Ministerie van Verkeer en Waterstaat

Datum 8 februari 2010 -

Onderwerp Toezegging tijdens AO Grensoverschrijdend spoorvervoer
-

Geachte voorzitter,

Tijdens het Algemeen Overleg op 3 september 2009 over "Grenzeloos genoegen: visie op grensoverschrijdend regionaal personentreinverkeer" vroeg mevrouw Roefs naar hoe het stond met de zogenaamde FENIX-spoorlijn. Ik heb mevrouw Roefs reeds mondeling antwoord gegeven op deze vraag. Hierbij doe ik u deze informatie schriftelijk toekomen.

Het FENIX-project is een privaat initiatief van het bedrijf "River To Success (RTS)" en behelst primair het realiseren van een spoorverbinding tussen de industrieregio's Genk/Hasselt in Belgisch-Limburg en Geleen/Sittard in NL- Limburg, in Duitsland aanknopend bij Aachen/Düren. Sedert 2003 zijn zowel Belgische als Nederlandse partijen (industrie, Limburgse Milieufederatie en gemeenten) betrokken, die meefinancieren en/of ondersteunen; de ondersteuning van de Milieufederatie bestaat uit het constructief meedenken op het gebied van natuur, leefbaarheid, nut en noodzaak. Citaat uit een tekst van RTS over Fenix 1: "Dit grensoverschrijdende railproject beoogt de economische structuur en werkgelegenheid van enkele regio's te verbeteren, middels optimalisering van de logistieke condities. Hierdoor wordt de industrie verankerd en kan deze zich bij voorkeur doorontwikkelen. Door het verknopen van de industriegebieden van Genk en Sittard-Geleen middels een nieuwe rail-as over de Maas ontstaat een industrieel logistiek centrum, dat uitstekende railverbindingen heeft in alle logistieke windrichtingen. Tevens zal deze nieuwe horizontale railas een Europese corridor leggen tussen Antwerpen naar Ruhr/Rhein via Genk, Geleen, Heerlen en Aachen, richting Köln/Duisburg. Tegelijk ontstaat er de mogelijkheid van een nieuwe zuid- route voor de Nederlandse zeehavens Rotterdam, Amsterdam en Vlissingen."

In 2007 heeft uw Kamer vragen gesteld over het FENIX-plan, omdat het werd genoemd als mogelijk alternatief voor de IJzeren Rijn. Na onderzoek (Kamerstukken 27.737, nrs. 26 en 27) heb ik toen geconcludeerd dat het FENIX- plan geen alternatief voor de IJzeren Rijn is; die conclusie werd bevestigd door de Belgisch minister Inge Vervotte en door uw Kamer.


1 Kamerstuk 27 737, nr. 26; bijlage
a
agina 1 van 2 P





In antwoord op een specifieke vraag van mevrouw Roefs: het FENIX-plan heeft Datum geen directe relatie met de beleidsdoelstellingen van V&W. In de beleidsnota's

(Nota Ruimte, Nota Mobiliteit, MobiliteitsAanpak), en in de "Gebiedsagenda Ons kenmerk Limburg" 2 wordt FENIX niet genoemd. VenW/DGMo-2010/428

In overleg met de heer Donners van RTS geef ik hierbij de laatste stand van zaken van het FENIX-project. Sinds 2007 heeft RTS verder gewerkt aan het FENIX-plan, met name aan een haalbaarheidsstudie; RTS verwacht dat deze haalbaarheidsstudie in maart 2010 gereed zal zijn. Dan zal er waarschijnlijk zicht komen op de kosten en baten, de planning, de realiseringskansen, mogelijke effecten, etc.

Recent heeft RTS zich tot het provinciebestuur van Limburg gewend (brief van RTS dd 03-11-2009) met het verzoek aan de provincie om een onderzoek uit te voeren "naar de railtechnische (on-)mogelijkheden ten aanzien van de verknoping van de drie bestaande railmodellen te weten: het Chemelot-railplan, de Euregionale (transito-) Stromen en FENIX rail".
Met het "Chemelot-railplan" wordt gedoeld op de MIRT-verkenning (voor het project EZS) die de provincie Limburg momenteel uitvoert - samen met de gemeente, ProRail en Chemelot - om de spoorontsluiting en emplacements- capaciteit van het Chemelotterrein (o.a. SABIC, DSM) te verbeteren. De Provincie heeft gesteld eerst de resultaten van de lopende haalbaarheidsstudie van FENIX te willen afwachten en is op het verzoek van RTS niet ingegaan. Momenteel beraadt RTS zich samen met enkele private partijen, ondermeer afkomstig uit de industrie, op definitieve inhoud en bekostiging van het door RTS gewenste railtechnisch onderzoek.

Hoogachtend,

DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

ir. Camiel Eurlings


2 Kamerstuk 32 123 A, nr. 19, bijlage

agina 2 van 2 P