Universiteit van Amsterdam


Promotie: Vragen vijandige overnames om een passieve of actieve vennootschapsleiding?
Promotie Rechtsgeleerdheid

woensdag 15 december, 11.00 uur

Een belangrijke vraag in het vennootschapsrecht is de vraag wie bij beursgenoteerde vennootschappen de uitkomst van een vijandige overnamepoging bepaalt. Moet de leiding van de doelvennootschap passief zijn of dient zij een actieve rol te krijgen? Deze vragen worden in verschillende landen verschillend beantwoord. Er kunnen grofweg twee basismodellen worden onderscheiden. Het eerste legt de besluitvorming over de toekomst van een vijandige overname volledig in handen van de aandeelhouders van de doelvennootschap, en zet de leiding van de vennootschap buitenspel. De vennootschapsleiding dient passief te blijven. In het tweede model heeft de vennootschapsleiding wel een actieve rol. Zij fungeert als het ware als een soort gatekeeper en mag daarbij vaak zelfs beschermingsmaatregelen nemen. In de VS is een passieve houding expliciet door het Delaware Supreme Court afgewezen. Daar wordt duidelijk gekozen voor het tweede model. In Europa is echter voor het eerste model gekozen. Marnix v an Ginneken deed onderzoek naar de rol van de vennootschapsleiding bij vijandige overnamepogingen. Hij bekeek of de keuze om de vennootschapsleiding bij vijandige overnames een actieve rol te geven gerechtvaardigd is op grond van het level playing field-argument. Ditzelfde deed Van Ginneken met andere argumenten die in de discussie in de VS naar voren zijn gekomen. Dhr. M.J. van Ginneken: Vijandige overnames. De rol van de vennootschapsleiding in Nederland en de Verenigde Staten. Promotor is dhr. prof. dr. J.W. Winter.
Locatie: Aula van de UvA, Singel 411, Amsterdam.