Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Antwoorden op kamervragen over wijzigingen voor de benoeming van leden van het stembureau

6 januari 2010

Antwoorden van de staatssecretaris op kamervragen van de leden Smilde en Schinkelshoek (beiden CDA) over een wijziging voor de benoeming van leden van het stembureau. Ingezonden op 11 december 2009 onder kenmerk 2009Z24271.

2009Z24271 Vragen van de leden Smilde en Schinkelshoek (beiden CDA) aan de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over een wijziging voor de benoeming van leden van het stembureau. (Ingezonden 11 december 2009)
1 Kent u de brief van de Gemeente Midden-Delfland van 1 december 2009, waarin een wijziging wordt aangekondigd voor de benoeming van leden van het stembureau, zodat de geadresseerde niet langer lid kan zijn van het stembureau omdat "hij op de kandidatenlijst van een politieke partij staat dan wel of als persoon vanuit een ander oogpunt in verband wordt gebracht met een politieke partij"? 6 Zijn er nog meer gemeenten die deze gedragslijn volgen en dergelijke brieven verzenden? Antwoord vragen 1 en 6 Ik ben bekend met de brief van de gemeente Midden-Delfland. De gemeente heeft mij overigens niet geraadpleegd in het kader van deze brief. Mij zijn geen andere gemeenten bekend die hun stembureauleden op een vergelijkbare wijze hebben geïnformeerd.
2 Welke status heeft de "gedragslijn van de Kiesraad en de Nederlandse Vereniging van Burgerzaken"? Valt deze gedragslijn onder de beleidsregels in de zin van de Algemene wet bestuursrecht? Zo ja, op basis van welke wettelijke regeling zijn deze beleidsregels geformuleerd? Zo nee, welke wettelijke basis kent de gedragslijn dan? Antwoord Ik heb hierover contact opgenomen met de Nederlandse Vereniging van Burgerzaken (NVVB) en de Kiesraad. De NVVB heeft mij bericht op dit punt geen gedragslijn aan gemeenten te hebben gecommuniceerd. Van de Kiesraad is mij het volgende standpunt bekend: "De Kiesraad hecht eraan het belang van neutrale en objectieve stembureauleden te benadrukken. Bij de uitvoering van de werkzaamheden door stembureauleden dient iedere (schijn van) belangenverstrengeling vermeden te worden. Hierbij is het niet zozeer de vaardigheid van een individueel stembureaulid om belang te scheiden, maar vooral het effect dat een stembureaulid tevens kandidaat, kan hebben op de kiezer van belang. Vermeden moet worden dat personen die direct belang hebben bij de uitkomst van de verkiezing - kandidaten - via hun lidmaatschap van een stembureau invloed zouden kunnen uitoefenen op de verkiezingsresultaten. De Raad adviseert gemeenten om hiermee bij de benoeming van stembureauleden voldoende rekening te houden. "1 In de Kieswet is gesteld dat de leden van het stembureau tijdens de uitoefening van hun functie geen blijk geven van hun politieke gezindheid (artikel J 14). Voor het overige zijn er geen eisen in de Kieswet opgenomen waaraan stembureauleden moeten voldoen. Het benoemen van stembureauleden is de verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders.
3 Kunt u uiteenzetten voor welk probleem deze gedragslijn een oplossing biedt?
4 Welke gevolgen kan deze gedragslijn hebben voor de bemensing van de stembureaus in de gemeenten, vooral daar deze van 7-21 uur aaneengesloten bezet zullen moeten worden?
5 Kunt u uiteenzetten op grond van welke criteria iemand voldoet aan het profiel van "een persoon die vanuit een ander oogpunt in verband wordt gebracht met een politieke partij"? 7 Onderschrijft u bovengenoemde gedragslijn? Zo nee, bent u bereid uw mening kenbaar te maken via de VNG dan wel andere kanalen? Antwoord 3, 4, 5 en 7
1 Advies inzake bijstandverlening in het stemlokaal, Kiesraad d.d. 23 januari 2008 Ik ben voornemens in het kader van het wetsvoorstel inrichting verkiezingsproces een aantal regels te stellen aan stembureauleden. Deze regels zullen zien op de kiesgerechtigheid van stembureauleden, en de onverenigbaarheid van het lidmaatschap van een regulier stembureau met het lidmaatschap van een hoofd- of centraal stembureau alsmede de onverenigbaarheid van de kandidatuur voor het te kiezen orgaan en het stembureaulidmaatschap. Omdat nu in de Kieswet geen regels zijn opgenomen waaraan stembureauleden dienen te voldoen, is er voor het college van burgemeester en wethouders ruimte om eigen kaders te stellen bij het benoemen van stembureauleden. Ik ben van echter van mening dat het niet kan zijn dat personen louter en alleen omdat zij politiek actief zijn worden uitgesloten van het lidmaatschap van een stembureau. IK zal dit standpunt in de circulaire die ik in het kader van de voorbereiding van de gemeenteraadsverkiezingen aan gemeenten stuur nadrukkelijk onder de aandacht brengen. De gemeente Midden-delfland heb ik al van mijn standpunt op de hoogte gesteld.