Dopingcontroles en bevindingen 2014


4 March 2015

In 2014 heeft de Dopingautoriteit 2.483 dopingcontroles uitgevoerd. De Dopingautoriteit verzorgde de afhandeling van de resultaten - inclusief eventueel noodzakelijke tuchtrechtelijke stappen - van 1961 van deze controles. Het betrof 1.904 urinecontroles en 57 bloedcontroles.

afbeelding bij Dopingcontroles en bevindingen 2014
In 43 gevallen werd het resultaat samen met een Internationale Federatie afgehandeld. Van 479 controles werd het resultaat niet door de Dopingautoriteit maar door de opdrachtgever (meestal een Internationale Federatie) verzorgd.

* .In 130 van de gevallen waarvan het resultaat geheel of gedeeltelijk door de Dopingautoriteit werd afgehandeld, werden afbraakproducten van een of meer dopinggeduide stoffen aangetroffen (inclusief atypische bevindingen).

* In 9 gevallen leidde dit tot aangifte van een dopingovertreding.

* Daarnaast werd in 1 geval aangifte gedaan van (poging tot) gebrekkige medewerking..

* De groepen van middelen die tot de meeste aangiften leidden waren stimulantia (2), en anabole middelen (6).

* De meeste tuchtzaken werden aangebracht in de atletiek (4).

Aantallen controles

Het aantal in 2014 uitgevoerde dopingcontroles (2.483) is vrijwel gelijk aan het uitgevoerde aantal in 2013 (2.490). Van het totale aantal controles waren 1.764 controles onderdeel van het Nationaal Controle Programma. Van deze controles werd 46,5% buiten, en 53,5% binnen wedstrijdverband
uitgevoerd. In 41% van deze controles werd ook op EPO geanalyseerd (2013: 31%).

De overige 719 controles werden uitgevoerd in opdracht en voor rekening van buitenlandse zusterorganisaties, internationale sportfederaties, WADA, evenementorganisatoren en Nederlandse sportbonden.

2011 2012 2013 2014
Totaal aantal controles 2.593 2.544 2.490 2.483
Nationaal Controle Programma 1.965 1.810 1.910 1.764
Overige controles 628 734 580 719



Onsuccesvolle pogingen / Missed tests / Filing failures

In 2014 heeft in 83 gevallen (2013: 89) een geplande dopingcontrole geen doorgang kunnen vinden. Redenen hiervoor waren vooral afwezigheid op het huisadres op het moment van de controle (bij controles zonder whereabouts informatie), het uitvallen van een training of wedstrijd waaraan de
sporter zou deelnemen (bijv. wegens weersomstandigheden), of het onverwacht niet deelnemen van een sporter aan een training of wedstrijd (bijv. wegens een blessure).

In 2014 zijn in totaal 34 definitieve whereabouts-fouten (Missed tests en Filing failures) geregistreerd (2013: 60). Twee whereabouts-fouten zijn nog in procedure. In geen enkel geval is een whereaboutsfout voor een derde maal binnen 18 maanden bij eenzelfde sporter geconstateerd.

Aangetroffen dopinggeduide stoffen

Het resultaat van 2.004 monsters (van het totaal aantal van 2.483 afgenomen monsters) werd geheel of gedeeltelijk door de Dopingautoriteit verwerkt. In 130 gevallen werden 135 afwijkingen gerapporteerd; drie monsters bevatten (afbraakproducten van) twee stoffen; een monster bevatte
(afbraakproducten van) drie stoffen.

De grootste groep werd ook dit jaar gevormd door de Anabole middelen, die 121 maal werden aangetroffen, tegen 68 in 2013. Getalsmatig leverden verhoogde T/E-ratio's (testosteron/epitestosteron ratio groter dan 4, 112 maal) verreweg het belangrijkste aandeel binnen deze categorie.

Er is een daling in het aantal maal dat stimulantia zijn aangetroffen: 5 maal (2014) ten opzichte van 12 maal (2013).

Aangetroffen stoffen 2013 2014
Totaal 94 135
Anabole middelen 68 121
T/E-ratio >4 48 112
Atypische steroidprofiel 13 3
Aangetroffen verboden stoffen 7 6
Peptidehormonen, groeifactoren en verwante stoffen 3 0
Narcotica 1 1
Hormoon- en metabole modulatoren 1 2
Diuretica / maskerende middelen 1 1
Stimulantia 12 5
Cannabinoiden 2 1
Glucocorticosteroiden 5 4
Betablokkers 1 0



Van aangetroffen stoffen naar aangiften

De 135 aangetroffen afwijkingen bevonden zich in 130 urinemonsters. Deze 130 urinemonsters waarin een of meer dopinggeduide stoffen of andere afwijkingen werden aangetroffen, leidden tot 9 aangiften wegens overtreding van het dopingreglement. In 121 gevallen werd vastgesteld dat er geen reden
was om aangifte te doen van overtreding van het dopingreglement, en wel om de volgende redenen:.

* vervolgonderzoek (meestal het zogenaamde IRMS-onderzoek bij verstoorde T/E ratio's of een afwijkend steroidprofiel) leidde in 113 gevallen tot de conclusie dat niet was gebleken dat een laboratoriumbevinding aan exogene toediening te wijten was..
* in 3 gevallen was een medische dispensatie aanwezig..
* In 2 gevallen werd de medische dispensatie achteraf - maar nog voor de aangifte bij de bond - verstrekt..
* in 3 gevallen was het resultaat in overeenstemming met een toegestane toedieningswijze.

In de 9 urinemonsters die tot een aangifte ten gevolge van stoffen leidden werden 11 stoffen aangetroffen. De groepen stoffen (ingedeeld conform de WADA-dopinglijst) die tot de meeste aangiften leidden waren Stimulantia (2) en Anabole middelen (5).

Stoffen die tot aangifte leidden 2013 2014
Totaal 19 11
Anabole middelen 6 6
Peptide hormonen, groeifactoren en verwante stoffen 1 0
Narcotica 1 0
Hormoon- en metabole modulatoren 0 0
Diuretica / maskerende middelen 1 1
Stimulantia 8 2
Cannabinoiden 2 1
Glucocorticosteroiden 0 1
Betablokkers 0 0

Aantal aangiften

9 maal werd aangifte gedaan van de aanwezigheid van (een) verboden stof(fen). Bovendien werden er in 1 geval aangifte gedaan wegens (poging tot) gebrekkige medewerking.

In totaal zijn 10 aangiften gedaan tegen 9 verschillende sporters (6 mannen, 3 vrouwen).

Aangiften 2013 2014
Totaal aantal aangiften 15 10
Verboden stoffen 14 9
Overige overtredingen 1 1



In een geval is er door de geneesmiddelen dispensatie commissie (GDS) alsnog een medische dispensatie verleend voor het gebruik van de geconstateerde stof, waarbij het advies aan de bond is gegeven dat de grond voor vervolging in de zaak volgens de Dopingautoriteit is komen te vervallen. De
vervolging is daarop gestaakt.

De verdeling van de aangiften over de sporten

In totaal zijn deze 10 aangiften verspreid over 6 sporten (2013: 15 aangiften verspreid over 8 sporten). Het hoogste aantal aangiften (4) werd in 2014 gedaan bij de Atletiekunie.

Aangiften van dopingovertredingen per sport 2013 2014
Totaal 15 10
Atletiek ***1 **4
Autosport 0 *1
Boksen 0 1
Cricket 1 0
Crossfit 0 1
Handboogschieten *1 0
IJshockey 2 0
Krachtsport 7 2
Rollersports 0 ****1
Rugby 1 0
Schieten *1 0
Wielrennen 1 0



* = na aangifte is in deze zaken alsnog een medische dispensatie verleend
** = een van deze vier gevallen is overgedragen aan de Internationale Federatie, twee van deze vier gevallen betrof dezelfde persoon
*** = het resultaatmanagement is overgedragen aan de Internationale Federatie
**** = het resultaatmanagement is overgedragen aan een buitenlandse NADO

Toelichting

In 2014 zijn enerzijds meer stoffen aangetroffen die vervolgonderzoek noodzakelijk maakten dan in 2013 het geval was, maar zijn tegelijkertijd minder aangiften gedaan van overtredingen van het dopingreglement dan ooit tevoren. Het is niet mogelijk deze feiten eenduidig te verklaren, maar de
volgende factoren spelen een rol:

* De groei in het aantal aanvullende IRMS-analyses (van 48 naar 112) is een gevolg van het sterk gegroeide aantal laboratoriummeldingen van verstoorde T/E-ratio's. IRMS-analyses worden ingezet als er sprake is van een verstoordeTestosteron/Epitestosteron-ratio, of als er andere redenen zijn
om te testen op het gebruik van (een) externe steroide(n). In 2014 leidden deze extra analyses echter niet tot extra aangiften.

* De daling in het aantal aangiften met betrekking tot cannabis is (mede) een gevolg van de aanmerkelijke verhoging van de drempelwaarde, waartoe halverwege 2013 besloten werd.

* De daling in het aantal aangiften met betrekking tot stimulantia is (mede) een gevolg van het feit dat in 2012 de vaak in voedingssupplementen aangetroffen stof methylhexanamine door de overheid verboden werd.
* De daling van het totaal aantal aangiften lijkt bovendien een gevolg te zijn van de steeds verder verbeterde kennis bij topsporters over doping en dopingregels.