ChristenUnie


Bijdrage Ed Anker aan algemeen overleg 'Kinderopvang'

Bijdrage Ed Anker aan algemeen overleg 'Kinderopvang'

donderdag 29 oktober 2009 16:37

De heer Anker (ChristenUnie): Voorzitter. Op mijn papier staat de zin: "Vandaag hebben wij dit AO over de kinderopvang in de breedte, maar toch lijkt het debat zich met name toe te spitsen op de gastouderopvang." Ik moest afwachten of ik dit kon zeggen, maar het was een vrij aardige inschatting. Het is begrijpelijk, want er zijn wat lastige kwesties. Bij de behandeling van de herziening van de Wet kinderopvang sprak ik de hoop uit dat rust, reinheid en regelmaat weer terugkomen aan het kinderopvangfront. Zover is het helaas nog niet. Bij de plenaire behandeling heb ik ook aangegeven dat ingrijpen in het stelsel van gastouderopvang pijn zou doen maar onvermijdelijk is. De ChristenUnie is blij dat er in het nieuwe kinderopvangstelsel ruimte is voor een volwaardige kwalitatieve gastouderopvang. Om daar te komen moet er nog hard worden gewerkt door de sector en het ministerie.

Ik heb een aantal vragen, allereerst over de informatievoorziening. Er is een website gelanceerd: www.implementatiekinderopvang2010.nl -- een heel intuïtieve naam, ik zou daar direct naartoe gaan als ik een vraag had -- waar een aantal antwoorden op veelgestelde vragen te vinden is. Tegelijkertijd hoor ik van veel vraagouders en gastouders dat de echte duidelijkheid nog ontbreekt. Wanneer vraagouders, gastouderbureaus of gastouders met hun vragen aankloppen bij de GGD of het ministerie, reiken de antwoorden niet verder dan wat in de brochures te vinden is. Wat doet de staatssecretaris om de informatievoorziening te verbeteren en echt antwoord te geven op de gestelde vragen? Er zijn heel veel vragen over de EVC-trajecten. Hoe staat het daarmee? Er doen soms heel wilde verhalen de ronde. Is het duidelijk waar men terechtkan? Wanneer en waar kunnen gastouders zich hiervoor aanmelden? Wanneer kunnen gastouders zich aanmelden bij de roc's voor het examen mbo-2?

De onzekerheid voor vraagouders werpt haar schaduw vooruit. Bij de plenaire behandeling heeft de ChristenUnie ook daar opmerkingen overgemaakt. Als de gastouder er niet in slaagt om binnen een jaar aan alle eisen te voldoen, moet de vraagouder de kinderopvangtoeslag terugbetalen. Dit risico is te billijken als de vraagouders zelf invloed kunnen uitoefenen op het behalen van de kwalificatie van de gastouder. Deels kan dit natuurlijk, maar voor een groot deel is de vraagouder afhankelijk van externe factoren. Die vraagouders dreigen dan ook af te haken. Het uiteindelijke beeld wordt pas duidelijk bij de tussenevaluatie halverwege 2010. Ik maak mij daar echt zorgen over. Kan de staatssecretaris nog één keer -- wij hebben dit in het debat ook al uitgebreid gewisseld -- duidelijk uiteenzetten hoe die risicospreiding in elkaar zit en of ook in het geval van duidelijke overmacht de vraagouder aangesproken wordt?

Over de opvang op meerdere adressen hebben wij tijdens de wetsbehandeling ook uitgebreid gesproken. Wij hebben geconcludeerd dat het debat hierover niet gesloten is. Bij de tussenevaluatie -- die al snel is -- zullen wij bezien hoe het gastouderbestand zich ontwikkelt. Indien nodig wordt de discussie dan opnieuw gevoerd. Kan de staatssecretaris bij de evaluatie specifiek naar de effecten op het gastouderbestand kijken, maar ook naar de mogelijkheden die er bij de GGD zijn om te controleren? De GGD zegt dat de hoeveelheid adressen het problematisch maakt om het te controleren.

Uit de laatste meting van de wachtlijsten blijkt dat die in de dagopvang zijn gedaald. Dat is goed nieuws; de stijging van vorig jaar lijkt daarmee gestopt. De problematiek verschilt echter sterk per regio, zoals in het voorbeeld van Friesland net al werd uitgesproken. Daarbij was de peildatum 1 juni van dit jaar. Heeft de staatssecretaris al zicht op de gevolgen voor de wachtlijsten van de aanpassing van de gastouderregeling? In reactie op de commissie-Van Rijn wordt gezegd dat het kabinet geen grote stelselwijzigingen invoert, anders dan het wetsvoorstel gastouderopvang en het wetsvoorstel rondom de harmonisatie. Tegelijk merkt de staatssecretaris op dat er zal worden bezien in hoeverre het mogelijk is om op termijn te komen tot een betrouwbare urenregistratie: de koppeling tussen het aantal uren opvang en het aantal uren arbeid. Dat is volgens mij een breedgedragen wens. Kan de staatssecretaris alles doen wat binnen haar bereik ligt om te komen tot een dergelijke koppeling? Wat ons betreft zou daar best nog wel een grote wetswijziging voor mogen. Als wij dat kunnen realiseren, zou dat fantastisch zijn.

Ed Anker