Rijksoverheid


Opening Nationale Databank voor Toerisme, Recreatie en Cultuur,

Toespraak | 08-07-2010

Speech minister van Economische Zaken, mevrouw M.J.A. van der Hoeven, opening Nationale Databank voor Toerisme, Recreatie en Cultuur, Leersum, 7 juli 2010.

Dames en heren, Voor de meeste Nederlanders staat de vakantie voor de deur. Dat betekent terrasjes pakken, uit eten, fietsen of het water op. Het betekent slapen in een hotel, huisje, tent of caravan. En het betekent op pad naar museum, pretpark of natuurgebied. Zoveel mensen, zoveel wensen, zoveel attracties. Maar één ding hebben al die vakantievierende mensen gemeen: het zijn úw klanten. Voor úw sector dus nog even geen vakantie. Integendeel: u gaat er hard tegen aan, het is alle hens aan dek. Want u moet er voor zorgen dat de vakantie van die miljoenen Nederlandse en buitenlandse toeristen ook dit jaar weer onvergetelijk wordt. Dat Nederland een aantrekkelijk vakantieland blijft. Dat Nederlanders die hier blijven ook volgend jaar weer zeggen: waarom zou ik naar het buitenland gaan als Nederland zelf zoveel te bieden heeft? En dat buitenlandse toeristen zeggen: ja, Nederland, daar wil ik weer heen! Nederland vakantieland! Dames en heren, Aan dat imago van Nederland vakantieland werkt u al sinds 1885! Dat is het jaar waarin enthousiaste hotelondernemers in Valkenburg aan de Geul de eerste VVV-organisatie oprichtten. Samen met het lokale gemeentebestuur. Sinds die tijd is de VVV niet meer weg te denken uit het toerisme en de recreatie in Nederland. Tussen 1885 en de Tweede Wereldoorlog groeide uw sector gestaag. En na de Tweede Wereldoorlog kwam u echt in een stroomversnelling Voor het binnenlands toerisme geldt dat we jaarlijks zo'n 18 miljoen keer korter of langer op vakantie gaan in Nederland. Met ons allen gaan we zo'n 900 miljoen keer een dagje uit. Daarmee zijn binnenlands toerisme en recreatie een belangrijke economische sector geworden, die bovendien een welkome bijdrage levert aan ons vestigings- en ons leefklimaat. In uw sector gaat per jaar zo'n 20 miljard euro om. En dan noem ik nog niet eens het inkomend toerisme, dat EZ bevordert met de Holland Promotie van het NBTC. Dames en heren, Zo'n belangrijke economische sector ontstaat niet zomaar. Daar moet je wel wat voor doen. Allereerst moet je je markt kennen. Je kunnen inleven in je klant, weten wat ie wil en aan daaraan tegemoet kunnen komen. Je moet laten zien dat jíj als geen ander kunt leveren wat je klant zoekt. En je moet dat voor een aantrekkelijke prijs kunnen doen. Dat kan alleen als je slim werkt. En als je samenwerkt. Dat betekent onder meer kennis met elkaar delen. Want kennis is de enige grondstof die toeneemt in volume als je hem deelt. Laten we ons eens even verplaatsen in de toerist, in uw klant dus. U weet, die klant haalt heel veel informatie over wat er in ons land te doen is van internet. Stel dat ie hier in Leersum op vakantie is. En stel dat ie geïnteresseerd is in de bossen en in de cultuur in deze regio. Dan gaat ie dus googlen. Ik heb het zelf ook even gedaan voordat ik hier vandaag heen reed. Ik moet u zeggen: ik vond veel informatie. Over de Utrechtse Heuvelrug, over de Darthuizer Poort, over kasteel Zuylestein en zelfs over een Kokmeeuwenreservaat. Maar die informatie stond kriskras door elkaar. Dat verbaast u natuurlijk niets, u had het zelf al lang in de gaten. En u bent er dus mee aan de slag gegaan. Als VVV Nederland, als Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen en als Nederlands Uitburo heeft u de handen ineengeslagen. U zei tegen elkaar: laten we nou eens samen kijken hoe we die enorme berg informatie die je op google vindt een beetje slimmer en smakelijker kunnen opdienen. En of we die informatievoorziening een beetje goedkoper kunnen organiseren. Want marketing en reclame leveren geld op, maar ze zijn natuurlijk ook een kostenpost. Dames en heren, U bent uitstekend geslaagd in de opdracht die u zichzelf had gegeven. De Nationale Databank voor Toerisme, Recreatie en Cultuur die u vandaag lanceert, zorgt er immers voor dat de toerist makkelijker vindt wat ie zoekt. En dat ie makkelijker een programma opstelt. Wil uw klant een avondje uit, dan vindt ie behalve een leuke theatervoorstelling ook meteen een restaurantje om vooraf wat te eten; een leuke kroeg om na de voorstelling wat te drinken; en een parkeerplaats. Bovendien kan ie theater, restaurant en hotelkamer met een paar muisklikken reserveren. Leuker en makkelijker kan het bijna niet. En daar komt voor u nog bij dat het tegen lagere kosten gaat dan vroeger. Want de kosten deelt u binnen de sector. Dames en heren, Ik weet het zeker: uw nieuwe databank zal zijn waarde direct bewijzen. Voor uw klanten, die deze vakantie gemakkelijker vinden wat ze zoeken. En voor uw sector, die efficiënter aan zijn marketing werkt. Ik wil u dus tweemaal feliciteren. Tweemaal, zult u zeggen? Ja, tweemaal. Allereerst met uw nieuwe databank. En ten tweede met uw nieuwe, moderne hoofdkantoor, waarin wij hier bij elkaar zijn. Dit hoofdkantoor en deze databank staan wat mij betreft voor samenwerking, voor vernieuwing en voor innovatie. Dat zijn dé ingrediënten voor succes. En van dat succes wens ik u heel veel toe. In het hoogseizoen, dat nu begint. En daarna! Dank u wel.