ChristenUnie


Bijdrage Cynthia Ortega-Martijn Begroting WWI

Bijdrage Cynthia Ortega-Martijn Begroting WWI

dinsdag 27 oktober 2009 15:30

Mevrouw Ortega-Martijn (ChristenUnie): Voorzitter. De uitdagingen in 2010 op de woningmarkt en in de wijken zijn groot. De bouw moet weer op gang komen en in de krachtwijken moet de uitvoering van plannen zichtbaar worden voor de bewoners. Het is goed dat de stimuleringsmaatregelen effect sorteren in de woningproductie, zoals blijkt uit het rapport van het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid. Graag hoor ik van de minister of het vertrouwen van de consument in de markt voor koophuizen aan het herstellen is.

Bij de heroverwegingen is voor de ChristenUnie met betrekking tot de discussie over de hypotheekrente ideaal dat wij naar een systeem gaan waarin het aflossen van schulden meer wordt beloond dan het zo hoog mogelijk houden van de lening. De sociale huursector moet blijven uitgaan van solidariteit. Ik krijg graag een reactie op de weeffout in de huurtoeslag voor grote gezinnen waar Aedes dit weekend op wees. Daar heeft collega van Bochove ook bij interruptie vragen over gesteld aan collega Depla. Of zijn er te weinig goedkope woningen voor deze doelgroep?

De glasisolatieregeling komt op gang. De bonnen zijn makkelijk voor de burgers, maar bezorgen glaszetters veel administratie. Hoe voorkomt de minister dat zij te veel moeten gaan voorschieten?

De wijkaanpak is integraler en meer gericht op de lange termijn dan voor het aantreden van het kabinet. Het oplossen van problemen in wijken vraagt geduld. Dat is echter niet vreemd, als men bedenkt dat infrastructuurprojecten ook jaren in beslag nemen. Het opknappen van woningen kan een wijk opliften, maar sociale problemen vragen vooral ook een sociale aanpak. Bij een werkbezoek aan Tilburg hoorde ik dat er bij het preventiebudget van de minister toch nog erg veel nadruk wordt gelegd op fysieke ingrepen. Is de minister het met mij eens dat men zich soms beter kan richten op de problemen die het hoogst scoren bij de bewoners?

De fractie van de ChristenUnie sluit zich aan bij het pleidooi van de fractie van de PvdA voor het steunen van een landelijk samenwerkingsverband voor aandachtswijken. Ik krijg nog steeds signalen dat bewoners in bepaalde gemeenten niet op de hoogte zijn van het budget voor bewonersinitiatieven. Welke stok heeft de minister achter de deur om ervoor te zorgen dat het budget écht ten gunste komt van bewonersinitiatieven? Er komt een uitvoeringsagenda voor de Ortega-gemeenten, de 100-plus gemeenten die niet onder het grotestedenbeleid vallen. De fractie van de ChristenUnie is blij dat deze gemeenten een eerste bijdrage ontvangen, want het is beter om te voorkomen dat probleemwijken ontstaan. Het budget voor stedelijke vernieuwing is echter tot 2014 nog voornamelijk gericht op de G31. Dat is voor de fractie van de ChristenUnie geen vanzelfsprekendheid. De fractie van de ChristenUnie zou voor de toekomst graag objectieve criteria krijgen voor de verdeling van de middelen. Wat betekent decentralisatie van de ISV-middelen voor de verdeelsleutel en het onderscheid tussen de 31 rechtstreekse en niet-rechtstreekse gemeenten?

Graag ontvang ik van de minister ook een stand van zaken van de uitvoering van mijn motie over het bekostigingsstelsel van gemeenten die te maken hebben met sterke groei of krimp. Is de minister het met mij eens dat de aandacht meer moet komen te liggen op preventie, onderhoud en beheer? Is de minister ook bereid om daarvoor targets af te spreken, zodat er meer toegewerkt zal worden naar een duurzaam stedenbeleid?

De verstedelijkingsafspraken voor de komende tien jaar zullen het karakter hebben van intentieafspraken. In deze onzekere tijden is dat begrijpelijk, maar ook een beetje ongelukkig. Voor infrastructuur is er namelijk al geld tot 2020 en binnenkort zelfs tot 2028. De fractie van de ChristenUnie wil dat ook de langetermijnperspectieven voor de verstedelijkingsbudgetten snel duidelijk worden. Wanneer komt de nadere agenda van de minister voor de periode na 2011? De stuurgroep zoekt naar onorthodoxe maatregelen, maar waarom zitten daar alleen de Randstadregio's in? Graag een reactie van de minister.

Ik sluit mij aan bij de vragen over de uitvoering van de motie over geld voor Zuid-Limburg. Is de minister bereid om de mogelijkheden voor extra financiële steun te onderzoeken om de gevolgen van bevolkingsdaling aan te pakken? Heeft de minister al in beeld wat voor woningcorporaties in krimpregio's de belemmeringen zijn en is hij bereid op basis daarvan specifiek beleid te ontwikkelen? Dit is een aanbeveling uit het rapport van de Top 10 Parkstad Limburg.

Tot slot: wij moeten realistisch zijn, want in krimpgebieden kunnen niet alle voorzieningen overeind blijven. Toch is niet altijd geld nodig. Zo vraagt onderwijs vooral om maatwerk van het Rijk. Is de minister bereid de onderwijspilot van de provincie Groningen op te nemen in het nationaal actieplan bevolkingsdaling? Ook vraag ik de minister wat gemeenten kunnen doen tegen corporaties die zich niet houden aan harde afspraken over herstructurering in krimpgebieden. Dit signaal heb ik gekregen uit de provincie Groningen.

Cynthia Ortega