Rijksvoorlichtingsdienst

Nieuw Weeralarm waarschuwt doeltreffender voor zeer extreem weer

Met het nieuwe Weeralarm verbetert de kwaliteit van het Weeralarm evenals de manier waarop het Weeralarm tot stand komt. Dat heeft staatssecretaris Huizinga (Verkeer en Waterstaat) vandaag duidelijk gemaakt bij de presentatie van het nieuwe Weeralarm in het gebouw van het KNMI in De Bilt. Het nieuwe Weeralarm gaat het KNMI uitgeven per regio of zelfs per provincie. Er zal pas sprake zijn van een Weeralarm als de kans dat zeer extreem weer zich voordoet tenminste 90% is. Dat betekent dat een Weeralarm veelal later dan voorheen wordt afgekondigd. Om iedereen toch vroegtijdig te waarschuwen voor een extreme weersituatie die nog geen Weeralarm rechtvaardigt, wordt de 'waarschuwing voor extreem weer' geïntroduceerd.

"Het is van groot belang dat mensen tijdig en op de juiste wijze worden geïnformeerd over extreme weersomstandigheden, zodat ze daar op een goede manier op in kunnen spelen. Met het huidige vroeg afgekondigde Weeralarm is de kans op een 'vals' alarm te groot. Met de introductie van de 'waarschuwing voor extreem weer' en het afkondigen van een Weeralarm pas op het moment dat de kans op zeer extreem weer 90% of meer is, kunnen we het maatschappelijk draagvlak voor het Weeralarm behouden", licht Huizinga toe.

Het protocol om te komen tot een Weeralarm wordt ook anders. Bij het nieuwe Weeralarm zullen de meteorologen van het KNMI hun collega's van commerciële weerbedrijven systematisch raadplegen. Zodra een Weeralarm meteorologisch gerechtvaardigd lijkt (de kans dat zeer extreem weer zich voor zal doen is minimaal 90%) maakt een Weeralarmteam een inschatting van de mate van ontwrichting van de samenleving als gevolg van het te verwachten zeer extreme weer. Dit Weeralarmteam, waarin zowel overheidsorganisaties (als Rijkswaterstaat en het Korps Landelijke Politiediensten) als specifieke doelgroeporganisaties (als de ANWB) inbreng hebben, brengt advies uit aan de directeur Weer KNMI, die uiteindelijk beslist over al dan niet uitgifte van het Weeralarm.

Op advies van het Overleg Meteorologie heeft Huizinga het Nationaal Crisiscentrum (NCC) gevraagd om de komende maanden in samenwerking met het Departementaal Coördinatiecentrum Crisisbeheersing (DCC-VenW) te onderzoeken wie anders dan het KNMI medeverantwoordelijkheid zou kunnen dragen voor de impactanalyse. Immers, het maken van een inschatting of het verwachte zeer extreme weer leidt tot ontwrichting van de samenleving vereist niet de exclusieve expertise van meteorologen.

Klik hier voor de brief aan de Tweede Kamer en de bijlagen.

Noot voor redacties (