Nieuw-Vlaamse Alliantie


N-VA stapt uit overleg hervorming justitie (21/12/09)

N-VA-Kamerlid Els De Rammelaere en N-VA-ondervoorzitter en jurist Karl Vanlouwe zijn ontgoocheld over het Atomium-overleg voor de hervorming van justitie. Met wat nu op tafel ligt, wordt het gerechtelijk apparaat niet transparanter of eenvoudiger, wat toch één van de hoofddoelstellingen van de werkgroep was. Het was de bedoeling om een grondige hervorming door te voeren van justitie maar in tegenstelling daarvan werkt men gewoon verder op de bestaande structuur. Van een echt nieuw juridisch huis kan niet gesproken worden. Een open, transparant en modern huis voor justitie is van de baan geveegd, verder dan een paar nieuwe ramen steken komt men niet. De huidige voorstellen zijn niet in het belang van de rechtzoekende!

Aangezien er tijdens het Atomium-overleg blijkbaar geen bereidheid was tot een grondige en fundamentele hervorming in het belang van de rechtzoekende, heeft de N-VA besloten hier niet langer aan deel te nemen. Er wordt meer belang gehecht aan de rechtsprekende dan aan de rechtzoekende, deze zweem van corporatisme blokkeert net de ganse werking van justitie maar wordt tijdens het Atomium-overleg in de hand gewerkt.

Van bij de start heeft de N-VA zich constructief opgesteld om mee te werken in deze werkgroep om samen met de andere partijen een drastische hervorming van justitie uit te werken. Vandaag werd echter een totaal nieuwe nota voorgesteld die op essentiële punten niet langer tegemoet komt aan de oorspronkelijke doelstellingen tot hervorming van justitie. Het is duidelijk dat minister De Clerck aan de leiband van de PS loopt: hij wil wel, maar hij mag niet.

Zo blijkt uit de nieuwe nota o.m.:

1. Dat er geen sprake is van eenheid van rechtsmacht: de oorspronkelijke nota van minister De Clerck voorzag in een oplossing voor de versnippering en gebrekkige transparantie in het gerechtelijk landschap. Een eenheidsrechtbank, georganiseerd op arrondissementeel niveau, vormde het uitgangspunt van de besprekingen. De rechtbank zou bestaan uit verschillende gespecialiseerde afdelingen die uiteenlopende dossiers zouden behandelen (bijv. een afdeling koophandel, een afdeling familierecht, een afdeling verkeer,een afdeling strafzaken,). De rechtzoekende zou er terecht kunnen met eender welk dossier en meteen naar de juiste afdeling doorverwezen worden. Nu enkele weken later bevat de synthesenota van minister De Clerck zelfs geen verwijzing meer naar dergelijk systeem. Alles blijft bij het oude waarbij de bestaande rechtbanken blijven behouden maar met een overkoepelende beheersentiteit

2. Dat er geen sprake is van integraal management: een ander paradepaardje in de oorspronkelijke nota was het streven naar integraal management, waarbij de verantwoordelijkheid voor het beheer van de rechtbank en het beleid inzake rechtspraak zich in dezelfde handen zou bevinden. Hoe kan men echter spreken van integraal management indien men zwijgt over permanente evaluatie van magistraten, werklastmeting voor magistraten en een modern beheer van een rechtbank?

3. Dat er geen sprake is van gespecialiseerde afdelingen binnen de éénheidsrechtbank: door het behoud van de rechtbanken (rechtbank eerste aanleg, rechtbank van koophandel en arbeidsrechtbank) wil men enkel de bestaande structuren in stand houden. Nochtans bestaat al maanden de vraag naar meer specialisatie via verschillende, gespecialiseerde afdelingen binnen één rechtbank. De afdeling jeugd- en familiezaken zou bv. alle zaken met betrekking tot familiale aangelegenheden behandelen. Thans verlopen dergelijke procedures voor verschillende rechtbanken, de rechtzoekende weet soms niet meer waar hij terecht moet. Deze uitermate belangrijke vernieuwing verdween in de nieuwe nota.
4. Dat er geen splitsing komt van het gerechtelijk arrondissement BHV: de schaalvergroting van de gerechtelijke arrondissementen wordt in de nota uitgebreid besproken. Toch blijkt over het gerechtelijk arrondissement BHV geen bespreking mogelijk. Ondanks het veelvuldig aandringen neemt men geen politieke verantwoordelijkheid en durft men geen beslissingen te nemen. Dit moet onder druk van de Franstalige partijen verwezen worden naar de werkgroep van Jean-Luc Dehaene.

5. Dat er geen grondige hervorming van het tuchtrecht over magistraten wordt ingevoerd: dat er iets grondig fout is met de tuchtprocedure ten aanzien van magistraten is gebleken uit verschillende recente dossiers (De Tandt als voorzitter van de rechtbank van koophandel te Brussel, rechter Verstraete uit het gerechtelijk arrondissement Brugge, ). De intentie om het tuchtrecht te verbeteren was er maar dit bleek slechts schone schijn. De vernieuwing, zoals nu voorgesteld steekt de huidige procedure slechts in een nieuw kleedje, fundamenteel verandert er niets. Nog steeds blijven de rechters exclusief bevoegd om zichzelf te beoordelen: ons-kent-ons ten voeten uit!

Els De Rammelaere: Ik ben bijzonder ontgoocheld in minister De Clerck. In het begin had ik de indruk dat hij goede intenties had, maar de laatste weken wordt het alsmaar erger. Elk ambitieus hervormingsvoorstel dat op tafel werd gelegd, wordt steeds afgeblokt. Helaas volgt de minister daarmee het elan van de hele regering: ook hij krijgt niets hervormd.

Vanuit de oppositie zal de N-VA de voorstellen dan ook blijven opvolgen en zelf wetsvoorstellen indienen die gebaseerd zijn op de aanvankelijke nota van minister De Clerck.