuwe beroepszaken. Dit in tegenstelling tot papieren documenten, waarvan de opslag veel ruimte en geld kost. Moderne communicatie is efficiënt en kan op termijn leiden tot aanzienlijke kostenbesparingen bij de gerechten.

De rechtbanken in Rotterdam, Dordrecht en Breda zijn al begonnen met het project 'digitale procedure bestuursrecht' dat onder meer voorziet in pilots met het elektronisch instellen van beroep en met het digitaal beheer van procesdossiers. Op deze wijze willen de gerechten bezien hoe het elektronisch verkeer tussen partijen en de bestuursrechter zo efficiënt mogelijk kan worden vormgegeven en welke invloed dit mogelijkerwijs heeft op onder meer de bedrijfsvoering en de relatie tussen verschillende partijen.

Overigens mag de burger per e-mail een beroepschrift aan de bestuursrechter verzenden, maar dit hoeft niet. Van een plicht tot digitaal procederen is dus geen sprake. Degene die om wat voor reden dan ook geen gebruik van e-mail wil maken, mag ook in de toekomst de papieren weg blijven bewandelen.

De ministerraad heeft ermee ingestemd dat het wetsvoorstel voor advies aan de Raad van State zal worden gezonden. De tekst van het wetsvoorstel en van het advies van de Raad van State worden pas openbaar bij indiening bij de Tweede Kamer.