Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut

Zeldzame reeks late zomerse dagen
3 oktober 2011 - Op een aantal plaatsen in Nederland is de temperatuur de maandwisseling van september en oktober op vier dagen achtereen boven de 25 graden gekomen. Lokaal is de afgelopen dagen 27 graden gemeten. Een late zomerse dag komt vaker voor maar zo'n nazomerse warmtegolf met een reeks dagen zomerse warmte zo laat in het jaar is zeldzaam.
Het was genieten afgelopen weekeinde maar door het rustige en warme weer en de sterke afkoeling vormde zich tegen zonsondergang zich op grote schaal mist die in de nacht en ochtend hinderlijk was voor het verkeer (foto: Jannes Wiersema)
Het was genieten afgelopen weekeinde maar door het rustige en warme weer en de sterke afkoeling vormde zich tegen zonsondergang zich op grote schaal mist die in de nacht en ochtend hinderlijk was voor het verkeer (foto: Jannes Wiersema)
Sinds het begin van de metingen in 1901 heeft het KNMI in oktober acht zomerse dagen (25,0 graden of wamer) genoteerd waarvan twee dit jaar. De eerste oktober was hier de warmste dag met een maximum van 26,0 graden, op 2 oktober 2011 werd 25,6 graden gemeten. In De Bilt is de 10e oktober 1921 met 26,7 graden de laatste zomerse dag in het najaar. Die dag werd het in Sittard met 30,1 graden nog tropisch, de hoogste waarde ooit in oktober.

Het grillige verloop van weer is dit jaar opmerkelijk. Na een recordroog, zonnig en zeer zacht voorjaar volgde een recordnatte, sombere en koele zomer waarna in het najaar een zonnige en uitzonderlijk warme periode volgde. De drie voorjaarsmaanden leverden al zeven zomerse dagen op tegen vier normaal. September en oktober telden in De Bilt zes zomerse dagen. Dat is veel meer dan in de hoogzomer juli en augustus, die samen slechts drie zomerse dagen opleverden. Een gewone september neemt twee zomerse dagen voor zijn rekening en in oktober komt zulke warmte normaal niet voor.

De hoge temperaturen van de afgelopen jaren hebben geleid tot a-typische verschijnselen zoals strand- en terrasdagen vroeg in het voorjaar en laat in het najaar, zoals ook dit jaar het geval is. Doordat de temperatuur stijgt, valt de eerste warme dag van het jaar (20,0 graden of hoger) tegenwoordig gemiddeld vijf tot tien dagen eerder in het jaar en neemt het aantal zeer warme dagen verspreid over het jaar toe. De datum van de eerste en laatste warme dag van het jaar varieert door de grilligheid van het weer echter sterk van jaar tot jaar.

Eerste uitgave: 03-10-11