Onderzoek Inspectie jeugdzorg Glen Mills School

De Voorzitter van de Tweede Kamer
der Staten-Generaal
Postbus 20018
2500 EA DEN HAAG

JZ/GJ-2838722

17 maart 2008

Op 25 januari 2008 heeft de staatssecretaris van Justitie u, mede namens mij, geïnformeerd over de resultaten van de recidivemeting bij de Glen Mills School van de Hoenderloo Groep. In deze brief is aan u medegedeeld dat de Inspectie jeugdzorg en de Inspectie van het Onderwijs onderzoek hebben gedaan naar de veiligheid binnen de Glen Mills School en dat ik uw Kamer na de publicatie van het rapport zou informeren. Deze toezegging doe ik hierbij gestand. Het rapport ‘Veiligheid binnen de Glen Mills School’ treft u als bijlage bij deze brief aan.

De Glen Mills School is onderdeel van de Hoenderloo Groep, een provinciaal gefinancierde jeugdzorginstelling met een landelijke bestemming. Dit houdt in dat er jeugdigen uit alle provincies worden opgenomen. De financiering van het landelijke aanbod loopt via de provincie Zuid-Holland op basis van het convenant ‘Inpassing aanbod van De Hoenderloo Groep (inclusief Glen Mills) en Harreveld in het stelsel van de jeugdzorg’. Daarnaast koopt het ministerie van Justitie al een aantal jaren plaatsen in voor de behandeling van jeugdigen binnen de Glen Mills School. In beginsel is deze capaciteit bedoeld voor jeugdigen die strafrechtelijk veroordeeld zijn tot een maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (PIJ-maatregel). Ik stuur u deze brief daarom mede namens de staatssecretaris van Justitie.

Mede op verzoek van de provincie Zuid-Holland hebben de Inspecties onderzoek gedaan naar de veiligheid binnen de Glen Mills School. De Inspecties concluderen dat de Glen Mills School een matig risico heeft op een onveilig leef-, behandel- en werkklimaat voor jongeren en personeel. De behandeling speelt zich af in een gesloten systeem dat machtsgevoelig is en dat brengt risico’s met zich mee. Een belangrijke constatering is dat er niet volledig aan de eisen van de Wet op de jeugdzorg wordt voldaan als het gaat om de toegang tot het klachtrecht en de cliëntvertrouwenspersoon. Ook wordt er ‘holding’ toegepast.

De volgende twee aanbevelingen zijn aan de overheden (provincie en Rijksoverheid) gericht:

  • Geef aan binnen welke voorwaarden de methodiek uitgevoerd kan worden

  • Bezie of het huidige kader van de Wet op de jeugdzorg voldoende waarborgen biedt.

Onder de Wet op de jeugdzorg is de zorgaanbieder verantwoordelijk voor het bieden van verantwoorde zorg. De Hoenderloo Groep is al enige tijd geleden gestart met het opstellen van een verbeterplan, mede naar aanleiding van de aanbevelingen van de Inspectie jeugdzorg. De provincie Zuid-Holland zal als directe financier afspraken met de Hoenderloo Groep maken over de voorgestelde verbeteringen rond het klachtrecht en de cliëntvertrouwenspersoon en de termijn waarop deze verbeteringen moeten zijn doorgevoerd.

Omdat de aanbevelingen zich ook richten op het wettelijk kader is er een rol voor mij als minister voor Jeugd en Gezin weggelegd. Momenteel ben ik in overleg met de provincie en het ministerie van Justitie over de mogelijkheden. Wanneer het aanbod blijft bestaan als provinciaal aanbod zal de Hoenderloo Groep de methodiek zodanig aan moeten passen dat aan de Wet op de jeugdzorg wordt voldaan.
Met betrekking tot het toepassen van de maatregel ‘holding’ heeft de Inspectie jeugdzorg, mede naar aanleiding van het onderzoek bij de Glen Mills School, een standpunt ingenomen.
Onder holding verstaat de Inspectie jeugdzorg het ‘vastpakken en vasthouden’ van jeugdigen indien dit noodzakelijk is in verband met ernstige vormen van agressie. De juridische basis voor deze vorm van fysiek ingrijpen in de vrijheid van jeugdigen is artikel 29o lid 1 sub d van de Wet op de jeugdzorg. Dit artikel heeft betrekking op de maatregelen die uitsluitend toegepast kunnen worden binnen accommodaties die aangewezen zijn voor gesloten jeugdzorg.

Holding wordt echter al geruime tijd (geprotocolleerd) binnen de Glen Mills School toegepast. De Inspectie jeugdzorg laat nu weten dat dit niet toegestaan is binnen de provinciaal gefinancierde jeugdzorg. Dit is een belangrijke constatering en ik zal in overleg met de Inspectie jeugdzorg, de provincie Zuid-Holland, het ministerie van Justitie en de Hoenderloo Groep op korte termijn inventariseren wat de consequenties hiervan zijn voor Glen Mills School. Ik zal ook onderzoeken of en zo ja onder welke condities deze locatie aangewezen kan worden als gesloten jeugdzorgaccommodatie. Ik zal u hier voor de zomer over informeren.

De Minister voor Jeugd en Gezin,

mr. A. Rouvoet