Rechtbank Amsterdam


Wraking in `snelkookpan-zaak' door gerechtshof Amsterdam afgewezen

Amsterdam , 16-6-2011

Uitspraak wrakingskamer
Op 14 juni 2011 heeft mr. J.Y Taekema, namens de verdachte M.Y., de raadsheren die de 'snelkookpan'-zaak behandelen gewraakt. De wrakingskamer van het gerechtshof Amsterdam heeft vandaag het wrakingsverzoek afgewezen. Zij stelt dat wraking geen middel is om inhoudelijke beslissingen ter discussie te stellen.

Redenen wrakingsverzoek
De advocaat van M.Y. heeft in de kern genomen twee redenen voor de wraking aangevoerd. Het hof heeft onderzoekswensen, waaronder het verzoek om een forensisch medisch contra-onderzoek te laten uitvoeren, afgewezen. Tevens heeft het hof beslist dat niet nu, maar bij de einduitspraak op bepaalde getuigenverzoeken zal worden beslist. De raadsman vindt dat uit die beslissingen blijkt dat de raadsheren vooringenomen zijn of dat de verdachte op zijn minst daar objectief gezien bevreesd voor kan zijn. Hij stelt dat daardoor aan de verdachte een eerlijk proces wordt onthouden.

Criterium beoordeling
Bij de beoordeling van het wrakingsverzoek geldt als criterium dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Dit tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het oordeel dat een rechter jegens een partij vooringenomendheid koestert, althans dat bij de verzoeker dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is.

Raadsheren niet vooringenomen en geen objectief gerechtvaardigde vrees daartoe
Het hof is van oordeel dat het wrakingsverzoek is gericht tegen inhoudelijke -juridische-beslissingen. Die beslissingen zijn ter terechtzitting gemotiveerd toegelicht. Dat de verdachte het niet eens is met deze inhoudelijke beslissingen is niet een uitzonderlijke omstandigheid die een zwaarwegende aanwijzing vormt dat de raadsheren vooringenomen zijn. Het is ook geen reden voor een objectief gerechtvaardigde vrees bij de verdachte dat de raadsheren vooringenomen zijn. Zoals de advocaat-generaal stelde: wraking is geen hoger beroep.

Aangezien het wrakingsverzoek is afgewezen, gaan dezelfde raadsheren door met de behandeling van de zaak.

Wraking van de wrakingskamer eveneens afgewezen Tijdens de behandeling van het wrakingsverzoek op 14 juni 2011 heeft de advocaat ook de wrakingskamer gewraakt. De reden daarvoor was dat hij vond dat het wrakingsprotocol van het hof niet was nageleefd Dit wrakingsverzoek is door een andere wrakingskamer nog diezelfde dag behandeld en afgewezen. Deze wrakingskamer vond dat niet is gebleken dat in deze spoedeisende zaak het protocol was geschonden en zelfs als dat zo geweest zou zijn, dan zou dat niet een uitzonderlijke omstandigheid zijn die een zwaarwegende aanwijzing zou vormen dat de raadsheren van de wrakingskamer vooringenomen zouden zijn. Nu het verzoek was afgewezen kon de oorspronkelijke wrakingskamer op 14 juni de behandeling voortzetten en vandaag uitspraak doen.

Uitspraken:BQ8137

Zie het origineel