Opvolging verzoek vaste commissie voor Financiën inzake NPMNA

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Postbus 20018
2500 EA ‘S-GRAVENHAGE

Ons kenmerk: Fin 2007-00536

Geachte voorzitter,

In reactie op een eerdere brief die ik u mede namens de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heb geschreven over de Nederlandse Participatiemaatschappij voor de Nederlandse Antillen NV (NPMNA)1, heeft uw vaste kamercommissie voor Financiën mij verzocht uw Kamer te informeren over de inhoud en de uitkomsten van het gevoerde overleg tussen Financiën, BZK en de Antilliaanse autoriteiten over NPMNA.

In antwoord op dit verzoek bericht ik u, wederom mede namens de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties als volgt.

Zoals ik aan uw Kamer heb gemeld in de evaluatie van NPMNA terzake haar betrokkenheid bij financieringen en vennootschappen in Curaçao, Aruba en Sint Maarten en als besproken tijdens het algemeen overleg op 15 maart jl., is in 2003 besloten tot een strategie van afbouw van de portefeuille van de NPMNA. Momenteel bestaat deze portefeuille uit de volgende deelnemingen, participaties en leningen:

Naam

Belang / omvang lening

Aruban Investment Bank NV

31,18%

Curaçao Airport Holding NV

16,70%

Curaçao Port Holding NV

6,17%

Curinde NV

15,00%

Oranjestad Property Management NV

99,99%

Pr. Juliana Airport Exploitatiemaatschappij

euro 5,47 mln.

St. Maarten Finance Foundation

euro 1,92 mln.

De afbouwstrategie wordt uitgevoerd door de beheerders van NPMNA, die tevens medewerkers zijn van NIBC Bank N.V., de aandeelhouder en bestuurder van NPMNA. Voor de deelneming Oranjestad Property Management wordt de liquidatie voorbereid. Voor de financiering aan Sint Maarten Housing Finance Foundation is in 2006 na uitvoerig overleg tussen NPMNA, de Foundation en de Sint Maartense autoriteiten een exit scenario overeengekomen, waarvan de uitvoering wacht op te nemen stappen aan de zijde van Sint Maarten. Voor de overige deelnemingen en financieringen worden kopers gezocht.

De contacten met de Antilliaanse en Arubaanse autoriteiten over de afbouwstrategie worden door NPMNA onderhouden. Deze contacten zijn intensief, mede aangezien de Antilliaanse autoriteiten en Aruba meerderheidsaandeelhouder zijn in de resterende participaties. In het geval van de Curaçaose overheids NV ’s vindt overleg deels ook plaats met de vertegenwoordigers van StIP, de stichting waaraan het eilandgebied het juridisch aandeelhouderschap heeft overgedragen. In het geval van de deelneming in AIB bank, waar de overige aandelen worden gehouden door andere private partijen vinden deze contacten plaats met de Centrale Bank van Aruba. De Staat der Nederlanden staat, als economisch rechthebbende op de opbrengsten uit NPMNA, op afstand in het proces van afbouw van de portefeuille.

Ik vertrouw erop u voldoende te hebben geïnformeerd.

Hoogachtend,

De minister van Financiën,

Wouter Bos

1: Kamerstukken 2006-2007, 28 165, nr. 62