Beantwoording vragen van het lid Van der Staaij over sluiting van ruim 132 kerken in Colombia

Graag bied ik u hierbij de antwoorden aan op de schriftelijke vragen gesteld door het lid Van der Staaij over sluiting van ruim 132 kerken in Colombia. Deze vragen werden ingezonden op 9 juni 2008 met kenmerk 2070822240.

De minister van Buitenlandse Zaken,
Drs. M.J.M. Verhagen

Antwoorden van de heer Verhagen, minister van Buitenlandse Zaken, op vragen van het lid Van der Staaij (SGP) over sluiting van ruim 132 kerken in Colombia.

Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht dat sinds 2004 in Colombia ruim 132 kerken zijn gesloten door linkse rebellengroepen en rechtse paramilitairen? 1)

Antwoord
Ja.

Vraag 2
Is hier in uw ogen sprake van een trend of is dit een onverwachte toename van agressie jegens kerken en christenen in gebieden die door guerrillastrijders worden beheerst?

Antwoord
Er zijn geen exacte data beschikbaar over agressie tegen kerken en christenen in Colombia. Verschillende organisaties gebruiken verschillende meetmethodes en referentiepunten. Bovendien is er sprake van onderrapportage: incidenten worden niet gerapporteerd uit angst voor de agressoren. Ook doen veel kerkleiders geen aangifte bij overheidsinstanties vanwege hun pacifistische overtuigingen. Het is daarom moeilijk betrouwbare uitspraken te doen over tendensen in deze problematiek. De beschikbare informatie wijst echter op een gelijkblijvend of zelfs dalend niveau van agressie. Volgens nog onbevestigde berichten zijn de laatse maanden tientallen kerken weer heropend als gevolg van terreinwinst van Colombiaanse strijdkrachten op de FARC.

Vraag 3
Hoe verklaart u deze gewelddadige acties richting kerken?

Antwoord
Kerken spelen een belangrijke rol in het sociale en maatschappelijke leven in Colombia. De positie die sommige kerkleiders innemen tegen illegaal gewapende groeperingen, het gebruik van geweld, de verbouw van coca, ontvoeringen, afpersing en wat dies meer zij wordt, juist door de grote invloed van deze personen op de gemeenschap, niet op prijs gesteld door genoemde groeperingen.

Als gevolg van de orthodox-Marxistische denkbeelden van de FARC zou sprake zijn van aversie van deze groep tegen de kerk en/of het Christendom zelf. Het is echter onduidelijk of deze aversie tot directe agressie geleid heeft. De beschikbare gegevens wijzen daar niet op. De agressie is niet systematisch tegen alle kerken of alle christenen gericht maar op individuen of groepen die – in de ogen van illegaal gewapende groeperingen - een bedreiging vormen voor hun machtspositie en invloed op de gemeenschap. De oorzaak van de agressie jegens kerken moet dus niet gezocht worden in religieuze discriminatie, maar eerder in de oorlogslogica van het intern gewapende conflict in Colombia en (mensenrechten) activiteiten van aan de kerk verbonden individuen.

Vraag 4
Welke mate van godsdienstvrijheid bestaat er in de betreffende gebieden voor christenen? Is er primair sprake van acties richting kerken of is er ook sprake van concrete vervolging van christenen binnen de gebieden die worden beheerst door de guerrillabeweging (FARC)?

Antwoord
In sommige gebieden waar de Colombiaanse staat weinig controle heeft over het territorium hebben illegale, gewapende groeperingen kerken gesloten en/of religieuze bijeenkomsten verboden. Het recht om met anderen in het openbaar de eredienst te belijden wordt in deze gevallen niet eerbiedigd. Er zijn echter geen gevallen bekend waarin het recht op vrijheid van gedachten, geweten en godsdienst of verandering van godsdienst werd aangetast, noch dat op praktische toepassing of het inachtnemen van geboden en voorschriften.

Er is primair sprake van acties richting kerken en individuele christenen die zich bezighouden met activiteiten die zich tegen illegaal gewapende groeperingen richten. Er is geen sprake van concrete vervolging van christenen als groep.

Vraag 5
Welke mogelijkheden ziet u – ook in internationaal verband – om deze kwalijke ontwikkeling tegen te gaan en godsdienstvrijheid in deze gebieden te bevorderen?

Antwoord
De agressie tegen kerken en christenen wordt niet veroorzaakt door religieuze discriminatie maar is direct gerelateerd aan het intern gewapende conflict in Colombia. Het fenomeen kan daarom tegengegaan worden door bij te blijven dragen aan initiatieven die kunnen leiden tot vrede en een oplossing van het intern gewapende conflict.

1) www.opendoors.nl, 4 juni 2008