Provincie Friesland

PERSBERICHT

Nummer: 353/AH
Datum: 17 december 2009

Gedeputeerde Staten stemmen in met het realisatiebesluit N381

Gedeputeerde Staten van Fryslân heeft ingestemd met het realisatiebesluit van de N381, de provinciale weg tussen Drachten en de Drentse grens. In het realisatiebesluit is rekening gehouden met een zevental wensen uit het gebied waaronder een verdiepte aanleg van de N381 bij de Weinterp en Donkerbroek. Niet alle wensen worden ingewilligd, omdat er een taakstelling van 8 miljoen euro voor het project is. Deze taakstelling is onderdeel van de bezuiniging van 89 miljoen euro die de provincie moet realiseren op alle verkeer- en vervoersprojecten.

Gedeputeerde Piet Adema: " De wensen die wij willen realiseren zorgen voor een goede landschappelijke inpassing en waarborgen ook de kwaliteit. Ik verwacht dat dit ook zorgt voor een nog breder draagvlak. We weten dat de besluitvorming over de N381 veel tijd heeft gekost. Daarom is het goed dat we nu het realisatiebesluit aan Provinciale Staten kunnen voorleggen. Ik ben blij dat we verder kunnen en dat we toch een aantal wensen uit het gebied kunnen honoreren, ondanks dat we provinciebreed een forse bezuiniging moeten realiseren." Met het realisatiebesluit worden de volgende ontwerpwijzigingen voorgesteld: . Betonnen tunnel in de Bûtewei (Wijnjewoude) in plaats van een tunnel met vlies, waardoor er meer rekening wordt gehouden met de landschappelijke structuurlijnen; . Verdiepte ligging van de N381 bij ongelijkvloerse aansluiting bij de Weinterp (Wijnjewoude); . Verdiepte ligging van de N381 bij de ongelijkvloerse aansluiting bij 't West (Donkerbroek); . Fietstunnel in 't Hoogezand;
. Ecologische brug bij de passage van de Tsjonger; . Extra krediet voor landschappelijke inpassing;
. Extra krediet om het thema duurzaamheid nog veel meer vorm en plaats te geven.

Veilig doorstromen in een leefbare omgeving
De aanpak aan de N381 zorgt voor een betere doorstroming, verkeersveiligheid en leefbaarheid. Ook wordt er rekening gehouden met het landschap. "In de Landschappelijke Inpassingsvisie Drachten - Drentse grens staan veel maatregelen voor ecologische routes, het versterken van landschappelijke structuren en het aanbrengen van singels en houtwallen. En dat verdient dit gebied ook": zo zegt Piet Adema.

Gezien het grote aandeel vrachtverkeer, de grote verkeersonveiligheid en de belangrijke netwerkfunctie van de N381 is het een belangrijke vraag of de weg verdubbeld moet worden. Met het oog op de noodzakelijke bezuinigen, is besloten dat niet op dit moment te doen. Wel stelt Gedeputeerde Staten voor om nu vast grondaankopen voor een dubbelbaans tracé tussen Drachten en Oosterwolde te doen en zo te anticiperen op mogelijke toekomstige ontwikkelingen.

Provinciale Staten
Nu Gedeputeerde Staten heeft ingestemd met het realisatiebesluit zal naar verwachting Provinciale Staten In februari 2010 een finaal besluit over de realisatie van de N381 nemen.

---- --
PERSBERICHT

Nummer: 352 AW
Datum: 17 december 2009

Project gaat volgende fase in met ter inzage leggen van ontwerp-inpassingsplan Centrale As gaat 10 miljoen euro bezuinigen

Op de aanleg van de Centrale As, weg tussen Dokkum en Drachten, moet 10 miljoen euro bezuinigd worden. Een concrete maatregel is dat het Zuidelijke deel van de Centrale As tussen Sumar en Nijega smaller wordt, maar wel dubbelbaans blijft. Dit levert 2.5 miljoen euro op. Ook krijgt de Centrale As een taakstelling van 7.5 miljoen euro. Op deze manier draagt het project bij aan de totale bezuiniging van 89 miljoen euro op alle verkeer- en vervoersprojecten van de provincie Fryslân. Wel worden een aantal wensen van de omgeving gehonoreerd waaronder de verbeterde verkeersoplossingen bij de Zevenhuisterweg in Noardburgum.

" Provinciale Staten heeft ons een duidelijke opdracht in juni meegegeven. Zorg voor een alternatieve dekking voor het uitvoeren van de Regionaal Specifieke projecten, zoals de Traverse Harlingen en rotonde Joure. Dat heeft geresulteerd in deze taakstelling voor de Centrale As.": Zo zegt gedeputeerde Piet Adema. De bezuinigingen zijn met de betrokken gemeenten besproken.

Om de wensen van de omgeving te kunnen honoreren wordt er 17 miljoen euro uitgetrokken voor ruimtelijke kwaliteit en verbeterde verkeersoplossingen. Gedeputeerde Staten heeft dit besloten naar aanleiding van inspraakreacties op het voorontwerp-inpassingsplan en het advies van het College van Rijksadviseurs. Naast de oplossing bij de Zevenhuisterweg gaat het om verkeersoplossingen bij de Dwarsloane in Damwâld, de Rijksstraatweg en Slachtedijk in Hurdegaryp. Piet Adema: " Op deze manier zorgen wij voor een goede landschappelijke inpassing en komen we tegemoet aan de wensen van onze inwoners."

Verbeterde verkeersoplossingen
Naar aanleiding van de inspraakreacties is de situatie bij de Zevenhuisterweg aangepast. Westelijk van de Zevenhuisterweg komt een onderdoorgang voor alle verkeer en wordt het fietsverkeer gescheiden van het auto- en landbouwverkeer. Op de Dwarsloane komt in het kader van verkeersveiligheid een ongelijkvloerse aansluiting in plaats van een turborotonde. De kruising van de Rijksstraatweg met De Centrale As wordt uitgevoerd met een viaduct in plaats van een onderdoorgang, zoals in eerdere plannen werd aangegeven. Het fietspad op de Slachtedijk en de kruising hiervan met De Centrale As schuift op in westelijke richting waardoor de realisatie van een ongelijkvloerse kruising met de spoorwegovergang in de toekomst mogelijk is.

Ontwerp-inpassingsplan
Bovenstaande en andere wijzigingen in het wegontwerp zijn opgenomen in het ontwerp-inpassingplan dat Gedeputeerde Staten hebben vrijgegeven voor inspraak. Het ontwerp-inpassingsplan ligt van dinsdag 12 januari tot en met maandag 22 februari 2010 voor iedereen ter inzage bij:
- provinciehuis, provincie Fryslân, Snekertrekweg 1 in Leeuwarden
- projectbureau De Centrale As, Florynwei 3c in Burgum
- gemeentehuis Tytjerksteradiel, Raadhuisweg 7 in Burgum
- gemeentehuis Dantumadiel, Paardebloem 4 in Damwâld
- gemeentehuis Dongeradeel,Koningsstraat 13 in Dokkum
- gemeentehuis Smallingerland, Gauke Boelensstraat 2 in Drachten. Ook staat het ontwerp-inpassingsplan vanaf 12 januari 2010 op internet, www.decentraleas.nl. Gedurende de zes weken dat het ontwerp-inpassingplan ter inzage ligt kunnen insprekers een zienswijze indienen bij het college van Gedeputeerde Staten.

---- --
PERSBERICHT

Nummer: 350/GH
Datum: 17 december 2009

Provincie bezuinigt 89 miljoen euro op infrastructurele projecten

De provincie Fryslân gaat de komende jaren 89 miljoen euro bezuinigen op infrastructurele projecten. Concrete maatregelen zijn dat het Zuidelijke deel van de Centrale As tussen Sumar en Nijega smaller wordt, maar wel dubbelbaans blijft. Dit levert 2.5 miljoen euro op. Ook krijgt de Centrale As een taakstelling van 7.5 miljoen euro. De Noordwesttangent N398 wordt zonder autotunnel ter hoogte van de Langestraat aangelegd, dat bespaart 4 miljoen euro. Op de N381 wordt 8 miljoen euro versoberd, waardoor een aantal wijzigingsvoorstellen niet doorgaan. Wel worden een aantal wijzigingen voor de Centrale As en N381 doorgevoerd om de landschappelijke inpassing goed te verzorgen. Daarnaast wordt op het Regio Specifieke Pakket (RSP) een taakstelling voorgesteld van 40 miljoen euro. Met dit voorstel gaat Gedeputeerde Staten het debat aan met Provinciale Staten.

"Het zoeken naar bezuinigingsmogelijkheden heeft ons het afgelopen halfjaar enorm beziggehouden. De Staten hebben ons een duidelijke opdracht gegeven om op zoek te gaan naar financiële ruimte binnen alle verkeers- en vervoersprojecten. De voorgestelde bezuinigingsmaatregelen hebben een grote impact. De afgelopen periode hebben we daar met de betrokken gemeenten over gesproken.": zo zegt gedeputeerde Piet Adema. In juni besloten Provinciale Staten niet in te stemmen met het verhogen van de opcenten om zo de uitvoering van het RSP pakket te bekostigen. " We hebben niet alleen de projecten nogmaals laten doorrekenen maar we hebben ook gekeken naar het komende onderhoud van grote werken, zoals bruggen en wegen."

Piet Adema: " Met dit pakket hebben we naar ons idee een goede basis gelegd om alle RSP projecten te realiseren. We bezuinigingen niet op het Openbaar Vervoer en doen geen concessies aan het wegenonderhoud en dus de veiligheid van wegen." Een andere maatregel die de provincie neemt is het verlagen van de provinciale bijdrage aan gemeentelijke infrastructuur. "Hierbij houden we ons wel aan gemaakte afspraken met gemeenten". Ook worden een aantal projecten uitgesteld om zo financiële ruimte te vinden. Met dit pakket realiseren we een forse verbetering in de infrastructuur in Fryslan. Daarbij gaat het naast wegen nadrukkelijk ook om investeringen in openbaar vervoer" Met deze maatregelen kan de hoofdinfrastructuur in Fryslan worden afgerond en zijn we klaar voor de toekomst. En dat alles zonder verhoging van de opcenten die daarmee op het landelijk gemiddelde blijven."

---- -- Oan Provinsjale Steaten

Gearkomste : 10 februari 2010 Wurklistnûmer :
Beliedsprogramma : Verkeer en Vervoer Ôfdieling : Complexe Infra Projecten Behanneljend amtner : Yme Visser
Tastel : 5345
Registraasjenûmer : 865579
Primêr nûmer :

Ûnderwerp : N398 Noordwesttangent Marssum - Stiens

Taheakke : Brief van 20 april aan uw Staten Tabel afpellend maatregelpakket voor autotunnels in de Noordwesttangent
Overzichtskaart van de Noordwesttangent
Onderzoeksrapport 'Optimalisatie of scopewijziging Noordwesttangent'

Oanlieding / Beliedsramt : Uitvoering Provinciaal Verkeer en Vervoer Plan (* foech, wetlik ramt, rol PS)

Koarte gearfetting : Op 20 april 2009 hebben wij uw Staten per brief met kenmerk 00820285 geïnformeerd over de kostenover-
schrijding van 18 mln bij de Noordwesttangent. In de brief is aangekondigd dat er een onderbouwd voorstel ligt voor de statenbehandeling in dit najaar. In samenhang met het voorstel voor dekking van het RSP door de her- prioritering van programma 2, stellen we voor om de Noordwesttangent in versoberde vorm uit te voeren.

Taljochting : Aanleiding Het project Noordwesttangent (NWT) bestaat uit de
aanleg van een nieuwe wegverbinding met daarin 3
autotunnels aan de noordwestzijde van Leeuwarden
en de reconstructie van een tweetal kruispunten in de weg N357 nabij Cornjum en Jelsum. Het betreft een
majeur project. De nieuwe wegverbinding vormt

1

samen met de Haak om Leeuwarden de westelijke
rondweg om Leeuwarden. Het beoogde doel van de
NWT is een betere ontsluiting van het noorden van de provincie op de regionale en hoofdwegenstructuur
(A31, Haak om Leeuwarden, A32).

In 2005 is ten behoeve van de realisatie een budget beschikbaar gesteld van 21,9 mln. Op dit moment
worden de uitvoeringskosten van de NWT geraamd op
40 mln (inclusief bouwrente en prijsontwikkeling), uitgaande van oplevering in 2012. De al gemaakte
kosten (ad 9.5 mln) zijn hierbij inbegrepen.

De kostenoverschrijding van 18 mln is uitgebreid
toegelicht in onze brief van 20 april jl. Deze brief is als bijlage toegevoegd.

In de begroting 2010 is reeds geclausuleerd 11,1
mln gereserveerd t.b.v. dit tekort. In de herprioritering programma 2 is deze geclausuleerde reservering
meegenomen.

In totaal is er tot nu toe 9,5 mln. geïnvesteerd. Hiervoor is het project voorbereid, zijn de benodigde gronden aangekocht en zijn bij Stiens al maatregelen gerealiseerd.

In onze brief van 20 april jl. hebben we aangegeven dat wij in het najaar met een onderbouwd voorstel
zullen komen m.b.t. bovengenomede problematiek.
Daarbij onderscheiden we de volgende opties:

1. Vasthouden aan het bestaande ontwerp;

2. Het ontwerp versoberen;

3. Uitstel of afstel van de aanleg.
In dit statenvoorstel komen we met een voorstel m.b.t. de Noordwesttangent. Het voorstel heeft een nauwe
relatie met het voorstel m.b.t. de herprioritering van programma 2.

Uitstel of afstel
Wij stellen voor om het project niet te temporiseren of niet uit te voeren.
Temporiseren leidt in principe niet tot een
kostenbesparing, maar tot kostenverhoging. Dit komt door het meenemen van prijsontwikkeling en
doorberekening van bouwrente over de reeds
gemaakte kosten. Bij vertraging zullen de kosten snel oplopen (ruim 400.000 euro per jaar). Daarbij zijn in de streek verwachtingen gewekt met betrekking tot de
realisatie van de Noordwesttangent.
Het niet realiseren van de Noordwesttangent heeft
grote gevolgen. De Noordwesttangent vormt een
belangrijk project voor de bereikbaarheid en
leefbaarheid in het noorden van Fryslan. Op dit
moment is er veel sluipverkeer in het gebied. Door de aanleg wordt het verkeer in het gebied gebundeld met
2

als gevolg dat ruim 2500 motorvoertuigen niet meer gebruik maakt van het onderliggende wegennet. Ook
is het project randvoorwaardelijk voor afspraken die gemaakt zijn met de gemeente Leeuwarden over het
bereikbaarheidsprogramma Leeuwarden. De
Noordwesttangent is een belangrijke randvoorwaarde voor maatregelen van de gemeente Leeuwarden aan
de noordwestzijde van Leeuwarden (Europaplein en
Valeriusstraat).
Anderzijds is al 9,5 mln uitgegeven. Ongeveer 2,5 mln. is hier besteed aan het wegenwerk bij Stiens. Het overige deel is besteed aan voorbereiding- en
onderzoekkosten en grondverwerving. Deze kosten
zullen slechts voor een klein deel terugkomen door middel van verkoop van aangekochte gronden ( 2
mln). Dit heeft ondermeer te maken met de
overeenkomsten die in de koopakten zijn opgenomen
over het dempen en ophogen landerijen.

Vasthouden aan het bestaande ontwerp of
versoberen
In de afgelopen periode is onderzoek verricht naar mogelijke kostenreductie door versobering (de
rapportage hierover ligt ter inzage). De hoofdvarianten zijn:

1. Het in 2005 vastgestelde ontwerp.
De meerkosten bedragen 18 miljoen ten
opzichte van het budget. Binnen de begroting zou
naast de geclausuleerde reservering ad 11,1
mln. nog eens 7 miljoen beschikbaar moeten
worden gesteld;

2. Versoberen van het bestaande ontwerp.
Versobering van het bestaande ontwerp levert
een besparing ten opzichte van variant 1 op van
7 mln. Deze wordt o.a. gevonden in het:
a) optimaliseren van de autotunnels,
variërend van een iets verhoogde zijweg
(75 cm) tot steilere hellingen e.d, natuurlijk
passend binnen richtlijnen voor het
ontwerp van gebiedsontsluitingswegen;
b) Het toepassen van zogenoemde
kanteldijken in het ontwerp van de
autotunnels. Hierbij wordt de weg iets
verhoogd bij begin/eind van de
onderdoorgang, waardoor de verdiepte
bak aanmerkelijk korter wordt;
c) het toepassen van een steilere helling bij
de fietstunnel ter hoogte van Dyksterhuzen
en;
d) de brug over de Bitgummerfeart met 75
cm te verhogen, zodat de
fietsonderdoorgaang minder diep hoeft.
Met een besparing van 7 miljoen komen de
kosten op 33 miljoen. De geclausuleerde
reservering volstaat van 11,1 mln voor dekking

3

van deze variant.
3. Weglaten van de autotunnels en deze vervangen
door (steriele) gelijkvloerse oversteken.
De kosten hiervan bedragen 25. Ten opzichte
van de in de begroting opgenomen
geclausuleerde reservering van 11,1 mln
betekent dit dat hiervan 3,1 mln nodig is.
Ook zijn er tussenvarianten mogelijk door bijvoorbeeld
1 of 2 van de autotunnels wel te realiseren.

De effecten
In bijgevoegde tabel zijn op basis van de aspecten die in het MER een rol hebben gespeeld de effecten in
beeld gebracht. Hieruit blijkt dat aanpassing van het ontwerp conform variant 2 nagenoeg geen verschil
maakt in beoordeling. Alleen op de herkenbaarheid
bestaande structuren en hoogteligging van het tracé (aspect landschap, cultuurhistorie en archeologie) valt de beoordeling negatiever uit. Dit komt door toepas- sing van de kanteldijken bij het begin/eind van de au- totunnels. Door deze kanteldijk ligt de weg bij het bi- gin/eind van de verdiepte ligging 1 meter hoger dan het maaiveld. De weg wordt hierdoor zichtbaarder in het landschap en daardoor iets minder goed beoor-
deeld. Het gevolg van dit ontwerp is, dat de tunnelbak aanzienlijk korter uitgevoerd kan worden. De kosten- besparing die dit geeft ( 5,4 mln), rechtvaardigt naar onze mening de mindere score op het aspect land-
schap en cultuurhistorie.
Het toepassen van uitsluitend steriele oversteken le- vert de grootste besparing op maar staat ook het verst af van de oorspronkelijke ontwerpuitgangspunten.
Vooral bij de bebouwingsclusters ter hoogte van de autotunnels bij de Ingelumerdyk en de Stienzer Hege- dyk heeft dit nogal wat impact. Om onder de wettelijke grenzen van geluidhinder te blijven, moet bij dit ont- werp 3 meter hoge geluidswallen worden gerealiseerd. Dit heeft grote gevolgen voor de inpasbaarheid in het landschap. Dit komt ook in de beoordeling tot uitdruk- king.
De impact is bij de Langestraat (de middelste autotun- nel) aanzienlijk minder, omdat daar geen sprake is van omliggende bebouwing.
Ten aanzien van verkeersveiligheid vragen de steriele oversteken nauwkeurige aandacht in het ontwerp. Ook is er een kans op oneigenlijk gebruik.

Voorstel
Gezien de financiele situatie van de provincie en de taakstellende herprioritering van programma 2 stellen we voor om uit te gaan van versobering van het ont- werp conform variant 2. In aanvulling hierop stellen we voor om de autotunnel aan de Langestraat niet uit te voeren (conform variant 3). Deze tunnel bevindt zich niet in de buurt van bebouwing. Het niet uitvoeren van deze autotunnel heeft daarmee de minste negatieve

4

gevolgen voor de directe omgeving, wel zal de ver- keersveiligheid van de nieuwe gelijkvloerse oversteek een belangrijk punt van aandacht zijn bij het ontwerp. Ook de landschappelijke inpassing van het tracé is minder positief. De passage van de oude zeedijk
wordt in het oorspronkelijke ontwerp juist geaccentu- eerd en bij een steriele oversteek valt dit effect juist grotendeels weg. Met het niet uitvoeren van deze tun- nel wordt een besparing gerealiseerd van 2 mln ten opzichte van variant 2. Daarmee komen de kosten op 31 mln.
We stellen voor om de autotunnel Langestraat optio- neel mee te nemen in de aanbesteding. Indien een
eventuele aanbestedingsmeevaller hiertoe aanleiding geeft, kan de tunnel alsnog worden gerealiseerd.

Overleg met de gemeenten Leeuwarden,
Leeuwarderadel, Ferwerderadeel, het Bildt en
Menaldumadeel
In het bestuurlijk overleg met de gemeenten Leeuwar- den, Leeuwarderadeel, Menaldumadeel, het Bildt en
Ferwerderadiel op 12 november en 3 december is bo- vengenoemde oplossing besproken met de betrokken
gemeenten. De gemeenten kunnen zich in meerder-
heid vinden in bovengenoemd voorstel. Alleen de ge- meente Menaldumadeel verbindt hieraan de voor-
waarde landbouwverkeer toe te staan op de Noord-
westtangent. Wij stemmen uitsluitend hiermee in in- dien het nieuwe wetvoorstel over het landbouwverkeer wordt bekrachtigd.
Met de gemeenten Leeuwarden, Ferwerderadiel Leeu-
warderadeel en het Bilt hebben we afspraken gemaakt over extra co-financiering.
Gezien de huidige markt wordt een aanbestedings-
meevaller verwacht van ongeveer 2 mln. Mocht de
meevaller zich niet voordoen, dan zijn de gemeenten bereid hieraan maximaal 1,35 mln aan mee te beta- len en wij maximaal 0,65 mln.

De gemeente Leeuwarden heeft aangegeven niet bij
te dragen aan de autotunnel Langestraat.

Terugkoppeling naar de bevolking
Op een aantal informatieavonden zijn de mogelijke
oplossingen zowel met alle directe betrokkenen als met de plaatselijke belangen en de ondernemersvere- nigingen besproken. De bewoners rondom de auto-
tunnel van de Ingelumerdyk en de plaatselijke belan- gen van Menaldumadeel houden vast aan het oor-
spronkelijke ontwerp. De overige betrokkenen hebben zich uitgesproken tegen gelijkvloerse oversteken en zijn genuanceerder in hun menig over aanpassing van het ontwerp voor de autotunnels. De ondernemers in het gebied willen de weg zo snel mogelijk aangelegd zien.


5

Relatie met het bestemmingsplan
In het bestemmingsplan Noordwesttangent is uitdruk- kelijk de aanleg van autotunnels opgenomen in het
deel toelichting. Echter het juridisch deel van het be- stemmingsplan kent een ruimere omschrijvingm waar- door steriele oversteken in combinatie met de ge-
luidswallen strikt formeel gerealiseerd kunnen worden. Wel moeten de colleges van B&W als uitvoerder van
de bestemmingsplannen instemmen met deze ruimere
opvatting van de bestemmingsplanvoorschriften. In het voorstel gaat het om de ruimere opvatting over de
kruising met de Langestraat. De gemeente het Bilt
gaat hier zonder randvoorwaarden mee akkoord. De
gemeente Menaldumadeel wil de voorgestelde oplos-
sing alleen toestaan als op de Noordwesttangent
landbouwverkeer wordt toegestaan

Financiële gevolgen
Het benodigde uitvoeringskrediet voor de voorgestel- de aanpak van de Noordwesttangent bedraagt 31
mln. Dit is 9,1 mln hoger dan het in 2005 beschik- baar gesteld uitvoeringskrediet van 21,9 mln. Uit- gaande van een aanbestedingsvoordeel van 2 mln
vragen wij u om 7,1 mln extra beschikbaar te stellen. Dit betekent dat van de geclausuleerde reservering in de begroting van 11,1 mln, 4 mln vrijvalt voor her- prioritering programma 2.
Bij het risico dat het aanbestedingsvoordeel zich niet voordoet of lager uitvalt dan zijn de gemeenten bereid tot een financiële bijdrage van maximaal 1,35 mln. Hiervan betaalt de gemeente Leeuwarden 0,65 mln
en de gemeenten Leeuwarderadeel, het Bildt en Fer- werderadiel betalen dan hun aandeel van 700.00,-
over 10 jaar met een prijsontwikkeling van 2,5% per jaar. De gemeente Leeuwarden verbindt hieraan de
voorwaarde, dat in 2010 gestart wordt met de uitvoe- ring. De provincie loopt het risico van maximaal 0,65 mln plus de rentederving over een deel van de extra gemeentelijk bijdrage, omdat deze in termijnen wordt betaald.
Wij stellen voor ons college te mandateren om het
krediet te verhogen tot maximaal 31 mln indien het aanbestedingsvoordeel niet of in mindere mate op-
treedt. Als vervolg hierop komen wij met een financieel dekkingsvoorstel vanuit Programma 2.

Vervolgproces
Voor de realisatie geldt de volgende planning:
Voorbereiden bestek 1e helft 2010
Aanbesteden Oktober 2010
Start uitvoering Eind 2010
Oplevering 2012

Ljouwert, 15 december 2009

6

Deputearre Steaten fan Fryslân,

J.A. Jorritsma , foarsitter

dr. G.P.F. van den Boorn rm , siktaris


7

BESLÚT NR. :

PROVINSJALE STEATEN fan FRYSLÂN

Nei it lêzen fan it útstel fan Deputearre Steaten fan Fryslân fan , nr. 865579

Oerwagende dat : In zowel het huidige (2006) als het voorgaande (1999) Provinciaal Verkeer en Vervoer Plan (PVVP) is opge- nomen een nieuwe wegverbinding te realiseren tussen Stiens en Marssum

Beslute : In te stemmen met
- het realiseren van een versoberde uitvoering van de Noordwesttangent en hiervoor het uitvoerings-
krediet verhogen van 21,9 mln naar 29 mln.;

- het college te mandateren om bij geen of een min- der aanbestedingsvoordeel van 2 mln. het krediet
te verhogen tot maximaal 31 mln en in dat geval
het college op te dragen hiervoor financiële dekking te vinden binnen Programma 2.

Sa feststeld troch Provinsjale Steaten
Fan Fryslan yn harren iepenbiere gearkomstefan ,

, foarsitter

, griffier


8

---- -- Oan Provinsjale Steaten

Gearkomste : 10 februari 2010 Wurklistnûmer :
Beliedsprogramma : Verkeer en Vervoer Ôfdieling : Complexe Infra Projecten Behanneljend amtner : P. Kroeze
Tastel : 06 - 50260661 Registraasjenûmer : 865454
Primêr nûmer :

Ûnderwerp : Realisatiebesluit N381 Drachten - Drentse grens

Taheakke : · Landschappelijke Inpassingsvisie N381 Drachten ­ Drentse grens
· Nota Scopevraagstukken
· Nota uitvoeringsvormen

Oanlieding / Beliedsramt : In zowel het huidige (2006) als het voorgaande (1999) (* foech, wetlik ramt, rol PS) Provinciaal Verkeer en Vervoer Plan (PVVP) is opgeno- men, dat de provinciale weg Drachten - Drentse grens (N381) de functie van stroomweg vervult en moet worden ingericht als autoweg met ongelijkvloerse aansluitingen. U, Staten van Fryslân, hebben het tracé van de N381 vastgesteld. Thans ligt het Realisatiebesluit van de N381 Drachten - Drentse grens voor.

Koarte gearfetting : Het Realisatiebesluit van de N381 Drachten ­ Drentse grens is het definitieve uitvoeringsbesluit, inclusief de landschappelijke inpassingvisie en het voorstel tot enkele essentieel geachte scopeaanpassingen. Het Realisatie- besluit is het definitieve besluit om de ombouw van de N381 te realiseren. Hierbij is ook de beschikbaarstelling van het complete uitvoeringskrediet door u, Staten van Fryslân, aan de orde. Tevens wordt voorgesteld de plano- logische inpassing van de N381 te regelen via een Pro- vinciaal Inpassingplan (PIP).


1

Taljochting : Inleiding
De N381 vormt een bijzondere verbinding in het Friese hoofdwegennet. Er zijn maar weinig provinciale wegen met zo een belangrijke netwerkfunctie. Het is niet voor niets dat juist deze weg een hoog aandeel vrachtverkeer laat zien: 20% waar andere provinciale wegen gemiddeld op circa 12,5% zitten. De N381 kent ook een verontrus- tende verkeersonveiligheid. Ieder jaar vinden er op het Friese deel van de N381 gemiddeld 48 ongevallen plaats, waarbij gemiddeld 7 à 8 ernstige verkeersslachtoffers vallen, waarvan gemiddeld 1,4 dodelijk. En dat is exclu- sief de onveiligheid op het onderliggend wegennet, waar ook sprake is van verkeersonveiligheid, aantasting van de leefbaarheid en sluiproutes.

De ombouw van de N381 duldt daarmee geen uitstel. De keuzes over het tracé zijn inmiddels gemaakt: op 18 juni 2008 zijn de tracés op het noordelijk (Drachten ­ Donker- broek) en het zuidelijke deel (Oosterwolde ­ Drentse grens) door PS vastgesteld en op 24 juni 2009 is het tracé op het middendeel (Donkerbroek ­ Oosterwolde) vastge- steld.

Landschappelijke inpassingsvisie
Het planvormingsproces van de N381 laat zich kenmer- ken als een bottum-up proces. Er is veel met dorpsbelan- gen, bewoners en belanghebbenden gesproken over de inpassing van de weg, waarbij het vaak over de inpassing op detailniveau ging. Een volledige en samenhangende visie ontbrak echter tot voor kort. Dat leidde ertoe dat niet gemotiveerd keuzes en afwegingen gemaakt konden worden. In nauwe samenspraak met de provinciale en gemeentelijke deskundigen vanuit landschap en ecologie is een integrale landschappelijke inpassingvisie opge- steld, waarbij rekening is gehouden met mitigerende en compenserende maatregelen vanuit het flora en faunaon- derzoek.

Kernpunt bij de visie is dat de oude, landschappelijke lij- nen en structuren het primaat hebben boven de N381 en het uitgangspunt om het gebied achter te laten met een `plus'. Daar komt bij dat in Zuidoost Fryslân voor Fryslân zeer kenmerkende en afwisselende landschapstypen voorkomen, die zoveel als mogelijk benadrukt en versterkt moeten worden. Daarom is het landschap leidend voor de inpassing van de N381.

Op het gehele tracé zijn veel maatregelen getroffen in verband met het veilig stellen van ecologische routes, het versterken van landschappelijke structuren en het aan- brengen van singels en houtwallen. Ook is op ieder deel sprake van bijzondere landschapsversterkingen. Zo speelt op het noordelijk deel onder andere de inrichting van de graslandstrook aan de oostzijde van de N381 ter plaatse van het Wijnjeterper Schar. Hiervoor is - samen met de gemeente Opsterland, Staatsbosbeheer en Wet-
2

terskip Fryslân - een specifiek inrichtingsplan opgesteld. Op het middendeel is een robuuste ecologische zone langs de Tsjonger onderdeel van de inpassingsvisie evenals een herinrichting van de zone langs de vaart, met versterking van het bijzondere sluisje ter plaatse. Op het zuidelijk deel is veel aandacht voor een optimale afscherming van de weg t.o.v. het Drents-Friese Wold door middel van een mantelzoomvegetatie.
Recentelijk (18 november 2009) is een informele inloop- markt georganiseerd over de conceptvisie. De reacties daar waren ronduit zeer positief. En eerder gaf ook de Friese Milieu Federatie aan positief te zijn over het de landschappelijke inpassingsvisie.

Aan u, Staten van Fryslân, wordt voorgesteld om in te stemmen met de Landschappelijke Inpassingsvisie van de N381 Drachten ­ Drentse grens, met als overwegin- gen dat :
· in Zuidoost Fryslân sprake is van kenmerkende
en voor Fryslân zeer bijzondere landschapstypen;
· de N381 twee Natura 2000-gebieden doorsnijdt;
· er in het gebied veel waarde wordt gehecht aan
inpassing, recreatie en natuur;
· er gedurende het planvormingsproces ook ver- wachtingen zijn gewekt (`plus' in het gebied).
Ten opzichte van de oorspronkelijke raming is daarvoor een extra budget nodig van 1,6 miljoen.

Scope van het project
Bij de tracévaststelling van de N381 op het noordelijk deel is aangegeven dat er nog eens gekeken moest worden naar de oplossing in het buitengebied bij Wijnjewoude. Daar ligt de weg in het bestaande ontwerp over een grote lengte (circa 1,25 kilometer) op ruim 5,50 meter boven maaiveld in een open gebied met bijzondere landschap- pelijke kwaliteiten, direct aangrenzend aan het Wijnjeter- per Schar (Natura 2000-gebied). Daarom is daarvoor een aantal alternatieven uitgewerkt en besproken met de be- langhebbenden (gemeente Opsterland, bewoners, Stich- ting tot Behoud Buitengebied Wijnjewoude en Plaatselijk Belang Wijnjewoude). Daaruit bleek alleen draagvlak voor een verdiepte ligging van de N381, bij alle partijen. Een verdiepte ligging is ook de aanbeveling die voortkomt uit de Landschappelijke Inpassingsvisie, die is opgesteld (zie bijlage): de Weinterp is een oude, karakteristieke cultuur- historische verbinding, die zoveel mogelijk intact moet blijven en niet door de N381 verstoord mag worden.

In de vele discussies met de streek, o.a. in het kader van het opstellen van het Milieueffectrapport (MER), is duide- lijk geworden dat er nog meer wensen spelen. Daarbij is overigens door de provincie ook wel een verwachting ge- wekt. Regelmatig is gesteld dat wij het gebied met `een plus' zullen achterlaten. Het is ook om die reden dat de N381 zich van wegenproject heeft ontwikkeld tot een ge- biedsontwikkelingsproject en inmiddels ook al een infor-
3

mele gebiedscommissie kent.
Informeel, omdat de formele commissie pas aangesteld kan worden ná het Realisatiebesluit, maar men niet nog langer wilde wachten. Ook is er spontaan al een vrijwillig ruilproces bij de landbouw op gang gekomen.

Van belang is dat het gebied waar de N381 door heen loopt zéér kenmerkend is. Er is geen deel van Fryslân met zoveel verschillende landschapstypen. In de Land- schappelijke Inpassingsvisie van de N381 is verwoord dat de weg zo veel mogelijk de ruimtelijke, landschappelijke en cultuurhistorische lijnen en patronen moet ontzien ­ en gezien de beloofde `plus' zelfs zou moeten versterken. Dat heeft geleid tot een aantal wensen. Waarvan de twee grootste betrekking hebben op de aansluitingen Wijnje- woude (Weinterp) en Donkerbroek ('t West). Over de We- interp is hiervoor al het nodige gezegd. Voor de situatie nabij Donkerbroek speelt eenzelfde discussie. Daar ligt de N381 in het ontwerp weliswaar lager dan bij Wijnjewoude (half/half met de N381 bovenlangs), maar ook hier kan een verdiepte ligging leiden tot aanzienlijk meer ruimtelij- ke en landschappelijke kwaliteit. En juist de (ruimtelijke) kansen voor Donkerbroek waren mede aanleiding te kie- zen voor tracé W1 op 24 juni 2009.

Naast deze aanpassingen zijn er verbeteringen mogelijk op het gebied van landschappelijke maatregelen, ecolo- gie, ruimtelijke kwaliteit én duurzaamheid. De Duurzaam- heidsanalyse N381 heeft aangetoond dat er grote kansen zijn om tot een zeer duurzaam ontwerp te komen.

Specifiek wijzen we nog op het middendeel van de weg. De tracékeuze op dit deel bleek zeer complex en de be- langen waren sterk verdeeld. Bij de vaststelling van het W1 tracé is gecommuniceerd met gemeente en bevolking dat de provincie zich zou inspannen voor een maximale inpassing van de weg, met veel oog voor landschappelij- ke, recreatieve, ecologische en landbouwkwaliteiten. Om de gevolgen van W1 maximaal te mitigeren en te komen tot een optimale inpassing, wordt - mede ook gelet op de zienswijzen op de Projectnota/ MER N381 Donkerbroek ­ Oosterwolde - voorgesteld de scope op dit onderdeel te verruimen, door:

- de aansluiting bij 't West te optimaliseren (verdiepte ligging);

- een extra fietstunnel ter plaatse van 't Hoogezand;
- een brug met een langere overkluizing, waardoor langs de Tsjonger een natuurvriendelijke plas/ dras- oever onder de brug doorgezet kan worden.

In de bijlage (Nota Scopevraagstukken) zijn alle scope- vraagstukken uitgebreid beschreven. De argumenten voor het wel of niet doorvoeren van de scopewijzigingen in het vastgestelde tracé van de N381 staan verwoord in deze bijlage.


4

Ons college stelt voor om de volgende scopewijzigingen wel door te voeren in de projectscope:

· Een betonnen tunnel in de Bûtewei (Wijnjewoude) in plaats van een tunnel met vlies;
· Een verdiepte ligging van de N381 ter plaatse van de ongelijkvloerse aansluiting Wijnjewoude. De Weinterp blijft hierbij op maaiveld;
· Een verdiepte ligging van de N381 ter plaatse van de ongelijkvloerse aansluiting Donkerbroek. 't West blijft hierbij op maaiveld;
· Een fietstunnel in 't Hoogezand;
· Een ecologische brug ter plaatse van de passage van de Tsjonger;
· Een extra krediet voor landschappelijke inpassing; · Een extra krediet om het thema duurzaamheid in
het project procesmatig en inhoudelijk verder uit te werken.

Ons college stelt voor om de volgende scopewijzigingen niet door te voeren in de projectscope:

· Een landbouwtunnel in plaats van een huifkartun- nel in de Mersken (Ureterp);
· Het verplaatsen van de aansluiting Weinterp naar het verlengde van de Leidijk;
· Een extra fietstunnel in het Drents-Friese Wold; · Een landbouwtunnel in plaats van een fietstunnel in de Oude Willem/ Tilgrupsweg (Appelscha).

Verdubbelingsvraagstuk
Gezien het aanzienlijke aandeel vrachtverkeer, de grote verkeersonveiligheid en de belangrijke netwerkfunctie van de N381 speelt ook nog een discussie over de gewenste uitvoeringsvorm. Er zijn vele partijen die vragen om een dubbelbaans uitvoering, om daarmee ook in de spits- perioden voldoende doorstroomkwaliteit te bieden. In het huidige ontwerp zou een verdubbeling van het deel tus- sen Drachten en Donkerbroek leiden tot 7,5 miljoen meerkosten. Echter de kwaliteitsmaatregelen bij Wijnje- woude hebben op deze kosten een negatief effect. Een ingetogen 2x2 uitvoering in een verdiepte ligging bij de Weinterp leidt niet tot 7,5 miljoen, maar tot 22 miljoen aan meerkosten.

De Nota Uitvoeringsvormen N381 (bijlage) laat zien dat er verkeerskundige argumenten zijn om te verdubbelen:
- De afwikkelingssnelheid in de spits.
Vooral als gevolg van de combinatie van een redelijk hoge intensiteit en het hoge aandeel vrachtverkeer, zal die niet ver boven de 80 km/uur liggen en in de spits zelfs eronder. Vanuit het PVVP zijn hiervoor ech- ter geen normen geformuleerd;


5


- De verkeersveiligheid.
Veel vrachtverkeer leidt tot veel inhalen. Vooral op het drukste deel kunnen daardoor risicovolle situaties ont- staan.

Overwogen kan worden om alleen het drukste deel inge- togen te verdubbelen: tussen Drachten en Wijnjewoude. De meerkosten in dat geval zijn ca. 3,5 miljoen. Als in de toekomst een verdere verdubbeling noodzakelijk blijkt, is dat mogelijk maar zijn de kosten hoger dan bij het nu al anticiperen op 2x2. Gezien de financiële taakstelling wordt voorgesteld om nu niet al een 2x2 aan te leggen, omdat het niet strikt noodzakelijk is.

Provinciaal InpassingsPlan (PIP)
De ombouw van de weg moet ook planologisch geregeld worden, zowel waar het gaat om de verbreding van het bestaande tracé als waar het gaat om het nieuwe tracé. Onder de oude Wet op de ruimtelijke ordening (Wro) zou- den de gemeenten de bestemmingsplannen moeten aan- passen, maar in de nieuwe Wro kan de provincie dat zelf ter hand nemen. Provinciale Staten kunnen, indien sprake is van provinciale belangen en nadat de betrokken ge- meenteraden zijn gehoord, voor de betrokken gronden een PIP vaststellen. De gemeenten hebben aangegeven zelf ook voorstander te zijn van een PIP.

Gezien het feit dat de ombouw van de N381 zeer nadruk- kelijk een provinciaal belang is en het in de streek ook heel expliciet als een `provinciale' aangelegenheid wordt gezien, wordt voorgesteld bij de planologische inpassing van de N381 gebruik te maken van het instrument "Pro- vinciaal Inpassingsplan'.

Bovendien wordt voorgesteld om in te stemmen om Ge- deputeerde Staten op te dragen/ te machtigen, namens u, Staten van Fryslân, de gemeenteraden te horen over het voornemen tot vaststelling van een provinciaal inpas- singsplan.

Financiële aspecten
In de provinciale begroting is voor het project N381 Drachten ­ Drentse grens rekening gehouden met een provinciale bijdrage van 137,3 miljoen (incl. prijsindexa- tie en bouwrente). Dit bedrag is gebaseerd op een inves- tering van 114,35 miljoen (prijspeil 2008), exclusief BTW. Dit komt overeen met 117,2 miljoen (prijspeil 2009).

Het realiseren van een vorsoberd enkelbaans tracé tus- sen Drachten ­ Drentse grens (inclusief voorgestelde scopeaanpassingen) met een ruimtereservering (alleen grondaankopen) voor een dubbelbaans tracé tussen Drachten en Oosterwolde kost 122 miljoen, exclusief
6

BTW (prijspeil 2009).

Inclusief 14,9 miljoen prijsindexering en 9,4 miljoen bouwrente, kan het project N381 worden gerealiseerd voor 146,3 miljoen. Rekening houdend met een BDU bijdrage van 4 miljoen, bedraagt de provinciale bijdrage 142,3 miljoen. Dit betekent dat op grond van dit voorstel een aanvulling van 5 mln. benodigd is. Deze 5 mil- joen is meegenomen met het Statenvoorstel rondom de taakstelling programma verkeer en vervoer.

Planning op hoofdlijnen
Na het Realisatiebesluit van de N381 Drachten ­ Drentse grens ziet de planning er op hoofdlijnen als volgt uit · 2010 - 2012: Opstellen PIP, inclusief alle benodig- de onderzoeken;
· 2010 : voorbereiding aanbesteding + technische uitwerking
· 2011 : Aanbestedingsprocedure;
· Uitvoering 2012-2013.

Dit is een krappe en daarmee risicovolle planning. Dat geldt in het bijzonder voor de PIP-procedure en de grondverwer- ving. Vooral de termijn van een eventuele procedure bij de Raad van State is niet beheersbaar. Echter, planning is niet onhaalbaar. Het is wel zaak direct na het Realisatiebesluit dan te beginnen met de procedure:

- voorontwerp PIP gereed : mei 2010
- inspraak/overleg : tot half juni
- verwerken inspraak : eind juli gereed
- ontwerp ter inzage : t/m half september
- klaarmaken voor vaststelling : t/m half november
- vaststellen PS : november of decem ber 2010

- beroepstermijn : t/m december 2010
- termijn RvS : t/m half februari 2011
- behandeling RvS : ca. een jaar

Hierbij moet wel worden opgemerkt dat het in de praktijk lastig zal zijn om alle voorgeschreven termijnen te halen. Dit geldt vooral voor de 12 weken, die er maximaal mogen zitten tussen het einde van de ter inzage legging van het plan en de vaststelling door Provinciale Staten. Dit zal in de praktijk al heel snel meer tijd vergen, zeker wanneer er (veel) ziens- wijzen worden ingediend. Dit heeft vooral te maken met in- terne procedures. De tijd die het kost om stukken vanuit het ambtelijk apparaat via het college van GS in de Provinciale Staten te krijgen, bedraagt vaak al bijna de 12 weken, die de wet toestaat. Afhankelijk van het aantal zienswijzen, kan het verstandig zijn om hier meer tijd voor te reserveren (16 ­ 20 weken). De Wro biedt die ruimte in zoverre dat er op het overschrijden van deze termijn geen andere sancties staan dan dat de voorbereidingsbescherming vervalt en als gevolg daarvan eventueel ingediende bouwaanvragen alsnog moe- ten worden behandeld. Deze sanctie lijkt in relatie tot het PIP voor de N381 niet relevant. Uitgaande van deze iets langere periode om tot vaststelling te komen, duurt de formele pro-
7

cedure tussen de 30 en 35 weken.

Wanneer tegen het bestemmingsplan (inpassingsplan) wel beroep bij de Raad van State wordt aangetekend, duurt de procedure om tot een onherroepelijk inpassingsplan te ko- men uiteraard langer. De wet kent echter geen termijnen waarbinnen de Raad van State uitspraak moet doen. Uit een steekproef van recente uitspraken over bestemmingsplan- nen blijkt dat het over het algemeen circa een jaar duurt voordat het tot een definitieve uitspraak komt. Het zou kun- nen dat dit anders (langer) wordt onder de nieuwe Wro, nu de goedkeuring als tussenstap niet meer voorkomt. Daar is op dit moment echter geen inschatting van te geven, zodat voorgesteld wordt uit te gaan van een procedure van circa één jaar. Uiteraard is het daarnaast mogelijk om wel met de werkzaamheden te beginnen, tenzij een voorlopige voorzie- ning wordt aangevraagd en toegekend. Dat is in dit geval niet onwaarschijnlijk.

Los van de PIP-procedure geldt ook dat deze planning waarschijnlijk niet tot de meest efficiënte aanbestedingspro- cedure zal leiden. Als beheersmaatregelen zal vanuit het programma Complexe Projecten een marktanalyse plaats- vinden, waarin mede in relatie tot andere projecten in eind 2010/begin 2011 een definitieve werkwijze wordt vastge- steld.

Ljouwert,
Deputearre Steaten fan Fryslân,

J.A. Jorritsma , foarsitter

dr. G.P.F. van den Boorn rm , siktaris


8

BESLÚT NR. :

PROVINSJALE STEATEN fan FRYSLÂN

Nei it lêzen fan it útstel fan Deputearre Steaten fan Fryslân fan , nr.

Oerwagende dat : In zowel het huidige (2006) als het voorgaande (1999) Provinciaal Verkeer en Vervoer Plan (PVVP) is opge- nomen, dat de provinciale weg Drachten - Drentse grens (N381) de functie van stroomweg vervult en moet worden ingericht als autoweg (100 km/uur) met ongelijkvloerse kruisingen.

Beslute : In te stemmen met: · de landschappelijke inpassingsvisie N381
Drachten - Drentse grens;
· de scopewijzigingen ten opzichte van het
vastgestelde tracé;
· het realiseren van een (versoberd) enkel-
baans tracé tussen Drachten - Drentse
grens met een ruimtereservering (alleen
grondaankopen) voor een dubbelbaans tra-
cé tussen Drachten en Oosterwolde voor
146,3 miljoen (inclusief prijsindexatie van

9,4 miljoen en bouwrente van 14,9 miljoen);
· het voorstel om de aanleg van de N381 pla-
nologisch te regelen door middel van een
Provinciaal Inpassingsplan, conform de
Nieuwe Wet op de Ruimtelijke ordening;
· het machtigen van Gedeputeerde Staten om
de gemeenteraden te horen over het voor-
nemen tot vaststelling van een provinciaal
inpassingsplan.

Sa feststeld troch Provinsjale Steaten
Fan Fryslan yn harren iepenbiere gearkomstefan ,

, foarsitter

, griffier


9

---- -- Oan Provinsjale Steaten

Gearkomste :
Wurklistnûmer :
Beliedsprogramma : Verkeer en Vervoer Ôfdieling : Verkeer en Vervoer Behanneljend amtner : Menno Keulen
Tastel : 5344
Registraasjenûmer : 865590
Primêr nûmer :

Ûnderwerp : Doorlichting programma 2 ten behoeve van de dekking van het RSP

Taheakke : Programma 2 tegen het licht gehouden

Oanlieding / Beliedsramt : Bij de behandeling van de voortgang van het RSP op 10 (* foech, wetlik ramt, rol PS) en 16 juni 2009 is besloten dekking te zoeken voor het provinciale deel van de regionale bijdrage uit vrijvallende middelen van programma 2. Zoals toegezegd bij de be- groting 2010 leggen wij voorafgaand aan de Kadernota 2011 de nadere uitwerking hiervan aan u voor.

Koarte gearfetting : Programma 2 is uitvoerig doorgelicht. Wij leggen nu een ingrijpend pakket van herprioriteringsmaatregelen voor.


1

Taljochting : De taakstelling
In uw vergadering van 10 en 16 juni 2009 is bij de behan- deling van de voortgang van het RSP een amendement ingediend en door ons overgenomen, waardoor is beslo- ten:
`In te stemmen met het uitgangspunt om na onderhande- ling met gemeenten en private partijen het nog overblij- vende provinciale deel van de regionale bijdrage aller- eerst te dekken uit vrijvallende middelen van programma
2 en het dan nog resterende deel te dekken uit het in te stellen fonds zoals afgesproken bij het besluit over de verkoop van NUON-aandelen alsmede uit de opcenten, waarbij:
a. uit het NUON-fonds een uitname zal plaatsvinden van
164 mln. ten behoeve van de RSP-onderdelen REP en Openbaar Vervoer.
b. de opcenten niet hoger zullen zijn dan het landelijk ge- middelde.
Gedeputeerde Staten leggen de nadere uitwerking .. aan Provinciale Staten voor bij de Kadernota 2011.'

Het gat dat hierdoor in de dekking valt, is 89 miljoen. Dit bedrag is op prijspeil 2009; met rente en indexering loopt dit op tot 174,3 miljoen. De taakstelling die is opgeno- men in de inleiding bij de begroting 2010 betreft het op- vangen van de gederfde opcenten.

Opcenten in relatie tot landelijk gemiddelde
In `Programma 2 tegen het licht gehouden' is en vergelij- king opgenomen van het niveau van de opcenten in rela- tie tot het landelijk gemiddelde. Hieruit blijk dat Fryslân in
2009 licht boven het gemiddelde zit. Dit wordt mede ver- oorzaakt door het feit dat wij de opcenten jaarlijks indexe- ren en sommige andere provincies daar niet voor hebben gekozen. Qua belastingdruk aan opcenten per huishou- den zit Fryslân juist wel op het gemiddelde. Op basis van een doorrekening van ontwikkelingen zou Fryslân in 2017 een ruimte hebben van circa 2 punten ten opzichte van het gemiddelde.

Vrijval
In de tekst van het PS-besluit is sprake van `vrijvallende middelen van programma 2'. De middelen die vrijvallen bij programma 2 na afloop van de afschrijvingsperiode vallen echter terug in de algemene reserve. Deze kunnen dus niet vanuit programma 2 als dekkingsmiddel worden ge- boden. Er is in beperkte mate sprake van vrijval bij lopen- de projecten; deze hebben wij in beeld gebracht. Deze vrijval is beslist onvoldoende om de taakstelling te realise- ren.
Om deze reden hebben wij onze aandacht gericht op her- schikking en versobering binnen programma 2.


2

Aanpak
Wij staan voor een grote opgave. Wij hebben in een in- tensief proces het programma verkeer en vervoer doorge- licht. De elementen van deze doorlichting treft u aan in de notitie `Programma 2 tegen het licht gehouden'. Deze doorlichting diende niet alleen voor de dekking van het provinciale aandeel in het RSP. Wij hebben ook gekeken naar de werkprocessen en de ramingen rond infrastruc- tuurprojecten. De analyse was mede van nut voor de bij- drage die programma 2 kan leveren aan de provinciebre- de taakstelling.
Bij het zoeken van ruimte van deze omvang mag geen enkele mogelijkheid op voorhand worden uitgesloten. Het gaat echter wel om een bezuiniging die gedurende een lange periode gerealiseerd moet worden. Daarom is ook een verkenning gedaan naar toekomstige ontwikkelingen en opgaven. Ook is voor de Brede doeluitkering verkeer en vervoer (BDU) een voorspelling gemaakt van de in- komsten.
Rond de projecten hebben wij met onze gemeentelijke partners bestuurlijk overleg gevoerd over de voorstellen.

Toekomstige opgaven
Wij voorzien na realisatie van de nu geplande infrastruc- tuurprojecten geen nieuwe grote ingrepen in het provin- ciale hoofdswegennet.
Het is evenwel goed te realiseren dat bij het zoeken naar herschikkingen de huidige provinciale begroting maatge- vend is. Niet alle opgaven in het kader van het PVVP zijn in de begroting gedekt. Deze zijn wel in beeld gebracht in `Programma 2 tegen het licht gehouden'. Met name kun- nen de volgende onderdelen genoemd worden:
· kleine en reguliere projecten PVVP fase B en C
· vervolgprogramma's scheepvaart en vaarwegen
· aanpak verkeershinder Lemmer
· verhoging onderhoudsbudgetten (indien nodig)
· opvangen hogere kosten openbaar vervoer.
De vervangingsinvesteringen van met name kunstwerken worden verder in beeld gebracht ten behoeve van de Ka- dernota en Begroting 2011.

Vrijval bij lopende projecten
Wij stellen voor om de ruimte te benutten die beschikbaar is binnen de in uitvoering zijnde projecten. Het gaat bin- nen het project rondweg Sneek om 2,5 miljoen, bij de aquaducten in Zuidwest Fryslân om 1,3 miljoen en binnen het project Workumertrekfeart om 0,35 miljoen

Herschikking en versobering
Bij de herschikking en versobering valt niet te ontkomen aan pijnlijke keuzes. In de door u in juni 2009 besproken notitie `Voortgang Regiospecifiek Pakket' is reeds aange- geven dat een herschikking van middelen binnen pro- gramma 2 gevolgen zal hebben voor de kleine en regulie- re projecten ten behoeve van verkeersveiligheid, fietsver- keer en openbaar vervoer.

3

Herschikking
Ons voorstel is om geen maatregelen te schappen uit het RSP-pakket. Wij hebben de financiële gevolgen van het schrappen van deze maatregelen wel in beeld gebracht in de notitie `Programma 2 tegen het licht gehouden'.

Ons voorstel is om op alle fronten te zoeken naar moge- lijkheden om de vereiste dekking te vinden. Alleen het onderhoud en het openbaar vervoer hebben wij daarbij ontzien, omdat de beschikbare budgetten nu al aan de krappe kant zijn.

Voorgesteld wordt het jaarlijkse investeringsniveau aan kleine en reguliere projecten in het MPI te verlagen van gemiddeld 10 miljoen per jaar naar 8 miljoen per jaar. Deze herprioritering kan tot en met 2014 worden verwerkt en betreft de projecten uit PVVP fase A.

Voorts is een dekking van het RSP voorgesteld uit de BDU, de Brede doeluitkering verkeer en vervoer. Dit gaat ten koste van de ruimte die beschikbaar is voor gemeen- telijke infrastructuur. De omvang van de middelen voor gemeentelijke infrastructuur is de afgelopen jaren sterk toegenomen; voorgesteld wordt om deze nu weer te be- perken. Het overblijvende niveau is voldoende om de lo- pende verplichtingen gestand te doen, en om in specifie- ke gevallen bijdragen verstrekken voor gemeentelijke in- frastructuur. Te denken valt aan de dekking van de af- spraken met de gemeente Leeuwarden, haltevoorzienin- gen en hoofdfietsroutes.

Versobering
Een andere bijdrage aan de bezuiniging stellen wij voor door taakstellende versoberingen in het RSP-pakket. In de notitie `Voortgang Regiospecifiek Pakket', die in juni 2009 door u is behandeld, was een mogelijkheid aange- geven om voor 104 miljoen te versoberen op de RSP- projecten. De daarin genoemde eventuele aanvullende versobering van 40 miljoen was als onzeker aange- merkt. Op basis van het inmiddels verworven inzicht stel- len wij nu voor deze versobering taakstellend op te leggen voor het RSP-pakket.

Voor het project Centrale As wordt verder een versobe- ring voorgesteld van 10 miljoen en voor de Noordwest- tangent een versobering van 4 miljoen.

N381; versobering en scope-aanpassing
Voor de N381 houden wij geen rekening met een bijdrage aan de herprioritering. Dit vanwege de mogelijke scope- aanpassingen naar aanleiding van uw behandeling van het realisatiebesluit. Er is wel een minimale variant moge- lijk die een versobering oplevert van 5 miljoen. Aan deze variant kleven belangrijke bezwaren uit oogpunt van ruim- telijke kwaliteit. In de notitie ` Programma 2 tegen het licht
4

gehouden' zijn de verschillende mogelijkheden beschre- ven. Wanneer de scope wordt aangepast in de vorm van verdiepte ligging bij Weinterp en 't West, zijn de meerkos- ten hiervan 13 miljoen. Bij deze variant, blijken versobe- ringen mogelijk op de gehele N381 tot 8 miljoen, waar- door de meerkosten dan worden beperkt tot 5 miljoen. In de doorrekening van de taakstelling is rekening ge- houden met het dekken van deze meerkosten.

Samenvatting voorstellen

Omvang in
mln
Rondweg Sneek (vrijval) 2,50 Aquaducten Zuidwest Fryslân (vrijval) 1,30 Workumertrekfeart (vrijval) 0,35 Kleine en reguliere projecten PVVP fase A 10,00 (MPI)
Bijdrage uit de BDU 29,00 Taakstellende versobering RSP-pakket 40,00 Versobering Centrale As 10,00 Versobering Noordwesttangent 4,00

Risico's
De voorgestelde dekking uit de BDU betekent dat er min- der geld beschikbaar is voor gemeentelijke infrastructuur. Een aandachtspunt is voorts dat hiermee de ruimte ver- valt om toekomstige hogere kosten voor het openbaar vervoer op te vangen. Dit bezwaar geldt vooral voor de tweede helft van het komende decennium.
De voorgestelde versobering op projecten betekent van- zelfsprekend dat het budget voor deze projecten krapper wordt. Dit beperkt de mogelijkheid om tegenvallers op te vangen, en vergroot zo dus het risico. Ook beperkt dit de mogelijkheid om een project aan te passen aan aanvul- lende maatschappelijke behoeften.

Resultaat
Middels bovenstaande voorstellen tot besparing wordt de taakstelling volledig ingevuld. In de periode 2010-2020 wordt er in totaliteit voor zo'n 2,7 miljoen meer bezui- nigd. Met dit bedrag kan een eventuele schommeling in de kasritmes bij de versobering van het RSP programma worden opgevangen.

Ljouwert,
Deputearre Steaten fan Fryslân,

J.A. Jorritsma , foarsitter

5

dr. G.P.F. van den Boorn rm , siktaris


6

BESLÚT NR. :

PROVINSJALE STEATEN fan FRYSLÂN

Nei it lêzen fan it útstel fan Deputearre Steaten fan Fryslân fan , nr.

Oerwagende dat : het voor de dekking van de infrastructurele werken nodig is om ruimte te vinden binnen programma 2

Beslute : In te stemmen met de voorgestelde herprioriteringen binnen programma 2
De bijgevoegde begrotingswijziging vast te stellen.

Sa feststeld troch Provinsjale Steaten
Fan Fryslan yn harren iepenbiere gearkomstefan ,

, foarsitter

, griffier


7

---- --
PERSBERICHT

Nummer: 354/AH
Datum: 17 december 2009

Provincie bezuinigt, Noordwesttangent door in sobere uitvoering

De weg N398 tussen Stiens en Marssum ook genoemd Noordwesttangent krijgt twee tunnels. Gedeputeerde Staten heeft dit besloten. De autotunnel bij hoogte van de Langestraat vervalt. Hier komt een kruispunt waar het verkeer uitsluitend kan oversteken. De autotunnels bij de Ingelumerdyk tussen Engelum en Beetgumermolen en bij de Stienzer Hegedyk te Stiens worden wel gerealiseerd. Provinciale Staten nemen in februari het definitieve besluit.

" We werden in het voorjaar geconfronteerd met een enorme kostenoverschrijding. Gelukkig hebben we daar veel aan kunnen doen maar zoals het er nu uitziet moeten we toch één tunnel schrappen. De andere twee tunnels versoberen we." Zo zegt gedeputeerde Piet Adema. Met de versoberde uitvoering van de weg worden landschappelijke waarden in het gebied behouden. De twee overgebleven tunnels liggen vlak bij woningen zodat de leefbaarheid voor omwonenden goed blijft.

Verkeersveiligheid en geen sluipverkeer oversteek Langestraat De verkeersveiligheid van de nieuwe gelijkvloerse oversteek bij de Langestraat is een belangrijk punt van aandacht bij het ontwerp. Om sluipverkeer te voorkomen wordt uitwisseling van verkeer tussen de kruisende wegen onmogelijk. Bij de aanbesteding van het werk wordt een tunnel wel meegenomen. " Om de verkeersveiligheid en leefbaarheid in de omliggende dorpen te vergroten willen we zodra wetgeving het mogelijk maakt het landbouwverkeer ook via de Noordwesttangent laten rijden.": zo zegt Piet Adema.

Noordwesttangent: ontsluiting van het noorden
De Noordwesttangent (NWT) gaat om een nieuwe wegverbinding met autotunnels aan de Noordwestkant van Leeuwarden en om de reconstructie van twee kruispunten in de weg N357 bij Cornjum en Jelsum. De nieuwe weg vormt samen met de Haak om Leeuwarden de westelijke rondweg om Leeuwarden. Doel van de NWT is een betere ontsluiting van het noorden van de provincie. Kostenoverschrijdingen hebben helaas het project vertraagd, zo is in april dit jaar al is bekend gemaakt. De afgelopen tijd is gezocht naar oplossingen om kosten te beperken. De oplossingen zijn met de betrokken gemeenten besproken.

---- --