Ministerie van Financiën

Antwoorden Kamervragen over aangifteprogramma van de Belastingdienst

Kamervragen | 06-10-2009 | Uitvoering
De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018
2500 EA Den Haag

Betreft: Kamervragen van het lid Omzigt over het aangifteprogramma van de Belastingdienst

Ons kenmerk: DGB/2009/5069 U

Uw brief (kenmerk): 18 september 2009, kenmerk 2009Z16734

Hierbij doe ik u de antwoorden toekomen op de schriftelijke vragen van het lid Omtzigt (CDA) over het aangifteprogramma van de Belastingdienst

mr. drs. J.C. de Jager

Antwoord van de staatssecretaris van Financiën op de vragen van het lid Omtzigt (CDA) over het aangifteprogramma van de Belastingdienst (ingezonden 18 september 2009) kenmerknr. 2009/Z16734.

Vraag 1

Is het waar dat er in het aangifteprogramma van de Belastingdienst bij het berekenen van voorlopige aanslagen van uit wordt gegaan dat de heffingskortingen bij de loonheffing door de (vroegere) dienstbetrekking met het hoogste inkomen wordt toegepast? Betekent dit dat bij veel 65+ers alle heffingskortingen alleen tegen de AOW wordt verzilverd en dat dus ongeveer EUR 164 teveel wordt ingehouden bij de voorlopige aanslag?

Vraag 2
Kunt u aangeven in welke situaties het zo is dat een te laag bedrag aan heffingskortingen in aanmerking wordt genomen en wat hiervan de gevolgen zijn?

Antwoord op de vragen 1 en 2
Nee. Het is niet juist dat er in het aangifteprogramma bij het berekenen van voorlopige aanslagen van uit wordt gegaan dat de heffingskorting bij het hoogste inkomen wordt toegepast. Wel is het zo dat in juli 2009 volgende voorlopige aanslagen over het jaar 2009 zijn opgelegd op basis van de ingediende aangifte over het jaar 2008. Over deze zelfde produktieverstoring zijn ook vragen gesteld door de leden Nepperus en Remkes (Tweede Kamer, vergaderjaar 2008-2009, nr. 2009Z14244 van 23 juli 2009), welke reeds zijn beantwoord. Degenen die een onjuiste aanslag hebben ontvangen, hoeven niets te doen. De gecorrigeerde aanslagen zijn inmiddels ook al aan betrokkenen toegezonden.

Vraag 3
Betekent dit dat alle 65+ers met een aanvullend pensioen automatisch teveel belasting betalen en daarom allemaal zelf een belastingformulier moeten invullen om geld terug te krijgen? Zo ja, hoe gaat u iedereen daarover informeren?

Antwoord 3
65+ers met een aanvullend pensioen betalen niet teveel belasting. In de meeste gevallen is het zo dat een 65+er met aanvullend pensioen een te betalen aanslag gaat ontvangen, omdat zowel bij de AOW-uitkering als het pensioen de inhouding wordt berekend volgens het laagste tarief. In de gevallen dat het totale inkomen boven de schijf van het eerste tarief (EUR 17.878, cijfers 2009) uitkomt, is er te weinig loonheffing ingehouden en zal er een te betalen aanslag volgen.

Vraag 4
Ziet u een mogelijkheid dat bij de broninhouding rekening wordt gehouden wordt met zowel de AOW als het pensioen , zodat in de toekomst bovenstaande problemen niet langer aan de orde zijn? Zo nee, welke oplossing ziet u dan?

Antwoord 4
De enige mogelijkheid om bij de bronheffing al rekening te houden met zowel AOW als pensioen zou zijn de gezamenlijke uitbetaling door één inhoudingsplichtige, te weten de SVB of het pensioenfonds. Deze samenvoeging is echter met ingang van het jaar 2002 niet meer mogelijk. Belangrijkste argument hierbij was dat duidelijk zou worden wie er verantwoordelijk is voor het wettelijk deel van de uitkering en wie voor het bovenwettelijk deel.

Meer informatie


* Antwoorden op Kamervragen van het lid Omzigt over het aangifteprogramma van de Belastingdienst
06-10-2009 | PDF bestand, 23 Kb

Zie het origineel

Verwante dossiers


* Uitvoering