Beantwoording vragen van de leden Wilders en De Roon over martelpraktijken in de Palestijnse Gebieden

Graag bieden wij u hierbij de antwoorden aan op de schriftelijke vragen gesteld door de leden Wilders en De Roon over martelpraktijken in de Palestijnse Gebieden. Deze vragen werden ingezonden op 30 juli 2008 met kenmerk 2070826500.

De minister van Buitenlandse Zaken,

Drs. M.J.M. Verhagen

De minister voor Ontwikkelingssamenwerking,

Drs. A.G. Koenders

Antwoorden van de heer Verhagen, minister van Buitenlandse Zaken en de heer Koenders, minister voor Ontwikkelingssamenwerking, op vragen van de leden Wilders en De Roon (PVV) over martelpraktijken in de Palestijnse Gebieden.

Vraag 1

Bent u bekend met het bericht ‘Martelingen in Palestijnse gebieden’? 1)

Antwoord

Ja.

Vraag 2

Deelt u de afschuw over het feit dat in de Palestijnse gebieden door zowel Fatah als Hamas verdachten op grote schaal worden (dood)gemarteld? Bent u bereid bij Mahmoud Abbas aan te dringen op het stoppen van deze gewetenloze praktijken en de mensenrechten te respecteren? Zo neen, waarom niet?

Antwoord

Ja, zoals in de mensenrechtenstrategie (Kamerstuk 2007-2008, 31263, nr. 1) is benadrukt, acht de regering vrijwaring van marteling een absolute mensenrechtennorm, waaraan onder geen enkele omstandigheid getornd mag worden. Nederland zet zich daarom bilateraal, in EU- en VN-verband en door middel van steun aan NGO’s in om zoveel mogelijk landen ertoe te bewegen om marteling uit te bannen. Deze inzet geldt ook voor de Palestijnse Gebieden.

De minister van Buitenlandse Zaken heeft bij zijn bezoeken aan de Palestijnse Gebieden de Palestijnse Autoriteit steeds opgeroepen de mensenrechten te respecteren. Zo is tijdens het bezoek in januari van dit jaar speciale zorg uitgesproken over de gewelddadige wijze waarop de Palestijnse politie was opgetreden tegen demonstranten en tijdens het bezoek in mei van dit jaar is bij premier Fayyad gepleit tegen de tenuitvoerlegging van een doodvonnis.

Ook naar aanleiding van de meest recente berichten over martelingen door Fatah en Hamas zal de Palestijnse Autoriteit worden aangesproken op haar verantwoordelijkheid ten aanzien van mensenrechten. Nederland zal daartoe in het gelijkgezindenoverleg inzake mensenrechten in Ramallah deze berichten aan de orde stellen.

De internationale gemeenschap heeft de martelingen reeds diverse malen aangekaart bij de Palestijnse Autoriteit op de Westelijke Jordaanoever, maar heeft geen contact met Hamas in Gaza. De officiële positie van de Palestijnse Autoriteit is dat martelingen verboden zijn en dat veiligheidsdiensten zich aan de wet moeten houden. In een aantal zaken is onderzoek ingesteld, maar dat heeft tot op heden niet tot resultaten geleid.

Vraag 3

Bent u vanwege deze martelingen bereid bij de internationale gemeenschap te pleiten voor het intrekken van de toegezegde 8 miljard dollar aan de door Mahmoud Abbas geleide Palestijnse autoriteit? Zo neen, waarom niet?

Vraag 4

Bent u bereid alle Nederlandse ontwikkelingshulp - direct en indirect via NGO’s - aan de Palestijnse autoriteit onmiddellijk stop te zetten? Zo neen, waarom niet?

Antwoord

Bevordering van het respect voor de mensenrechten is een belangrijk doel van de steun die Nederland aan de Palestijnse Gebieden geeft. Het is een van de drijfveren achter de speciale aandacht die Nederland schenkt aan de verbetering van de justitiële sector in de Palestijnse Gebieden. Verbetering van de strafrechtketen, van openbare aanklager tot en met het gevangeniswezen, zal een essentiële bijdrage leveren aan verbetering van de naleving van de mensenrechten, zoals wij beiden ook hebben benadrukt tijdens de recente internationale conferentie in Berlijn (23-24 juni 2008) ten behoeve van de Palestijnse civiele veiligheidssector.

De regering is dan ook niet voornemens Nederlandse steun stop te zetten of om te pleiten voor het intrekken van de steun aan de Palestijnse Autoriteit, ook niet voor de steun die is toegezegd tijdens de internationale donorconferentie die in december van 2007 in Parijs is gehouden, aangezien de Nederlandse steun juist bijdraagt aan het verbeteren van naleving van de mensenrechten in de Palestijnse Gebieden.

1) NOS Teletekst, 28 juli 2008