Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport


4. Reactie op IGZ-rapport "Het resultaat telt! 2007"

Reactie op IGZ-rapport "Het resultaat telt! 2007"

Kamerstuk, 24 december 2008

De Voorzitter van de Tweede Kamer
der Staten-Generaal
Postbus 20017
2500 EA DEN HAAG

Datum 24 december 2008
Betreft Reactie op IGZ-rapport "Het resultaat telt! 2007"

Geachte voorzitter,

Hierbij zend ik u het IGZ-rapport "Het resultaat telt! 2007", Prestatie-indicatoren als onafhankelijke graadmeter voor de kwaliteit van in ziekenhuizen verleende zorg. Het betreft de analyse van de gegevens die ziekenhuizen hebben verstrekt over 20 indicatoren die betrekking hebben op de uitkomsten van zorg.

Het is nu voor de vijfde maal dat de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) verslag doet van haar jaarlijkse onderhoud van de set prestatie-indicatoren. Deze gegevensverzameling is inmiddels een vast onderdeel van het gefaseerd toezicht waarmee de IGZ haar ambitie realiseert om effectief en efficiënt toezicht te houden op de ziekenhuizen.

De ziekenhuizen (ook de UMC's) publiceren deze gegevens allen op één website bij de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ). Zij maken tevens deel uit van het Jaardocument maatschappelijke verantwoording.

Zoals gezegd zijn de indicatoren voor de IGZ een belangrijk instrument om effectief en efficiënt toezicht te houden op de kwaliteit van de zorg. Zo betrekt de IGZ de prestaties van de ziekenhuizen bij de jaarlijkse inspectiebezoeken. Daarnaast heeft de IGZ op basis van de indicatoren ingegrepen bij bijvoorbeeld ziekenhuizen die niet bleken te voldoen aan het minimale volume van risicovolle operaties. In ziekenhuizen die over de hele linie matig scoorden, verrichtte de IGZ eerst verdiepend onderzoek alvorens een oordeel te vellen. Dit heeft in een aantal gevallen tot nader ingrijpen geleid.

Terugblikkend op de afgelopen vijf jaar is de basisset prestatie-indicatoren niet meer weg te denken bij de standaard werkwijze van de IGZ. De indicatoren zijn daarnaast ook voor de ziekenhuizen (spiegelinformatie), de cliënten (keuzeinformatie) en de verzekeraars (inkoopinformatie) van groot belang.

Hoogachtend,
de Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,

dr. A. Klink