Ministerie van Verkeer en Waterstaat


1


1
Retouradres: Postbus 20901, 2500 EX Den Haag
>
De voorzitter van de Tweede Kamer Plesmanweg 1-6 der Staten-Generaal 2597 JG Den Haag Binnenhof 4 Postbus 20901 2500 EX Den Haag 2513 AA DEN HAAG T 070 351 61 71 F 070 351 78 95

Contactpersoon
-

T -

Ons kenmerk CEND/HDJZ-2009/1218 sector WAT

Datum 15 februari 2010 Uw kenmerk 2009Z15157/2009D47054 Onderwerp Reactie m.b.t. wetgeving heien op zee


-

Geachte voorzitter,

Hiermee geef ik gevolg aan het verzoek van uw vaste commissie voor Verkeer en Waterstaat om een reactie te geven op een brief van Seaway Heavy Lifting Engineering B.V. (SHL) met betrekking tot wetgeving voor het heien op zee.

Bij emailbericht gericht aan de commissie VROM d.d. 14 augustus 2009 vraagt bovengenoemd bedrijf of regelgeving omtrent het heien op zee in de maak is. Ook vraagt het bedrijf of het (of andere offshore bedrijven) in dit kader assistentie zou kunnen verlenen bij nadere onderzoeken.

Op dit moment zijn er geen voornemens specifieke wetgeving voor hei-activiteiten op zee te ontwikkelen. In de vergunningen op grond van de Wet beheer rijkswaterstaatswerken (Wbr) voor het plaatsen en in stand houden van windturbines konden voorschriften worden gesteld ter voorkoming of beperking van de negatieve effecten van hei-activiteiten op de mariene omgeving. Dit kon in specifieke gevallen ook leiden tot het niet verlenen van toestemming om te heien Aan de recent afgegeven vergunningen voor offshore windturbineparken op de Noordzee zijn voorschriften verbonden op grond waarvan niet geheid mag worden in de periode van 1 januari tot 1 juli, en gedurende één bouwseizoen voor niet meer dan één windturbinepark. Het bevoegd gezag kan toestemming geven om van deze voorschriften af te wijken als bij de aanleg van meerdere parken in hetzelfde bouwseizoen de effectgebieden grotendeels overlappen, of als de opgenomen funderingswijze of voorstellen voor mitigatie van het heigeluid daartoe aanleiding geven.

De Wbr is met ingang van 22 december 2009 vervangen door de Waterwet. Ook op grond van de Waterwet kunnen vergunningvoorschriften gesteld kunnen worden aan hei-activiteiten. Naar verwachting zullen in de loop van 2010 de Natuurbeschermingswet 1998 en de Flora- en faunawet van toepassing worden in de Nederlandse Exclusieve Economische Zone (Kamerstukken II 2009-2010, 32002). Voorschriften met betrekking tot heiwerkzaamheden op zee zullen dan mogelijk in een eventuele vergunning op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 ­ voor zover er sprake is van negatieve effecten in een Natura 2000-gebied
- en/of een ontheffing op grond van de Flora- en faunawet worden opgenomen.

Verder is van belang dat ook bij de uitvoering van de Kaderrichtlijn Mariene

Strategie aandacht wordt besteed aan onderwatergeluid. Voor wat betreft de Ons kenmerk effectvoorspelling van onderwatergeluid bestaan leemtes in kennis en is nader CEND/HDJZ-2009/1218 sector WAT onderzoek en langetermijnmonitoring nodig. Bij de beoordeling van vergunningaanvragen wordt uitgegaan van de op dat moment beschikbare kennis. Dit kan leiden tot specifieke voorschriften die erop zijn gericht de effecten te beperken en kennisleemtes op te vullen, waarbij de vergunningaanvrager wordt verplicht een monitoring- en evaluatieprogramma op te stellen en uit te voeren. Mogelijk kan bij de uitvoering van een dergelijk programma gebruik worden gemaakt van de expertise van offshore bedrijven als SHL.

Hoogachtend,

DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,

J.C. Huizinga-Heringa