Vakbondsrechten zijn belangrijk element in mensenrechten

Een hele ochtend trok hij ervoor uit, en ook nog een stuk van de middag. Mensenrechtenambassadeur Arjan Hamburger van het ministerie van Buitenlandse Zaken was eind mei op bezoek bij FNV Mondiaal om zich te laten informeren over de vakbondsrechtensituatie in verschillende landen. Hij noemde de ontmoeting “ heel informatief” en beloofde de samenwerking voort te zetten. Na afloop sprak MM met hem.

Gelegenheid:

Welke plaats hebben vakbondsrechten in het Nederlandse mensenrechtenbeleid?

“Dat is altijd een belangrijk element geweest. Er bestaat al lang een stevig door Buitenlandse Zaken meegefinancierd vakbondsprogramma van de FNV en het CNV en dat blijft bestaan. In het beleid van de ministers Verhagen en Koenders, komen vakbondsrechten impliciet en expliciet terug. Het gaat hierin niet alleen om economische rechten, maar ook om recht op vrijheid van meningsuiting en vrijheid van organiseren.

“Mensenrechten staan bij de Nederlandse regering hoog op de agenda. De tijd dat mensenrechten een luxe aanhangsel was, is echt voorbij. Belangrijk is niet alleen de morele kant van mensenrechten, maar ook het wederzijds belang dat respect voor mensenrechten bijdraagt aan stabiliteit in landen.”

Wat is uw indruk van deze ochtend kennismaking met het werk van FNV Mondiaal?

“Ik vond het een heel informatieve bijeenkomst. Samenwerken zullen we zeker blijven doen. Ik denk dat het ook goed is dat ik voordat ik op reis ga naar landen waar vakbondsrechten worden onderdrukt contact opneem met FNV Mondiaal en het CNV. Helaas zijn er nog flink wat landen waar vakbonden niet zijn toegestaan of als gevaar worden gezien en waar vakbondsleden het gevaar lopen uitgeschakeld te worden. Er valt dus nog heel wat te doen. We moeten proberen regeringen te overtuigen dat het hebben van een vakbeweging juist gezond is voor de democratie en sociaal economische ontwikkeling van een land.”

Wat doet u zelf in uw werk aan vakbondsrechten?

“Ik heb een reeks landen bezocht. Daar kijk ik steeds naar wat het heftigst speelt en wat Nederland kan bijdragen om het op te lossen. Soms heeft dat met vakbondsrechten te maken. In landen als China en Guatemala bespraken we zowel algemene problemen als individuele mensenrechtensituaties. In Guatemala is een vakbondsleider meerdere malen bedreigd en beschoten. Dat hebben we aangekaart bij de procureur-generaal en bij Binnenlandse Zaken van het land. We vragen om onderzoek, om tegengaan van straffeloosheid. We hopen dat dat enige invloed heeft. In China hebben we het recht op vakvereniging besproken en dan vooral over het belang van autonomie en vrijheid van een vakvereniging. Alle kleine beetjes helpen. Wij doen dat niet alleen, ook andere landen uit de EU, of de VS en Canada zwengelen vaak deze onderwerpen aan. Daarna hopen we op enige beweging.”

Wat kunt u betekenen voor FNV Mondiaal en haar partners?

“Ik heb hierin twee taken. Enerzijds kan ik in contact met andere landen vakbondsrechten aan de orde stellen. Anderzijds kan ik hier in Nederland contact onderhouden met FNV, aangeven waar onze ministers mee bezig zijn en de prioriteiten van de FNV aanhoren. Dat betekent voor beide partijen meer kennis en hopelijk ook betere resultaten in het veld.”

Wordt u ingeschakeld bij de uitvoering van het ontwikkelingssamenwerkingsprogramma van Nederland? Of geconsulteerd?

“Ja, als er mensenrechtenkwesties aan de orde zijn. Bij wijze van voorbeeld: We hebben net een delegatie uit Guatemala op bezoek gehad. Zij willen een SER-achtige constructie opzetten en daar zitten aspecten van vrijheid van vereniging aan vast. Bij zo’n gesprek ben ik aanwezig.”

De FNV vindt dat Nederland het ontwikkelingsprogramma voor Pakistan moet opschorten, totdat de Pakistaanse regering de ILO uitspraken opvolgt die er nu liggen over een aantal gevallen van arbeidsrechtenschendingen. Zoals het langlopende conflict rond het Pearl Continental Hotel waarbij de hotelfederatie met intimidatie, politiegeweld en gevangenneming van vakbondsleiders te maken heeft. Wat vindt u daarvan?

“Ik ken deze Pakistaanse vakbondssituatie onvoldoende. De Nederlandse regering heeft de ontwikkelingsrelatie met Pakistan opgeschort toen de onderdrukking groeide en de democratie ver te zoeken was. De situatie is na de verkiezingen weer verbeterd, dus is de relatie weer hervat. We kijken altijd naar: wat is effectief voor de mensenrechten in een land. Het is nu nog steeds niet koek en ei, maar die zaken bespreken we tijdens overleg.

“Onder het ESC-verdrag van de Verenigde Naties over de economische, sociale en culturele rechten komt binnenkort een protocol te hangen, waarin een klachtrecht is opgenomen voor individuele burgers.. Dat zal Pakistan ook hopelijk ondertekenen en biedt zo’n Protocol mogelijkheden. Het is wel jammer dat uitspraken binnen zo’n protocol niet bindend zijn.

“In elk geval zal ik de Pakistaanse case bekijken en bijvoorbeeld via ILO-kanalen en in nauw contact met Sociale Zaken proberen effectief aan te kaarten.”

Wat gaat u na vandaag concreet opvolgen op het gebied van arbeidsrechten?

“ Een van de acties kan zijn dat vakbondsrechten opgenomen worden in de nieuwe handleiding mensenrechten voor de Nederlandse ambassades. Maar minstens zo belangrijk is dat ik me er hard voor ga maken dat ook onze Europese partners op dezelfde lijn zitten. Daarmee worden in een klap de ambassades van alle aangesloten lidstaten bereikt. Verder houden we over een aantal individuele gevallen en landen contact.”

“Verder is een van de prioriteiten van Nederland het tegengaan van kinderarbeid in de wereld. De Europese Unie heeft dezer dagen, op initiatief van Verhagen, besloten om op korte termijn inzicht te krijgen in de allerergste vormen van kinderarbeid (zoals slavernij) en mogelijkheden om daar wat aan te doen.”

Astrid van Unen en Ruth Vermeulen