FNV Bondgenoten

Onderzoek naar topbeloningen: Zelfreinigend vermogen bedrijven ondermaats


* 07-06-2011

Zeventig procent van Nederlandse AEX- en Midcap-bedrijven voldoet niet aan de Factor 20 norm die de FNV heeft gesteld. Dat blijkt uit onderzoek dat FNV Bondgenoten en FNV Bouw vandaag presenteren.

Uitgangspunt Factor 20

De jaarcijfers van 2009 en 2010 van vijftig Nederlandse ondernemingen zijn onderzocht , waarbij de vaste salarissen van de top zijn vergeleken met de laagste vaste salarisschaal in de betreffende onderneming. Een salarisverhouding waarbij de top twintig maal zoveel verdient als de laagst betaalde volwassen werknemers is voor de FNV een acceptabel uitgangspunt (Factor 20*).

Naast de vaste salarissen zijn ook de bonussen van de top tegen het licht gehouden. Bonussen, zo vindt de FNV, zouden maximaal vijftig procent van het vaste salaris mogen bedragen. In veertig procent van de bedrijven is de bonus voor topbestuurders vaak fors hoger.

Zelfreinigend vermogen bedrijfstop valt tegen

FNV Bondgenoten-voorzitter Henk van der Kolk: "Ik had gedacht dat de crisis en de maatschappelijke discussie een grotere invloed zouden hebben op de topbeloningen. Het zelfreinigend vermogen aan de top van het bedrijfsleven valt me tegen, ook bij coöperatief geleide organisaties als de Rabobank en Friesland Campina, bedrijven waarvan de top een maatschappelijk imago van belang vindt. Dat geldt ook voor TNT. De loonontwikkeling van de gemiddelde werknemer is heel matig geweest, maar voor de top zijn flinke salarisverhogingen of bonussen `business as usual', ondanks de crisis. In steeds meer bedrijven is dat slecht te verkopen aan de werknemers."

Industrie meest `over de top' met bonussen

FNV Bondgenoten en FNV Bouw onderzochten vijftig bedrijven in de financiële sector, de bouwwereld, de diensten-, handel- en transportsector, de metaal- en elektrotechniek en de industrie.

In de financiële sector zijn ING (factor 49), de Rabobank (35) en Aegon (32) uitschieters. Bij ING verdient de top dus bijna vijftig keer zoveel als de laagst betaalde medewerker. De top van de Rabobank ontving daarnaast nog een flinke bonus, andere financiële instellingen betaalden in 2010 geen bonus of gaven de bonus terug (ING).

Vooral in de diensten en handel is er sprake van hoge vaste beloningen. De TNT (54), KPN (45), Ahold (43) en Randstad-top (39) krijgt vorstelijk betaald, terwijl de bonussen ook de pan uit rijzen. Met name bij KPN (689) en Randstad (250) is de vijftig procent-bonusnorm met een veelvoud overschreden.

In de industrie is de top van Shell in 2010 veel meer vast salaris gaan verdienen: van factor 38 (2009) naar factor 57 in 2010. Ook de top van Unilever (34), Friesland Campina (34), DSM (32) en Heineken (30) vallen op. De industrie spant de kroon voor wat betreft bonussen. Shell (538), Unilever (254), Heineken (138), Draka (135) geven hun topbestuurders wat de FNV noemt `over de top' bonussen.

In de metaal ten slotte zitten alle bedrijven die zijn onderzocht boven factor 20 voor vast salaris. Arcelor Mittal (50) en Philips (46) scoren het hoogst. ASML valt op door zijn torenhoge bonussen (2009: 305 procent, 2010: 273 procent), maar ook Philips staat op 133 procent.

Bouwbedrijven: loonsverhogingen top, afwentelen crisis op werknemers

In de bouw (zeven bedrijven onderzocht) woekert de crisis nog voort, met hoge werkloosheid. Desondanks kent de top van de grootste bouwers zichzelf in crisistijd flinke salarissen toe: tussen de 400.000 en 900.000 euro. Job Dura van Dura Vermeer valt op, omdat hij in crisisjaar 2010 een derde meer kreeg dan zijn voorganger. Drie van de zeven topmannen kregen een loonsverhoging, de bonus van Van der Aast van VolkerWessels was over 2010 zelfs 94 procent van het vaste salaris. Van in totaal vijftig onderzochte bedrijven verstoppen zeven bedrijven als het ware individuele vaste en variabele salarissen, overigens wel binnen de regels van de financiële verslaglegging. Vier daarvan zijn bouwbedrijven. TBI wilde de FNV zelfs na aandringen niet vertellen wat de CEO precies verdient. FNV Bouw-voorzitter John Kerstens: "De afgelopen jaren raakte de crisis al 25.000 bouwvakkers. Dat de top tegenslagen afwentelt op werknemers en zichzelf daarvoor riant beloont, is niet fraai. Wie daar ook nog stiekem over doet, geeft blijk van enige gêne. Terecht. Zulk gedrag doet de bouwsector geen goed."

Wat doet de FNV?

De FNV kaart topbeloningen op meerdere manieren aan. Formeel heeft de vakbond geen zeggenschap over de hoogste beloningen in een bedrijf, omdat deze niet onder de cao vallen. Bij cao-besprekingen kan het onderwerp echter wél ter tafel komen. Dat is afgelopen maand bij Heineken en Sara Lee/DE gebeurd, omdat FNV-leden in die bedrijven boos zijn over (dreigende) verslechteringen in hun eigen cao terwijl de top extra wordt beloond. Bij ING heeft FNV Bondgenoten meegepraat over een bedrijfsbreed beloningsbeleid, nadat Henk van der Kolk Factor 20 in2009 in de vorm van een fles zonnebrand aan het bedrijf aanbood. En bij de deeltijd-ww heeft FNV Bondgenoten bij het tekenen van convenanten gesteld dat bedrijven niet in aanmerking kunnen komen voor bonussen zolang zij deeltijd-ww hebben. Tweederde ging hiermee akkoord.

Politiek moet nog beter controleren op naleving corporate governance

Ook politiek oefent de FNV invloed uit. De FNV vindt dat de monitoringscommissie corporate governance (Tabaksblatt, later Frijns) beursgenoteerde bedrijven beter moet controleren op de naleving van de bepaling over beloningsverhoudingen. Voor de FNV geldt daarbij dat de interne beloningsverhouding binnen de onderneming leidend moet zijn bij het vaststellen van de beloning van topbestuurders. "Het mag dus niet zo zijn dat werknemers nauwelijks stijgen of er zelfs op achteruit gaan om de rekening van de crisis te betalen, terwijl topbestuurders de dans ontspringen en er in salaris flink op vooruit gaan. Evenwichtige beloningsverhoudingen zijn daarbij niet alleen rechtvaardig, maar ook goed voor de productiviteit van het bedrijf," aldus FNV federatiebestuurder Catelene Passchier.

Daarnaast presenteert de FNV vanaf vandaag op zijn site een zogenaamde salarisvergelijker, waarmee iedereen zijn eigen salaris kan afzetten tegen dat van een bepaalde topbestuurder of de laagst betaalde werknemer in een bedrijf, zie www.fnvsalarisvergelijker.nl


*Uitgangspunt Factor 20 is het salaris van DNB-topman Wellink vergeleken met een minimumsalaris van 20.000 euro.