Beantwoording vragen van het lid Wilders over de veroordeling van de Syrische mensenrechtenactivist Anwar al-Bunni

Graag bied ik u hierbij de antwoorden aan op de schriftelijke vragen gesteld door het lid Wilders over de veroordeling van de Syrische mensenrechtenactivist Anwar al-Bunni. Deze vragen werden ingezonden op 27 april 2007 met kenmerk 2060713870.

De minister van Buitenlandse Zaken,
drs. M.J.M. Verhagen

Antwoord van de heer Verhagen, minister van Buitenlandse Zaken, op vragen van het lid Wilders (Partij van de Vrijheid) over de veroordeling van de Syrische mensenrechtenactivist Anwar al-Bunni.

Vraag 1
Bent u bekend met het bericht “Vijf jaar cel voor Syrische activist”? 1

Antwoord
Ja.

Vraag 2
Deelt u de mening dat het verwerpelijk is dat de Syrische autoriteiten Al-Bunni hebben gearresteerd omdat hij een verklaring ondertekende waarin de Syrische houding ten opzichte van Libanon werd bekritiseerd? Zo neen, waarom niet?

Antwoord
De aanhouding van de heer Al Bunni, samen met een tiental anderen, op beschuldiging van ondertekening van de zogenoemde Damascus-Beiroet verklaring in mei 2006, acht ik zorgwekkend.

Vraag 3
Deelt u de mening dat het verwerpelijk is dat Al-Bunni mede werd veroordeeld vanwege het leiding geven aan een mede door de Europese Unie ondersteunde Syrische mensenrechtenorganisatie die één maand na de oprichting door Syrische autoriteiten is gesloten? Zo neen, waarom niet?

Antwoord
De heer Al Bunni was korte tijd directeur van het door de Europese Commissie gefinancierde "Civil Society Training Centre". Dit centrum werd voorjaar 2006, in aanwezigheid van onder andere de Nederlandse ambassadeur, door de Oostenrijkse ambassadeur die op dat moment het EU-voorzitterschap vertegenwoordigde geopend. Een week later werd het centrum gesloten, omdat er volgens de Syrische autoriteiten voor de oprichting ervan geen toestemming gegeven was. Ik betreur ten zeerste dat de heer Al-Bunni mede is veroordeeld op basis van zijn betrokkenheid bij het centrum.

Vraag 4
Deelt u de zorgen over de verharding van het Syrische overheidsoptreden tegen mensenrechtenactivisten? Zo neen, waarom niet?

Antwoord
Ja.

Vraag 5
Gaat u de veroordeling van Al-Bunni bilateraal dan wel in EU-verband bij de Syrische autoriteiten aan de orde stellen? Zo neen, waarom niet? Gaat u zich sterk maken voor zijn vrijlating? Zo neen, waarom niet?

Antwoord
Samen met andere EU-vertegenwoordigers heeft een medewerker van de Nederlandse ambassade het proces van de heer Al-Bunni bijgewoond. Ook heeft het Duitse EU-voorzitterschap op 24 april jl. een verklaring uitgegeven, waarin zorg wordt uitgesproken over de veroordeling en de Syrische overheid wordt opgeroepen de mensenrechten na te leven. Nederland zal zich er voor inspannen dat de Europese Unie ter zake alert blijft en zich actief in blijft zetten voor de heer Al-Bunni en andere Syrische mensenrechtenactivisten, zoals Michael Kilo en Kamal Labwani die eveneens gevangen zitten en in afwachting zijn van een uitspraak van de rechter.

1: De Volkskrant, 25 april 2007