Belangrijkste maatregelen in 2009 op het terrein van SZW

Zoveel mogelijk mensen (langer) aan het werk en daarnaast mensen die nu nog niet meedoen op de arbeidsmarkt stimuleren om aan de slag te gaan. Dit vormt de kern van de maatregelen die het kabinet in 2009 neemt. Zo wordt langer werken zowel voor werknemers als voor werkgevers financieel aantrekkelijker gemaakt. In de Wajong komt de nadruk te liggen op werk.

Arbeidsparticipatie algemeen

Rode draad voor het kabinet blijft het verhogen van de arbeidsparticipatie. Daarvoor neemt het kabinet in 2009 een aantal maatregelen.

  • De Centrale organisatie Werk en Inkomen (CWI) en het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) fuseren op 1 januari 2009. De gefuseerde organisatie gaat WERKbedrijf heten. De nieuwe organisatie gaat nauwer samenwerken met gemeenten en geïntegreerde dienstverlening aan al haar cliënten aanbieden.
  • In 2009 komen er in het land 97 locaties voor werk en inkomen (LWI’s). Het UWV en de gemeenten gaan daarin samen mensen aan de slag helpen. Werkgevers, werkzoekenden en uitkeringsgerechtigden hebben dan nog maar met één organisatie/aanspreekpunt te maken.
  • Om mensen aan het werk te helpen is regionale samenwerking en arbeidsmarktbeleid essentieel. Daarom wordt geïnvesteerd in de totstandkoming van regionale netwerken tussen de werkgevers(organisaties), onderwijsinstellingen en gemeenten en UWV.
  • Het kabinet zet in 2009 sterker in op ‘leven lang leren’. Belangrijke elementen zijn het erkennen van competenties via het Ervaringscertificaat (EVC), maatwerk in scholing, voorlichting aan werknemers en werkzoekenden; het aantal leerwerkloketten wordt in 2009 verhoogd van 16 naar zo’n 40 leerwerkloketten.
  • Gemeenten krijgen één bedrag om mensen te stimuleren deel te nemen aan inburgering, werk of scholing: het participatiebudget. Dit bundelt de drie bestaande budgetten voor re-integratie, inburgering en scholing. Het geld kan zo effectiever worden ingezet om mensen te helpen. Bij elkaar gaat het om ongeveer 2 miljard euro.
  • Gemeenten en UWV kunnen participatieplaatsen aanbieden aan bijstandsgerechtigden, mensen die minstens een jaar in de WW zitten en (gedeeltelijk) arbeidsongeschikten. Mensen doen zo twee jaar werkervaring op met behoud van uitkering. Ook krijgen ze scholing en een premie, zodat ze er ook financieel op vooruit gaan.
  • Het kabinet wil alleenstaande ouders met een uitkering in staat stellen zorg voor kinderen te combineren met scholing en hen tegelijkertijd stimuleren naar een zo goed mogelijke startpositie op de arbeidsmarkt. Alleenstaande ouders in de bijstand met kinderen jonger dan vijf jaar moeten straks scholing volgen of een stage om hun vaardigheden te onderhouden als ze vrijgesteld willen worden van de sollicitatieplicht.

Ouderen aan het werk

Ouderen kunnen en willen vaak werken, maar staan nog te veel langs de kant of stoppen eerder met werken. Het kabinet verwacht van werknemers dat ze investeren in hun inzetbaarheid, stimuleert hen langer door te werken en verwacht van werkgevers een mentaliteitsverandering ten opzichte van oudere werknemers. Het kabinet neemt verschillende maatregelen om de arbeidsparticipatie van ouderen te stimuleren.

  • Mensen die na hun 62ste blijven werken krijgen een belastingvoordeel, de zogenoemde doorwerkbonus. Die geldt ook als ze doorwerken na hun 65ste. Per gewerkt jaar krijgen betrokkenen een belastingvoordeel. De hoogte daarvan varieert met het inkomen en de leeftijd, en bedraagt maximaal 4591 €.
  • Werknemers die na hun 65ste willen doorwerken, kunnen hun AOW (maximaal vijf jaar) later laten ingaan. Zij ontvangen dan een hogere AOW-uitkering. Mensen kunnen de AOW ook gedeeltelijk ontvangen.
  • Werkgevers die een 50-plusser met een uitkering aannemen, krijgen daarvoor drie jaar lang een korting van 6500 € op de WW- en arbeidsongeschiktheidspremies.
  • Werkgevers die een werknemer van 62 of ouder in dienst houden, krijgen drie jaar lang 2750 € premiekorting per jaar en vanaf 2013 6500 € per jaar.
  • Het kabinet overweegt een tijdelijke ‘no risk polis’ in te voeren die werkgevers tegemoet komt in de kosten van loondoorbetaling bij ziekte wanneer zij WW’ers van 55 jaar en ouder in dienst nemen.

Mensen met een beperking aan het werk

Mensen met een beperking willen en kunnen vaak gewoon meedoen, ook werken. Toch staan velen nog onnodig langs de kant.

  • In de Wajong (jonggehandicapten) komt de nadruk te liggen op werk. Wie kan werken, krijgt hulp bij het vinden van een baan. Het kabinet trekt voor extra begeleiding en ondersteuning naar werk in 2009 45 miljoen euro extra uit.

Koopkracht

Het koopkrachtbeeld voor 2009 is over het algemeen positief. De lage inflatie in combinatie met een relatief hoge contractloonstijging (hoger dan in 2007) zorgt voor een gunstige koopkrachtontwikkeling. Naast de loonontwikkeling en de prijsontwikkeling wordt de koopkracht ook bepaald door maatregelen die het kabinet neemt. Het kabinet heeft besloten in 2009 een forse lastenverlichting te geven.

De koopkracht van werknemers en gezinnen met kinderen zal in het algemeen in 2009 stijgen. De financiële crisis zal dit positieve effect voor de meeste mensen versterken, doordat de inflatie waarschijnlijk lager is dan verwacht.

Loonstrookje

De positieve koopkrachtontwikkeling is ook zichtbaar op het loonstrookje door de verlaging van de WW-premie voor werknemers naar nul procent. Daarnaast zien de meeste werknemers hun cao-loon stijgen. De uitkeringen worden op 1 januari (en 1 juli) gekoppeld aan de gemiddelde contractloonstijging.


Specifieke koopkrachtmaatregelen voor 2009

  • WW-premie voor werknemers wordt met 3,5 procent verlaagd naar 0 procent.
  • Werknemers met een laag of middeninkomen krijgen maximaal € 24 per maand meer arbeidskorting dan hogere inkomens. Daarnaast wordt in 2009 de inkomensafhankelijke arbeidskorting met maximaal € 36 per maand verhoogd.
  • De inkomensafhankelijke combinatiekorting voor alleenstaande ouders en tweeverdieners met een kind onder de 12 jaar wordt verhoogd met € 1.006 en bedraagt maximaal € 1.765.
  • De koopkracht van huishoudens met meer dan 1 kind gaat erop vooruit door de vervanging van de kindertoeslag door het kindgebonden budget.
  • Ouderen met een AOW zonder aanvullend pensioen gaan er per saldo op vooruit door de verhoging van de ouderenkorting met € 166, de verhoging van de tegemoetkoming AOW met € 226 en de verlaging van de alleenstaande ouderenkorting met € 155. Wel verliezen ouderen het generieke ouderenforfait in de buitengewone uitgavenregeling.
  • Alleenstaanden met recht op zorgtoeslag gaan er volgend jaar in koopkracht op vooruit door de verhoging van de zorgtoeslag van alleenstaanden met maximaal € 124.
  • De algemene heffingskorting wordt verlaagd met € 67, de alleenstaande ouderkorting wordt verlaagd met € 557 en de combinatiekorting wordt afgeschaft.

Armoede en Schulden

  • In 2009 komt ruim € 66 miljoen beschikbaar voor armoedebestrijding en schuldhulpverlening van de € 350 miljoen in de hele kabinetsperiode.
  • De langdurigheidstoeslag wordt per 1 januari 2009 vanuit het Rijk overgeheveld naar de gemeenten. Gemeenten zijn voortaan zelf verantwoordelijk voor de invulling van de kerncriteria “langdurig” en “laag inkomen”, evenals voor de hoogte van de langdurigheidstoeslag. Zij kunnen zo nog beter een op re-integratie en bestrijding van armoede toegespitst beleid voeren.
  • Ook krijgen gemeenten ruimere mogelijkheden voor categoriale bijzondere bijstand bij gerichte ondersteuning van gezinnen met schoolgaande kinderen.
  • Het kabinet wil het aantal kinderen dat maatschappelijk niet mee kan doen als gevolg van de financiële omstandigheden van het gezin, deze kabinetsperiode met de helft terugbrengen. Met 202 gemeenten zijn daar inmiddels afspraken over gemaakt.

Voorkomen van schulden

  • Per 1 januari 2009 is wettelijk geregeld dat mensen automatisch hun gemeentelijke belastingen kwijtgescholden krijgen als te verwachten is dat ze daarvoor in aanmerking blijven komen.
  • In de loop van 2009 komt er een betere registratie van schulden en betalingsachterstanden bij het nieuwe landelijk informatiecentrum schulden (LIS). Doordat meer bekend is over de kredietwaardigheid van mensen kan worden voorkomen dat mensen te veel lenen.
  • Per 1 januari 2009 worden onder verantwoordelijkheid van het ministerie van Financiën de regels voor kredietreclames aangescherpt. Reclames worden voorzien van een waarschuwing.